AFTELLEN NAAR 31 DECEMBER 2019, 18:00u!

  •  Vorige
  • 1
  • 2(current)
  • 3
  • 4
  • 5
  • ...
  • 10
  • Volgende 
Waardering:
  • 1 stemmen - gemiddelde waardering is 5
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
Het grote vuurwerkverhalen topic!
#16
Denk dat iedereen dat nog wel weet haha.
Hij ging ze weer opzoeken melde hij in de eerste pagina.
Voor al je vuurwerkinfo!

https://www.avpvuurwerk.nl 


Het loopt altijd af met een sisser... Whistling 
[-]
  •
Voeg bedankje toe Antwoord

#17
Hierbij deel I van mijn verhaal uit 2007:

Het was acht uur 's avonds, 27 December 2007. Nog heel even en het vuurwerk zou weer in de verkoop gaan. Over veertien uur om precies te zijn. Momenteel zat ik naast mijn vader in onze Volkswagen die zich met een gestaag gangetje een weg zocht over de besneeuwde weg richting Zuidhorn. Ik luisterde met een half oor naar mijn MP3 speler, Until the day I die van Story of the Year. Ik wierp een blik op de besneeuwde weg. Mijn vader trapte de rem in om wat vaart te minderen voor een strooiwagen die voor ons reed. Na de bocht trapte hij het gas weer in om hem in te halen. Het oranje licht dat bovenop de wagen stond flitste fel en maakte de wat donkere weg wat lichter. Ik wierp een blik uit het raam en meende wat mensen te zien op het nabijgelegen weiland. Na een kort moment schoot een vuurpijl de lucht in en tekende een prachtig boeket. 'Netjes!'
Mijn vader knikte even en richtte zijn aandacht weer op de weg.

Het landschap veranderde weinig en ik liet mijn MP3 overspringen naar Last Train Home van Lost Prophets. Ik liet me meevoeren door de muziek en werd me pas weer bewust van mijn omgeving toen het nummer een minuut of vier later was afgelopen. We hadden onze bestemming bijna bereikt. Het huis van mijn beste vriend, Martin. Die oudjaar bij ons thuis zou vieren. Voorzichtig remde mijn vader af en bracht de auto voor Martin's huis tot stilstand.
'Wacht even.'
Mijn vader die al was uitgestapt hield halt.
'Ik zal even laten weten dat we er zijn.'
'Wat is er gebeurd met de deurbel?' vroeg mijn vader droog.
Ik lachte en haalde een nitraat uit mijn broekzak, ik had expres eentje meegenomen. Uit mijn andere zak toverde ik een aansteker waarna ik het lontje aanstak en het stuk vuurwerk weggooide. 'Dit is leuker,' zei ik waarna ik een flits zag die gevolgd werd door een harde knal. Heerlijk die geur en het vuurwerk zelf.

Bij Martin ging de voordeur open en kwam hij naar buiten lopen.
'Ik dacht al dat ik wat hoorde,' begroette hij ons. 'Leuke binnenkomer.'
'Weet ik,' grijnsde ik terug.
We volgden hem naar binnen. Zijn ouders begroetten ons en ik volgde Martin naar boven. Op zijn kamer sloot hij zijn PC af en pakte hij zijn tas en slaapzak. Ik nam de slaapzak van hem over en denderde twee trappen af. Beneden struikelde ik bijna over hun hond waardoor ik me staande moest houden tegen de voordeur die gelijk daarna geopend werd door Martin's broertje. Helaas was ik toch iets te zwaar dus kon hij de deur niet open krijgen. Snel stapte ik aan de kant om hem binnen te laten. 'Sorry.'
'Coen!' Martin's broertje was blij om me te zien.
'Hoi.'
Martin duwde me naar buiten en volgde me daarna. Zodra ik een stap buiten de deur zette voelde ik de koude lucht tegen mijn kleren. Ik scheen doordrongen te worden van de kou met alleen een t-shirt met lange mouwen en een lange broek aan was het fris. Martin maakte de achterklep van onze auto open.
'Dat doe je knap. Magische vingers?'
Martin keek me aan en lachte waarna hij onze autosleutel omhoog hield. 'Gekregen van je vader,' antwoordde hij.
'Oké, wanneer...' mijn vraag werd onderbroken door een serie harde knallen die door de straat gingen.
'Ik was het niet.'
Martin en ik liepen naar de hoek van de straat in een poging de mensen te vinden. Dit lukte helaas niet.

Ook mijn vader kwam weer naar buiten lopen waarna Martin en ik snel de auto in stapten. Het vroor tien graden en we waren zonder jas naar buiten gegaan. 'Shit, nog even mijn jas pakken.' Martin vloog de auto weer uit en kwam snel terug met zijn jas die hij in de achterbak gooide. Hij ging naast me op de achterbank zitten en zwaaide naar zijn ouders die blauwbekkend naast de auto stonden. 'Veel plezier,' riepen die.
'Zal wel lukken.'

De terugweg verliep een stuk prettiger dan de heenweg. Martin en ik praatten honderduit. 'Wat heb je allemaal besteld?' vroeg hij zodra mijn vader het gas in trapte.
'Van alles. Natuurlijk het gebruikelijke kleine spul zoals de onmisbare rotjes en babypijltjes maar ook een paar cakes en pijlen. Twisters en jumping jacks. Ik heb dit jaar ook Thunderkings genomen. Die lijken me echt vet.'
'Zijn ze,' knikte Martin. 'Een klasgenoot van mij had ze ook. Die dingen gaan echt hard.'
Tevreden leunde ik wat meer achterover tegen de rugleuning. 'Heb jij nog wat meegenomen?'
Martin schudde zijn hoofd. 'Heb niet echt veel meegenomen. Wel besteld op de site van jullie dealer.'
Verbaasd keek ik hem aan met mijn mond half open. 'Te gek!'
Martin's ogen glansden. 'En ik heb natuurlijk nog wat spul van vorig jaar meegenomen. Komt Daan ook?'

Daan is mijn neef waar ik ook ieder jaar oud en nieuw mee vier. Samen met mijn broertje Ben en mijn overbuurjongen Sander genieten we meestal van de tijd voor 31 december. 'Die komt de 31ste.'
'Cool.'
Voor ons werd nog een vuurpijl de lucht in geschoten met een ongelooflijke herrie.
'Lawinepijl,' merkte Martin op.
De rest van de terugreis keken we uit naar meer vuurwerk. Dit kwam helaas niet.

Bij mij thuis stapten we uit. Het sneeuwde ondertussen weer en de laag sneeuw bij ons op de oprit werd gekenmerkt door voetstappen en delen waar de sneeuw was weggegrist voor een sneeuwballen gevecht. Op de muur zaten verschillende witte sneeuwhoopjes. 'Dat is wel even wat anders dan bij ons,' merkte Martin op. Hij doelde op het geluid dat in de buurt te horen was. Overal werd geknald en een moment van stilte was zeldzaam. Hoewel de knallen meestal slechts in de verte hoorbaar waren zat de sfeer er toch al in.
'Laten we even meedoen.'
'Heb je er nog een mee?' mijn vader kwam de garage uitlopen en deed de achterbak open.
Ik knikte waarna ik het stuk nitraat weggooide en wat afstand nam. De knal en kruidgeur waren heerlijk en brachten de stemming er lekker in.
'Heb je ook nog pijlen?'
Ik schudde mijn hoofd en pakte de slaapzak van Martin uit de achterbak.
'Morgen,' antwoordde ik.
'Gaan we dan halen?'
'Tuurlijk. Gelijk erop lijkt me.'
Martin knikte. Achter hem werd de wereld verlicht door een lichtkogel die was afgevuurd. 'Kijk achter je!'
Onmiddellijk draaide hij zich om. 'Vet!'
'Komen jullie nog of zal ik morgen met heet water en een spatel terug komen om jullie van de afrit te schrapen?' riep mijn vader.
'We komen!' riep ik terug.

Snel liepen we naar binnen. Want we waren, alweer, zonder jas buiten en dat was best koud. Martin begroette mijn moeder en broertje waarna hij zich over Maran, onze labrador heen boog om die aan te halen. 'Laten we je spullen maar gelijk naar boven brengen.'
Samen liepen we de trap op waarna we de trap naar de zolder namen. Op mijn kamer stopte ik de stekker van mijn kerst/oud en nieuw verlichting in het stopcontact en de kamer werd gekleurd door verscheidene kleuren licht.
'Stijlvol,' Martin zette zijn tas op de grond naast zijn slaapzak om mij daarna naar beneden te volgen. Even later zeulden we een matras de trap op en waren we weer op mijn kamer.

'Best koud hier,' Martin rilde even en legde zijn slaapzak over op het matras.
Ik knikte, 'Heb de verwarming niet aangedaan. Vond het niet nodig. 's Nachts lig je toch onder de dekens.'
'Niet als je..' Martin werd onderbroken door een knal. 'Dat was hier vlak achter!'
Tegelijkertijd doken we naar mijn raam waarin we de kerstlichtjes weerspiegeld zagen. Snel trok ik de stekker eruit zodat we beter zicht hadden. Helaas waren de daders al weg. 'We antwoorden even.' Martin haalde een nitraat uit zijn broekzak en nam mijn aansteker aan. Ik opende het raam terwijl hij het lontje aanstak en het stuk vuurwerk naar buiten gooide. Het kwam in onze achtertuin terecht. Midden in onze heg. 'O shit, zul je zo mijn ouders horen.' Ik was nog maar net uitgesproken toen het vuurwerk afging. De sneeuw die op de heg lag schoot alle kanten op en de heg scheen op een gekke manier nog wat na te roken.
'Het valt mee geloof ik.'
'Hoop het.'
'Hé apies!' Sander kwam de trap op lopen en viel mijn kamer binnen, 'Jullie komen wel even buiten voor een sneeuwballengevecht, niet?'
Ik wierp een blik op mijn klok die kwart voor negen aanwees.
'Best.'

We volgden hem naar buiten na ons voorzien te hebben van handschoenen en warme jassen. De sneeuw knerpte onder mijn voeten en bleef aan mijn schoenen plakken. Heerlijke sneeuw voor een sneeuwballengevecht. De eerste sneeuwbal van Sander miste me op een haar na. Snel graaide ik een hand vol en gooide terug.

Het duurde niet lang voor we gezelschap kregen van andere, helaas wat kleinere, kinderen die ook nog buiten waren. Noodgedwongen deden we wat rustiger aan waardoor we weer wat meer op de omgeving letten. Mede hierdoor merkten we een vuurpijl op die de lucht in ging, niet ver van ons vandaan.
'Wow!' Iedereen staakte zijn gevecht om naar de pijl te kijken. Martin, Sander en ik wisselden een blik van verstandhouding uit. Het was weer zo ver! Morgen konden wij ook. Het mocht dan wel niet, maar ach. Als je het goed genoeg timede dan kon er weinig misgaan.

Achter ons klonk de claxon van een auto. Toen ik me omdraaide zag ik een politieauto de straat in draaien. De agenten keken ons vriendelijk aan en reden verder. 'Die komen zo wel weer langs,' merkte Martin op.
'Weinig afsteken dan.'
'Heb toch niks bij me,' antwoordde ik toen Sander me aankeek. Voor de verandering had ik niets meegenomen. Dit was meer pech, of geluk in dit geval wie weet, dan opzet.

'Laten we even een stuk lopen. Het is vet lekker weer.'
Martin en ik knikten. Sander had gelijk. Natuurlijk was het lekker weer. Volop winter en vuurwerkgeluiden in the air. Wat wil een mens nog meer?
'Hoe laat gaan jullie vuurwerk halen?' vroeg Sander. Hij schopte een hoopje sneeuw weg om er achter te komen dat iemand er een steen in had gedaan. Gelukkig had hij niet hard getrapt en was er niets mis. 'Shitgrap.'
Martin knikte.
'Ik weet het nog niet.' antwoordde hij. 'Coen?' hij keek me aan.
'Euhm, het is mij om het even.'

Ons vuurwerk was besteld bij de lokale videotheek. Het is er nooit echt druk en dus zijn we niet aan tijd gebonden. Bovendien was ons vuurwerk weken van tevoren besteld en hadden we zeker weten onze tassen vol vuurwerk. Ik was eerder vandaag even naar de videotheek geweest om vooruit te betalen. Ik kon morgen gewoon naar binnen stappen en mijn vuurwerk halen. Waarna ik in een noodvaart weer naar huis kon om alles uit te stallen en alvast wat dingetjes aan te steken.

'Coen!?'
'O euhm,' ik schrok op uit mijn gedachten, 'Uurtje of elf?' vroeg ik aarzelend.
Vakantie en vroeg opstaan gaan voor mij niet samen. Ook was de controle vroeg nog streng dus konden we op een vroeg tijdstip weinig afsteken.
'Lijkt me goed. Ik kom wel langs.'
'Okee.'
'Zeg,' merkte Martin op, 'We lopen hier nu al een tijdje maar er valt weinig sier te zien. Laten we naar binnen gaan.'
'Groot gelijk, Martinus,' Sander klopte hem plechtig op de schouder.
'Okee,' stemde ook ik in. 'Laten we bij mij een biertje nemen.'

Met z'n drieën liepen we weer terug. De politieauto kwamen we weer tegen, zoals reeds voorspeld. Ik opende de voordeur en klopte de sneeuw van mijn schoenen. De jas ging aan de kapstok en de handschoenen op de verwarming, waarna ik naar de woonkamer liep en mijn ouders begroette.
'Biertje, jongens?' vroeg mijn vader.
'Graag.'
Hij liep naar de keuken, gevolgd door mij. Zelf pakte ik drie flessen bier en drie glazen terwijl mijn vader een flessenopener en wat chips pakte. In de kamer zette ik het spul neer. Martin opende gelijk zijn fles en evenals Sander schonk hij zichzelf een biertje in en nam een slok.
'Hèhè. Daar was ik aan toe.'
'Tuurlijk!' Ik ging naast hem zitten en schonk ook mijn glas vol.
Voor ons bij het raam ging weer een pijl de lucht in. Het hele gezin stond voor het raam de pijl te bewonderen. Oud en nieuw was echt weer onderweg en nam steeds grotere passen.
[-] De volgende 9 gebruikers zeggen bedankt Coen voor dit bericht:
  • Breeze, brl-scv, Chey, Haruna, Mav, Mjd, mrRed, Robin, Vlinderbommetje
Voeg bedankje toe Antwoord
#18
Heerlijk om al die verhalen weer te lezen! Thumbsup   Met name die van Coen stonden me nog vrij helder voor de geest.
[-]
  •
Voeg bedankje toe Antwoord
#19
Deel II:

'Ik kan echt niet wachten tot morgen.'
'Tot vanochtend,' verbeterde ik Martin. Een blik op de klok leverde de tijd op, een uur 's nachts. Ik pakte mijn glas en nam een slok. Mijn flesje bier was leeg.
'Niets voor jou om er zo lang op te teren,' merkte Martin op.
'Ach ja, oud en nieuw hè.'
'Dat zal,' knikte hij. 'Laten we naar boven gaan. Anders zijn we morgen helemaal doodop.'
'Je hebt gelijk.'
'Kom.'

We liepen zachtjes de trap op en dempten onze stemmen zodat mijn ouders niet wakker zouden worden. Snel poetsten we onze tanden en gingen we naar mijn kamer. Ik kroop in mijn bed en Martin ging in zijn slaapzak liggen. 'Zo. Nu wachten tot morgen.'
'Ik ben wel van plan om te gaan slapen,' merkte hij op.
'Natuurlijk,' fluisterde ik terug. 'O shit,' ik kwam weer overeind uit mijn bed en liep naar mijn wekker.
'Wat?'
'Moet de wekker nog zetten.'
'Ah, hoe laat zet je hem?'
'Half tien.'
Snel drukte ik de knopjes in tot mijn wekker op 09:30 stond en ik weer mijn bed in kon duiken. Het was best fris op mijn kamer. 'Trusten.'
'Slaap ze,' fluisterde Martin terug.

28 December begon met het gegil van mijn wekker.
Ik schoot uit mijn bed en drukte een knop in op mijn wekker waarna ik snel het bed weer in schoot. Het was echt KOUD op mijn kamer. Martin draaide zich om in zijn slaapzak en rekte zich uit om vervolgens meteen weer zijn handen in zijn slaapzak te laten verdwijnen. 'Koud.'
'Weet ik.' Zelf stond ik op en negeerde de kou die gelijk beslag legde op mijn blote armen en benen. Ik trok de gordijnen open en keek neer op een wit sneeuwlandschap. Hier en daar waren wat voetsporen maar voor het grootste gedeelte was de sneeuw nog gaaf. 'Laten we ons aankleden.' Martin was ook uit bed gekomen en was al bezig. Binnen tien minuten waren we aangekleed en liepen we de trap af naar de douche. Nadat we ons haar hadden gedaan gingen we naar beneden om Maran, mijn zwarte labrador, te begroeten en om wat te eten. Terwijl Martin een bak melk in de magnetron zette liep ik naar de kamer om mijn lijst nog eens te controleren.

Ik had de vorige avond alles op de plank gelegd. De tafel was een betere plek geweest maar Maran heeft de neiging dingen van de tafel te jatten en omdat ik mijn vuurwerk alleen meekreeg op vertoon van een bonnetje had ik besloten het kostbare stukje papier maar op de plank te leggen zodat de grijpgrage tanden van Maran buiten bereik van mijn pleziergarantie werden gehouden.

'Je kunt. Mijn bak is warm,' Martin kwam de kamer in lopen met een kom Brinta. Voor de mensen die niet weten wat het is, Brinta is gewoon pap. Ik dacht terug aan het onderzoek dat ik een half jaar terug had gehad. TRAILS genaamd. Iets met jongeren. De mensen daar wisten niet wat Brinta was, de sukkels, dus leg ik het voor jullie even uit. Kokhals rustig als je wilt maar ik eet het vooral omdat er veel in zit en het vlug is. Martin doet gewoon mee. Want het spul is zowaar binnen te houden.

In de keuken zette ik een kom melk in de magnetron en zette het klokje op twee minuut tien. Een rare tijd, ik weet het, maar met twee minuten is zo'n kom melk net niet warm genoeg naar mijn zin. En dus doe ik er tien seconden bij. Mijn melk was binnen de kortste keren warm en de pap binnen de kortste keren op.

'Het is nu half elf,' zei Martin. 'Zullen we kijken of Sander al klaar is?'
'Best.' Ik stond op en liep naar de gang om mijn schoenen en jas aan te trekken. Martin liep nog naar de achterdeur om bij de thermometer te kijken hoe warm het was. 'Min vier,' zei hij toen ik hem vragend aankeek.
'Valt nog mee.'
'Klopt,' knikte hij. 'Kom, naar buiten.'
'Wacht!'
'Wat?'
'Onze bonnetjes enzo.'
'Ohja.' Martin volgde me terug de kamer in waar we onze bonnetjes en portemonnees pakten. 'ID-bewijs bij je?'
'Zeker,' antwoordde Martin.
'Kom op dan.

We liepen de knerpende sneeuw in en staken over naar Sander. Die stond in de keuken en zag ons aankomen. Hij stak zijn hand op en liep naar de deur.
'Goede morgen,' zei hij vrolijk toen hij de deur opende. 'Hoe is het vandaag met de heren?'
'Goed natuurlijk.' Martin stapte naar binnen gevolgd door mij. 'Ben je al klaar?' vroeg ik hem.
'Ik zat op jullie te wachten. Ik drink alleen mijn thee nog even op.'
Snel sloeg Sander zijn kop thee achterover en sprong overeind.
'Kom,' zei hij, 'Laten we maar gaan.'
Snel liep hij naar de gang om zichzelf te voorzien van warme kleren en niet lang daarna liepen we naar buiten om ons vuurwerk te halen!

'Hoeveel hebben jullie besteld?' vroeg Sander die naast ons in de sneeuw liep.
'Genoeg om een heel leger te voorzien,' grijnsde Martin hem toe. 'En dan hebben we nog genoeg voor onszelf ook.'
'Veel,' merkte Sander op.
'Hé, Coen,' Sander keek me aan. Ik had totaal niet op het gesprek gelet en had om me heen gekeken. De normaal gesproken zo rustige buurt was nu veel drukker dan gewoonlijk. Zelfs voor 31 December. 'Wat is er?' vroeg Sander.
'Het is hier nogal druk,' merkte ik op.
Sander keek om zich heen. 'Ja, nou en?'
'Té druk.'
'Och...' Martin scheen zich weinig zorgen te maken. Kom op, doorlopen. Mijn voeten worden koud.

Vlak voor ons stonden twee jongens vuurwerk af te steken. Ze hielden er snel mee op toen ze een politieauto zagen. De agenten stapten uit en liepen langzaam op de jongens af die stoer bleven staan. Toen de agenten op hen af bleken te komen kozen ze toch het hazenpad.

'Weten jullie waar ze heen gaan, jongens?' vroeg een van de agenten aan ons.
'Nee, sorry,' antwoordde Martin.
De agenten stapten weer in de auto en reden weg terwijl wij onze weg vervolgden over de besneeuwde paden terwijl om ons heen babypijltjes de lucht in gingen en af en toe een strijker of vlinderbom werd afgestoken. Helaas kwamen we de mensen die voor de laatste twee dingen verantwoordelijk waren niet tegen.

'Shit hé!' riep Martin.
'Wat?' Sander en ik keken om ons heen, wanhopig op zoek naar wat hij had gezien.
'Een rij,' zei hij kalm.
Ik krabde me achter mijn oor. 'Die hoort hier niet te staan.'
'Nou, hij is er wel,' zei Sander. 'Wat gaan we doen?'
Ik haalde mijn schouders op. 'Netjes achteraansluiten lijkt me.'
Martin klapte in zijn handen, het geluid klonk nogal dof door zijn handschoenen. 'Dat moet dan maar.'
In de rij kwamen we verschillende bekenden tegen die, evenals wijzelf, verbijsterd leken door het feit dat er hier een rij stond.
'Dit is het eerste jaar dat hier een rij staat,' mompelde Sander.
'Jap,' beaamde ik.
'Nog nooit eerder gehad,' ging hij verder.
'Nope,' beaamde ik weer.
'Echt knudde.'
'Jap.'
Martin keek ons allebei aan alsof hij een tenniswedstrijd volgde. 'Jullie zijn beiden zeer boeiend bezig, weten jullie dat?'
'Jap,' antwoordde ik weer.
Sander keek me aan, lachte kort en keek vervolgens hoe lang de rij nog was. 'Dit gaat nog wel even duren,' zei hij. 'En niet weer "Jap" waarschuwde hij toen ik mijn mond opendeed om te antwoorden.'
'Dan niet,' antwoordde ik berustend. 'Maar je hebt inderdaad gelijk.'

In de rij was niet zoveel te doen behalve buiten staan in de vrieskou. Sander en ik stampvoetten een beetje om warm te blijven maar erg veel haalde het niet uit.
'T-t-t-takke kou,' wist Sander uit te brengen.
'Jap.'
'Nou is het wel leuk geweest, Coen,' bracht Martin er tegenin met een lach op zijn gezicht.
Ik legde me neer bij dat feit en hield mijn mond terwijl ik de rij afspeurde. Hier en daar hadden mensen zowaar al vuurwerk en staken dit dus ook al af.
'De sfeer komt er al in,' merkte Martin op.
'Heerlijk toch?' Sander speurde eveneens de rij af. 'Daar komt onze redding!' riep hij ineens.
'Wat?' zowel Martin als ik keken ook langs de rij om te zien waar hij op doelde.
'Daar, sukkels!' Sander wees op een vrouw die met een dienblad bekers rondbracht waar wat damp uit opsteeg. 'Warm drinken!'
'Ik lust wel een kop chocolademelk,' beaamde ik.
'Wie niet?'
'Degene die het rondbrengt misschien?' suggereerde Martin.
Een tijdje deden we niets behalve onze chocolademelk in de gaten houden. Nou ja, liever gezegd degene die het rondbracht. Het leidde ons af van de kou en van het geknal om ons heen. Dat was trouwens eerder opgehouden omdat er wat agenten bij waren gekomen om de boel in de gaten te houden. De politie is dan misschien wel je beste vriend maar in dit geval hadden we liever gehad dat ze even weg waren.

'Ik sta, wij staan, ik zal gestaan hebben,' zei Sander luchtig.
'Wachten moet je,' antwoordde Martin.
'He?'
'Wachten. Op je vuurwerk.'
'Oh dat. Tuurlijk, spreekt voor zich.'

De rij schoof op. Meerdere mensen begonnen zich te ergeren. Natuurlijk vooral de mensen die achter ons stonden. 'Doorlopen!' klonk het regelmatig achter ons.
'Laat die mensen eens hier komen staan om door te lopen.'
'Beter van niet.' Martin keek me aan en vervolgde: 'Dan waren zij opgeschoven en wij niet.'
'Dat is ook weer zo,' beaamde ik.

'Chocolademelk of iets anders?' vroeg een zachte stem.
'Chocolademelk graag,' reageerde Sander meteen.
Martin en ik draaiden ons om en keken waar de stem vandaan kwam. De vrouw met chocolademelk was gearriveerd. Alleen was het geen vrouw, het was een meisje van onze leeftijd, hooguit 17 haar. Haar blonde haar was lang en kwam een beetje bij haar muts uit.
'Wat is het andere?' vroeg ik.
'Koffie,' was het antwoord.
'Zelf gezet?' Het kwam er misschien wat fout uit maar gelukkig scheen ze het niet erg te vinden.
'Ja.'
'In dat geval ga ik voor de koffie.'
'Ik ook maar,' viel Martin me bij.
Glimlachend schonk ze de koffie voor ons in uit een thermosfles. Zelf voorzagen we ons van melk en suiker. Een lepel werd erbij geleverd. Even roeren en al snel genoten we van onze koffie.
'Heerlijk. Ik kom hier vaker koffie drinken.'
Het meisje lachte en liep verder.
'Dat deed je leuk,' merkte Martin op. 'Moet recordtijd zijn.'

Ik knipperde met mijn ogen en zei niets.
'Je hebt haar snel weggejaagd,' verduidelijkte Martin.
'Dat is Coen,' zei Sander. 'Altijd even populair bij de meisjes.'
Martin grinnikte, 'Dat is natuurlijk wel weer zo.'
'En bedankt.'
De rij schoof weer wat door en eindelijk kwam de deur in zicht.

'Eindelijk,' zuchtte Sander toen hij door de deur de warme winkel in stapte. 'Dat werd tijd.'
'Zeg dat.'
Mijn bril besloeg zodra ik de winkel binnenstapte en benam me het zicht op de vuurwerkfolders die overal lagen. Binnen was het gek genoeg een stuk minder druk dan buiten. Dit kwam doordat er bij de deur iemand stond die een bepaald aantal mensen naar binnen liet zodat de anderen in de winkel rustig konden kijken. Hoewel, rustig.. het bleef natuurlijk druk. De persoon die bij de deur stond werd al snel weggehaald zodat iedereen vrij naar binnen kon. Toch bleef het binnen minder druk zodat wij rustig rond konden kijken en ons konden vergapen aan al het prachtige vuurwerk. In de videotheek stonden ook verschillende bakken met snoep maar de aandacht ging met name uit naar de vuurwerkstands waar de folders en etalages met vuurwerk erin bedoelt waren om de aandacht van de bezoekers te trekken. Onnodig te vermelden dat deze stands er bij de echte vuurwerkliefhebbers natuurlijk in slaagden de aandacht te trekken.

'Goed? Waar nu heen?' Martin keek om zich heen.
'Die balie daar,' wees ik hem. Ik ging Sander en hem voor naar de balie waar mensen werden geholpen of stonden te wachten. Er keken natuurlijk ook mensen rond met een bestelformulier in de hand. Sander sloot aan in een rij net zoals Martin. Ik ging achter Martin staan en wachtte rustig mijn beurt af.

'Druk hier,' Martin stond met zijn rug naar de rij toe zodat we konden praten.
'Inderdaad. Anders is het hier een stuk rustiger.'
Martin haalde zijn schouders op. 'Vaag.'
'Hmhm.'

'He jonks!' Sander was al aan de beurt.
'Verkeerde rij,' spotte hij.
'Nu-uh. Goeie rij,' antwoordde Martin. Sander keek naar de toonbank om te kijken of degene die hem hielp al terugkwam met zijn vuurwerk en zag daardoor ook gelijk wat Martin bedoelde.
We wisselden een blik uit en begonnen te lachen waardoor de mensen in de winkel ons wat raar aankeken. Het meisje dat net achter de balie was gaan staan glimlachte om ons en keek Martin aan. 'Kan ik je helpen?'
'Ja, graag.' Martin pakte zijn briefje met het bestelnummer erop en overhandigde dat. 'Oke. Ik haal je bestelling op. Momentje.'
'Tuurlijk.' Martin grijnsde naar Sander die net zijn zak vuurwerk overhandigd kreeg en naar een hoekje strompelde om op ons te wachten. Het meisje kwam van achteren terug en controleerde de bestelling samen met Martin. Toen alles bleek te kloppen gaf ze hem zijn vuurwerk en liep Martin naar Sander toe.

Ik liep naar voren en keek haar aan.
'Hoi, kan ik je helpen?' hetzelfde rondje werd weer afgedraaid. Natuurlijk, ik was immers ook maar gewoon een klant. Helaas...
'Ja graag,' antwoordde ik in navolging van Martin. Ik overhandigde haar mijn briefje met nummer.
'Bedankt.' Ze draaide zich om en liep naar achteren. Haar blonde haar golfde achter haar aan. Ik constateerde dat ik geobsedeerd begon te raken en probeerde mijn gedachten te verzetten. Het duurde maar even voordat ze weer terugkwam. 'Kijk eens.'
Ze liep de bestelling na. Ik leunde wat over de toonbank en keek mee. Alles was gelukkig in orde. Ze overhandigde me de tas vuurwerk met een vriendelijk, 'alsjeblieft.'
'Oh wacht!'
Ik draaide me om.
'Je aansteeklont.'
'Bedankt,' antwoordde ik. 'En trouwens, ik wilde je daarstraks niet beledigen.'
Wat ze ook verwacht had. Dit duidelijk niet. Ik kon bijna voelen hoe haar blauwe ogen me opnamen. 'Het is oke,' antwoordde ze. 'Ik heb het niet zo opgevat. Je kan rustig koffie komen drinken.'
Ik lachte oprecht. 'Oke.'
'Succes ermee.'
Ik bedankte haar en liep de winkel uit. Sander en Martin volgden me naar buiten. De kou in.
'1-1 voor Coen,' merkte ik op zodra het meisje ons niet meer kon horen.
'Pure mazzel,' snoof Sander maar hij grijnsde er wel bij. 'Voor hetzelfde geld had ze je vreselijk hard geowneerd.'
'Brei jij maar door,' mompelde ik.
Sander deed er het zwijgen toe. 'Mooi opmerking, nog nooit eerder gehoord.'
'Meer boeken lezen, jongen,' lachte ik.
'Gebeurt al genoeg,' Sander trapte weer in een berg sneeuw. 'Twee deze vakantie voor Nederlands. Dat is wel genoeg voor mij.'
Martin en ik haalden onze schouders op.
'Zullen we wat afsteken?' vroeg Martin.
'Beter van niet,' zei Sander en wees. Vlak voor ons stonden twee politieagenten te praten met twee andere mannen.
'Agenten in burger,' mompelde Martin.
'Uitkijken dus.'
Na die wijsheid hielden we ons wijselijk stil omdat we op gelijke hoogte kwamen. Hun ogen schenen te branden en namen ons heel aandacht op. Sander groette vriendelijk en liep door. 'Niets aftsteken hè, jonges!' werd ons achterna geroepen.
'Tuurlijk niet, meneer,' antwoordden we braaf. Het klonk verschrikkelijk vanwege het tikje ironie dat in onze stemmen lag. Of ze het hoorden weet ik niet. We kregen er in elk geval geen reactie op. We wachtten voor een zebrapad op een auto en staken over. Voor ons waren kleinere kinderen met sterretjes bezig. De kleine dingen brandden en de kleintjes hadden de grootste lol.
'Vallen sterretjes eigenlijk onder vuurwerk?' vroeg Sander zich af.
'Nee,' schudde Martin. 'Volgens mij niet.'
'Bij mijn weten ook niet,' antwoordde ik.
We vervolgden onze weg door de sneeuw. Onze adem kwam als wolkjes naar buiten en je konvoelen dat het steeds frisser werd. We liepen te rillen ondaks de dikke jassen en handschoenen die we droegen. De tas vuurwerk die ik vast had wisselde om de zoveel tijd van hand in een poging mijn lichaam nog een beetje beweging, en dus warmte, te geven. Het wilde alleen niet echt lukken. Mijn voeten voelden koud aan maar werden beschermd door mijn schoenen die gelukkig waterdicht waren.
'Het eindpunt komt in zicht,' riep Sander vrolijk. We liepen onze straat binnen en gingen allebei naar ons huis. 'Ik zie jullie zo wel.'
'Tot zo,' groetten we Sander.
Martin en ik liepen naar de voordeur en ik diepte de sleutel op uit mijn jaszak. Stak hem in de deur en opende hem zodat we de warme gang in konden. Ik trok mijn jas uit en legde mijn handschoenen op de verwarming. Mijn handen waren rood en koud, ondanks de handschoenen die ik had gedragen. 'Tijd voor nieuwe.'
'He?' Martin keek op.
'Niets. Laat maar.'
We liepen de kamer binnen.
'En, jongens. Alles meegekregen?' vroeg mijn vader.
'Natuurlijk, wat dacht jij nou?' antwoordde ik.

Martin en ik maakten onze zakken leeg en legden al het vuurwerk op tafel waarna we het sorteerden op soort en grootte. Het werd een hele bult.
'We kunnen wel even vooruit,' constateerde Martin tevreden.
'Ja, inderdaad,' zei ik. 'Maran! Hier komen!'
De labrador was langs de tafel gelopen en had een pakje rotjes gesnaaid. Nu hij zijn naam hoorde ging hij zitten en keek hij ons schijnheilig aan met zijn donkere ogen. Martin moest er om lachen evenals mijn vader. 'Los.' het klonk wat dreigend maar het viel allemaal wel mee.
De hond liet het pakje vallen waarna ik het weer opraapte en op tafel legde.

Toen ik er zeker van was dat de rest, en dan met name natuurlijk het duurdere vuurwerk, uit de buurt zou blijven van de grijpgrage tanden van Maran liet ik de tafel verder voor wat hij was. Martin kwam de kamer weer inlopen met twee dampende mokken. 'Hier,' zei hij waarna hij me een mok overhandigde. 'Warme chocolademelk met slagroom.'
'Dank je,' ik nam mijn mok aan en hief hem richting Martin. 'Op oud en nieuw.'
'Op oud en nieuw,' herhaalde Martin waarna hij een slok nam. 'Hmmm, hier was ik echt aan toe.'
'Anders ik wel,' beaamde ik. Mijn ouders liepen de kamer uit. 'Kom, Maran!' riep mijn moeder. 'Jongens, we gaan even een stuk met Maran lopen.'
'Is goed,' antwoordde ik vanuit mijn stoel. Ik hing met mijn benen over de leuning en keek naar buiten waar de sneeuw ondertussen naar beneden dwarrelde. Door de wind ontstonden af en toe wervelwindjes van sneeuwvlokken die daarna als kleine kinderen op de grote bult sneeuw vielen.
Ik nam een slok uit mijn mok en genoot van de warme chocolademelk die ik door mijn slokdarm, richting mijn maag voelde lopen. 'Dit is leven.'
'Chocolademelk drinken, sneeuw, vuurwerk. Wat wil een mens nog meer?' vroeg Martin zich hardop af.
'Niet erg veel,' antwoordde ik.
'Een meisje?' vroeg Martin die me schalks aankeek.
'Hmmm.'
'Is dat een ja?'
'Misschien. Wat denk jij?'
Martin haalde zijn schouders op.'Ik zou het niet weten. Ze verwachtte je verontschuldigingen niet.'
Ik begon te lachen. 'Ikzelf eigenlijk ook niet. Eenmalige opwelling.'
'Jammer. Waar zou ze wonen?'
'Geen idee. Heb haar hier nog niet eerder gezien.'
'Jammer.'
Het gesprek stokte en we dronken in stilte onze chocolademelk op. Toen ik mijn mok leeg had kwam ik uit mijn stoel die inmiddels warm was geworden. 'Moet ik je mok meenemen?'
'Nee, ik kan zelf ook lopen.' Martin stond op en volgde me naar de keuken waar we onze mokken in de vaatwasser zetten.

'Nu vuurwerk,' zei ik.
'Dat wilde ik net voorstellen,' zei Martin.
'Great minds think alike.'
'Ook dat wilde ik net zeggen.'
We lachten en liepen naar de tafel om wat vuurwerk te pakken.
'We kunnen het denk ik het beste in de achtertuin afsteken,' zei ik. 'Dat lijkt me het veiligst.'
Martin knikte, 'Dat lijkt me goed.'
'Prachtig.'
Ik liep naar de gang om me te voorzien van schoenen en een jas. Ik pakte mijn donkerbruine wandelschoenen van de schoenenplank en mijn jas van de kapstok. De hanger waar mijn jas aan hing viel met een hoop gekletter op de grond. Terwijl ik me bukte om het ding op te pakken ging de bel. Martin stond dichter bij de deur dan ik en deed hem open.
'Hoi!' zei Sander. 'Hé, Coen. Je hoeft niet voor me te buigen hoor.'
'Aap,' antwoordde ik. 'Ik buig niet voor jou.'
'Je doet anders ook geen strekoefeningen,' antwoordde Sander gladjes.
'Haha,' zei ik sarcastisch. Eindelijk kreeg ik de hanger te pakken waarna ik opstond en hem aan de kapstok hing.
'Wat kwam je doen?' vroeg ik Sander die inmiddels in de gang stond.
Sander stak zijn hand in zijn zak en haalde er een aansteker en vuurwerk uit. 'Wat dacht je zelf?' vroeg hij.
'Ik had het natuurlijk ook kunnen weten,' antwoordde ik, mijn handen berustend omhoog houdend.
'Het was inderdaad nogal een intikkertje,' knikte Martin. 'Kom op. Naar buiten.'
'Jo!' Sander wilde de voordeur weer opendoen.
'Wacht eens even, mannetje!' Ik pakte Sander bij zijn capuchon en hield hem zo tegen. 'Andere deur.'
'Maar die is van de WC,' antwoordde Sander droog.
'Ik doel op de achterdeur,' antwoordde ik terwijl ik trachtte mijn gezicht in de plooi te houden. Achter me stikte Martin bijna van het lachen. Hij steunde op zijn knieën en hapte naar zuurstof. 'Het is ook altijd lachten met jullie,' hijgde hij. Zelf begon ik ook te lachen. Sander lag krom om Martins ademnood en zijn lach werkte aanstekelijk.
De kou was gelijk voelbaar aan mijn gezicht toen we naar buiten stapten. Het was ergens tussen vier en vijf in de middag en de schemering was al aan het inzetten. De straatlantaarn in onze achtertuin wierp een gelig licht op de sneeuw en gaf alles een mystiek uiterlijk. Het was de vijfde of zesde keer dat we vandaag naar buiten gingen om vuurwerk af te steken. Eén slof rotjes was er ondertussen bijna doorheen en de babypijltjes gingen ook erg hard.
'Het is best koud,' rilde Sander.
'Min vier,' antwoordde Martin, die een blik op de thermometer wierp.
'Te koud,' vond Sander.
'Ik vind het juist lekker,' zei ik. 'Het geef echt sfeer.'
'Dat is wel zo,' gaf Sander toe.
'Laten we even wat harder knallen.'
'Wat stel je voor?' vroeg Martin.
'Hij stelt nitraat voor. Wat anders?' merkte Sander op.
Ik grijnsde en haalde nitraat uit mijn zak. Het was even zoeken naar de aansteker omdat het in mijn zakken stikte van het vuurwerk. Na eerst een paar keer in de babypijltjes te hebben gegrepen wist ik uiteindelijk mijn aansteker uit mijn zak te krijgen. 'Oké. Daar gaan we.'
Ik stak het lontje aan en wierp het over de schutting waarna we allemaal een paar stappen terug deden. De flits werd vrijwel gelijk gevolgd door een harde knal. Binnen zag ik Maran van de bank af springen en, hevig geschrokken, naar het raam toe lopen. Sander, Martin en ik hadden de grootste lol.
'Heerlijk,' vond Martin.
'Wat een knal!'
'Daar koop je het voor,' antwoordde ik Sander.
'Fantastisch!' vond ook hij. Sander stak nog een rotje aan en gooide het weg. De knal klonk gevolgd door een 'Au!'
Tegelijkertijd draaiden we ons om. 'Hoi pap,' antwoordde ik. Mijn vader stond ook in de achtertuin. 'Zo heren. Buiten toegestane tijden vuurwerk aan het afsteken?' In zijn ogen glommen pretlichtjes.
'Welnee, buurman,' antwoordde Sander.
'Als straf moeten jullie maar even met de hond uit,' zei mijn vader.
'Best. Kom op.'
'Oké,' knikte Martin.
'Alleen jammer dat hij het niet echt meent,' merkte Sander op.
Mijn vader draaide zich om. 'Kom op, jongens. Maran staat echt op springen.'
'We komen,' knikte ik. Snel liepen we naar binnen waar we onze zakken op tafel leegden.

'Ga je mee plassen, Maran?' vroeg ik de zwarte labrador die alweer naast ons stond. Het dier begon te kwispelen en liep opgewonden om me heen. 'Kom maar dan.' Ik graaide in een bak met hondenkoekjes en vulde mijn zak ermee. Daarna opende ik de deur naar de gang en liet ik Sander en Martin voorgaan. Waarna ik volgde, gevolgd door Maran. In de gang ging de hond tegen de kastdeur aanzitten. Ik pakte zijn riem en deed hem om zijn nek. Daarna liep de hond een halve cirkel zodat de riem om Sander, Martin en mij heen zat. We hadden hem geleerd altijd links te staan en Sander en Martin stonden links van mij. Ik opende de voordeur en samen liepen we naar buiten waar de wind woei en het koud was. Echt weer voor oud en nieuw.

Eenmaal in de buitenlucht voelde ik hoe de bekende vrieskou over mijn gezicht streelde. Ik had Maran aangelijnd en hield de hond in de gaten terwijl Martin en Sander honderduit praatten over vuurwerk en hun planning voor de komende dagen. 'Het gaat echt zo vet worden.'
'Natuurlijk,' antwoordde Sander, 'maar dat moet ook. Het kan maar een dag per jaar.'
'Een paar meer,' zei ik met een schuine blik op Sander. 'We zijn nu ook al bezig.'
'Dat klopt dan ook wel weer,' stemde Sander in.

Ondertussen waren we bij het park aangekomen waar we Maran altijd uitlieten. Vrolijk snoof hij bij een lantarenpaal en tilde zijn poot op. Boven ons ging een vuurpijl de lucht in. Allemaal keken we om het effect van de pijl te zien. Helaas viel het wat tegen. 'Dat kunnen wij veel beter,' zei Martin.
'Vanavond maar even doen dan?' vroeg ik hem.
'Eentje,' stemde hij in. 'We hebben niet zo veel pijlen.'
'Alles is relatief,' merkte Sander op. 'Jullie hebben zo'n twintig pijlen ingekocht. Wil je beweren dat je daar niet genoeg aan hebt?'
'We moeten nog een aantal dagen doorkomen,' antwoordde Martin.

Sander wilde zijn mond opendoen om te antwoorden maar hij werd onderbroken door de eindmuziek van Pirates of the Caribbean, mijn ringtone. Ik nam mijn telefoon op. 'Met Coen.'
'Hé Coen,' klonk het aan de telefoon.
'Coen, geef die joint hier!' begon Sander. Met een blik trachtte ik hem het zwijgen op te leggen maar dat lukte, natuurlijk, niet.
'Ja?' vroeg ik mijn vader.
'Jullie mogen wel even patat halen als jullie willen. In koken hebben we niet zoveel zin. Sander kan ook wel mee-eten als hij wil.'
Ik wierp een blik op Sander die met Martin sneeuwballen aan het gooien was.
'Ik zal het hem vragen.'
'Heb je geld bij je?'
'Ja, dat is geen probleem. Wat moet ik nog meer halen?'
'Ben en je moeder willen graag een frikandel en ik ga voor een kroket. Zie maar wat jullie willen.'
'Komt in orde. Wat doe ik met Maran? Die mag er daar niet in.'
'Laat hem maar buiten wachten. Dat kan best.'
'Oké. Dan komen wij zo thuis met eten. We hebben het rondje al bijna gelopen.'
'Is goed! Hoi!'

Ik beëindigde het gesprek en bukte om te voorkomen dat een sneeuwbal die uit koers was me zou raken.
'Sander!' riep ik.
Sander en Martin staakten gelijk hun geklooi en keken me aan.
‘Wat?’ vroeg Sander.
‘Heb je zin om mee te eten? Ik kreeg net te horen dat we patat kunnen halen.’
Sander overwoog het even. Zijn adem kwam in de vrieskou als witte wolkjes naar buiten.
‘Ik eet wel mee,’ zei hij.
‘Mooi. Kom op dan. We halen het gelijk op.’
‘Wat doe je met Maran?’ vroeg Martin die een blik op de hond wierp. Het dier sloeg ons kwispelend gade. ‘Die laat ik even buiten staan,’ antwoordde ik.

We sloegen een wat donker weggetje in om al snel uit te komen in een vrolijk verlichte winkelstraat. In deze straat was ook de bibliotheek gevestigd. Het grote oranje gebouw was versierd met lichtjes en zorgde ervoor dat alle winkels en de straat waar wij op liepen in een gelig licht baadden. In de sneeuw waren wat kinderen aan het spelen. Ze gooiden sneeuwballen naar ons die misten. We sloegen de hoek om, negeerden de heerlijke geur van de oliebollenkraam en liepen door naar de cafetaria waar een levensgrote kerstman was neergezet.

‘Kom, Maran.’ Ik bukte me en maakte de riem van de hond vast. ‘We zijn zo weer terug.’
De hond keek me aan met zijn pientere bruine ogen en ging zitten toen wij de deur van de cafetaria open deden en naar binnen gingen. Eenmaal binnen kwam de warmte ons tegemoet en roken we de heerlijke geur van patat. Ik liep naar de toonbank toe en wachtte tot er iemand zou komen. Niet veel later kwam een jongen van een jaar of 19 naar me toe. ‘Zeg het maar.’
Ik gaf mijn bestelling door en betaalde, nam het wisselgeld in ontvangst en liep naar Sander en Martin toe die aan een van de tafeltjes waren gaan zitten. Ik schoof mijn stoel wat opzij zodat ik Maran in de gaten kon houden. De hond zat braaf te wachten onder het afdakje waar ik hem had neergezet. Buiten klonk een knal. We wisselden alle drie een blik uit.
‘Na het eten moeten wij ook echt weer even wat afsteken,’ zei Martin.
Ik wierp een blik op mijn horloge, dat wees half 6 aan. ‘Doen we,’ stemde ik in.

Buiten was een klein meisje met haar moeder van de fiets gestapt en bewonderden Maran. Het meisje liep naar hem toe en Maran, vrolijk als altijd, begroette haar enthousiast. ‘Ik loop even naar buiten,’ zei ik.
Martin wierp een blik uit het raam. ‘Doe dat,’ zei hij. ‘Als de bestelling klaar is nemen wij hem wel mee.’
‘Goed.’ Ik stond op en wandelde op mijn gemak naar de deur. Een vlaag koude lucht stroomde naar binnen op het moment dat ik de deur opende. ‘Doe dat ding snel weer dicht,’ zei Sander. ‘Het is hier binnen juist warm.’
‘Jaja.’ Ik sloot de deur en liep naar Maran toe die zich door het meisje liet aaien.

Zodra de deur achter me dicht viel keek hij om en begon te kwispelen toen hij door had wie er aan kwam. ‘Hallo, Maran,’ zei ik. ‘Word jij geaaid, jongen?’
Rustig liep ik naar de hond toe. Het meisje scheen onder de indruk te zijn van mijn lange verschijning. Haar moeder ging glimlachend bij haar staan. ‘Ze mag hem wel aaien hoor,’ zei ik tegen haar. ‘Hij bijt niet.’
‘Wil je het hondje aaien?’ vroeg ze aan het kind. Dat knikte blij en liep naar Maran toe. Ik liep mee en knielde bij de hond neer die ging zitten en het meisje de gelegenheid gaf hem aan te halen. Na een paar minuten vond ze het schijnbaar wel genoeg. ‘Ga je mee eten halen, Melanie?’ vroeg haar moeder. Zo snel als haar kleine beentjes haar konden dragen rende ze met haar moeder mee. ‘Dag, meneer!’ riep ze nog tegen me. ‘Dag,’ antwoordde ik met een lach. Het voelt nogal raar om als 17 jarige met meneer te worden aangesproken. Maar ach…
Ik bleef bij Maran zitten en sloeg mijn arm om de hond heen. Die duwde zijn warme neus tegen mijn lippen en likte me. Zijn warme tong veroorzaakte een tintelend gevoel. Voor ons ging weer een vuurpijl de lucht in met een prachtig effect. ‘Kijk eens, Maran,’ zei ik. ‘Het sneeuwt.’ De sneeuwvlokken dwarrelden uit de koude toch heldere lucht. ‘Waar komt die sneeuw vandaan?’ vroeg ik me hardop af. ‘Maakt dat uit,’ klonk het achter me. ‘Kom op, naar huis. Eten.’ Sander en Martin kwamen de cafetaria uitlopen en hadden een zak in een hand waar de damp vanaf kwam. ‘Lopen maar,’ zei Martin. ‘Voor het koud wordt.’

We zetten onze benen weer in beweging. Maran huppelde vrolijk mee aan mijn zijde. Hij hapte naar de sneeuw en scheen zich best te vermaken. ‘Gaan we morgen nou volleyballen, Coen?’ vroeg Sander me. ‘Ja, het oliebollen toernooi,’ lachte ik.
Ieder jaar werd het bij ons in de sporthal gehouden. Teams van zes zoals gewoonlijk en voor een bepaalde tijd volleyballen. Degene die op het eind de meeste punten had kreeg oliebollen. Niet dat daar gebrek aan was, ze werden die dag vrijwel gratis weggeven samen met warme chocolademelk maar het was vooral gezellig om mee te doen. Daar ging het om.
‘Top.’

Het begon harder te sneeuwen en dus liepen we ook wat sneller door. In de buurt waar we nu waren was wat minder kerstverlichting maar doordat iemand besloot een fikse pot af te steken was het effect toch aanwezig. ‘Wow!’ Martin was al blijven staan om de show te bewonderen.
‘Dat kan bij ons thuis ook,’ zei ik. ‘Eten wordt koud!’
‘Oh ja.’ Snel haalde Martin ons bij en sloegen we de hoek van de straat om. Het laatste stukje sprintten we. Zo snel als de gladde en koude ondergrond dat toeliet. Maran ging ver voor ons uit. Dat was voor mij niet al te voordelig aangezien ik hem bij moest houden, ik had de riem immers nog vast. Toen ik voelde dat ik uit zou glijden liet ik de rijm los en bracht mijn lichaam naar beneden zodat ik het laatste stukje over de gladde sporen, getrokken door auto’s, uitgleed.

‘Dat was mooi, Coen,’ merkte Martin op.
‘Een echte gladjanus,’ grijnsde Sander.
Ik stond op en klopte de sneeuw van mijn kleren. ‘Ja ja. Ik weet het nou wel. Kom op, naar binnen.’
Ik pakte Maran’s riem, de hond stond trouw naast me, en nam hem mee naar binnen.
Sander en Martin volgden me. ‘Patat!’ riep ik.
‘Lekker!’ klonk het vanuit de kamer.
Snel hingen we onze jassen op, ontdeden ons van het schoeisel dat we droegen en liepen we de warme kamer in. Mijn bril besloeg onmiddellijk en ik moest hem eerst schoonmaken voordat ik mijn bord vol patat in ontvangst kon nemen. Ik ging op een stoel bij de TV zitten, Sander en Martin zaten op de bank.
‘Heerlijk na zo’n koude tocht,’ zei Sander. Tevreden stopte hij wat patat in zijn mond.
Zelf at ik ook gretig van de warme patat. Na de wandeling door de kou was het heerlijk om het warme voedsel naar binnen te werken. Ik nam een slok uit mijn glas cola en keek half naar de TV. Het zes uur journaal begon natuurlijk met een item over vuurwerk. De verkoop was vandaag van start gegaan en ze lieten beelden zien van kinderen die gelijk begonnen met afsteken in het witte sneeuwlandschap. In het midden van de land en in de meeste grotere steden had de kou zelfs enige problemen opgeleverd.
'Door de lange wachtrijen moesten sommige mensen uren lang buiten in de vrieskou wachten,' meldde de nieuwslezer. 'Enkelen zijn in het ziekenhuis opgenomen met onderkoelingsverschijnselen.'
'Dan zijn wij er nog mooi van af gekomen,' merkte Sander op.
Martin knikte instemmend. 'Toch was de wachtrij hier ook al lang.'
'Voor eentje die er anders nooit staat wel,' zei ik.
We knikten allemaal en keken verder.
'En nu wil ik een ijsje.' Het journaal was afgelopen en we stonden allemaal op. 'Ik ook,' zei Sander die gelijk naar de gang liep.
'Waar ga jij heen?' vroeg ik.
'Naar buiten,' antwoordde hij onschuldig. 'Daar vriest het dus hebben we ijs, dacht ik zo.'
Martin verslikte zich in zijn laatste slok cola maar wist het net door te slikken voordat hij begon te proesten.
Ik bukte me en deed de deur van de vriezer open. 'Goed, Sander gaat dus naar buiten voor zijn ijs. Wie kan ik verder plezieren met een ijsje?'
Er kwam instemmend geroep uit de kamer. Ik stak mijn hand in de vriezer en haalde er een aantal ijsjes uit, waarna ik terug liep naar de kamer en ze overhandigde. Sander was toch ook maar teruggekomen en pakte zijn ijsje aan. 'Dankjewel hoor, buurman,' zei hij.
'Alsjeblieft, jongen,' antwoordde ik.
Martin was voor het raam gaan zitten, uitkijkend naar vuurwerk in de donkere nacht. Het was inmiddels opgehouden met sneeuwen en de donkere lucht was helder. De maan stond trots en vol aan die smetteloze hemel. 'Een perfecte lucht voor een vuurpijltje dacht ik zo,' zei Martin.
'Lijkt me goed.'
'Ja, goed idee,' stemde ook Sander in.
Mijn vader keek bedenkelijk. 'Wel in de tuin hè, jongens,' zei hij.
'Natuurlijk, overbuurman,' antwoordde Sander. Hij liep naar de gang en trok zijn schoenen en jas aan evenals Martin die ook in de gang bezig was. Ik liep naar de inloopkast in onze kamer en opende de deur. Onze vuurwerkcollectie was daar veilig en droog opgeborgen. Een van de pijlenpakketten was makkelijk te pakken. Ik stak mijn hand uit en pakte de plastic zak waar de pijlen in zaten. Erg zwaar was het niet, maar mooi zou het ongetwijfeld worden. Ik plukte een willekeurige pijl uit de zak en legde hem op tafel.
Sander en Martin kwamen, volledig aangekleed, de gang uit lopen. 'Ik pak wel even een fles,' zei Martin die doorliep naar de keuken. 'Is niet nodig!' riep ik hem na. Zelf liep ik naar de gang om mijn schoenen en jas voor de zoveelste keer vandaag weer aan te trekken. Mijn jas was nog niet eens opgewarmd, de kou van de vorige keer zat er nog in en ik voelde me dan ook niet echt behaaglijk toen ik mijn jas dichtritste. Erg warm was het namelijk niet. Ik liep weer naar de kamer en ging via de achterdeur Sander en Martin achterna.
Eenmaal buiten onderdrukte ik een rilling. Het was echt koud. Normaliter vind ik kou echt heerlijk. Kou betekent winter wat kerst betekent en dat, op zijn beurt (of haar?) betekent weer dat oud en nieuw in de buurt komt. Dat laatste was trouwens wel te merken. De hele buurt deed al een beetje denken aan de geluidseffecten van de spellen uit de Call of Duty serie. Knallen waren met enige regelmaat hoorbaar. Gelukkig was de lucht leeg en schoon. Tijd voor ons om daar verandering in te brengen.
Martin staarde ook naar de donkere decemberlucht. Zijn adem dwarrelde in kleine wolkjes de lucht in. 'Laten we de pijl afsteken,' zei hij.
'Oké.'
'Waar wilde je hem in steken?' vroeg Sander. 'Ik ga hem echt niet in mijn hand houden.'
Ik lachte geheimzinnig. 'Kijk en verbaas uzelf, simpele zielen,' zei ik.
'Laat maar zien dan,' vond Sander.
Ik liep naar het stukje gras dat in onze tuin lag, bukte me en trok een dopje uit de bevroren grond.
'Wa's dat?' wilde Martin weten.
'Daar zet mijn moeder met mooi weer de droogmolen in,' antwoordde ik. 'Om onze was te laten drogen door de zon.'
'Handig.'
'Dacht ik,' grijnsde ik.
'Kunnen we die pijl nou eindelijk afschieten?' verzocht Sander.
Martin liep naar het gat en zette de pijl erin. 'Natuurlijk kan dat,' zei hij.
'Mooi zo.'
'Coen?' Martin keek me aan. 'Een vuurtje graag.'
'Je rookt toch niet?' vroeg ik droog.
Martin lachte even. 'Voor de vuurpijl.'
'Ach ja, tuurlijk.' Ik bukte me en pakte mijn aansteker. Klikte een paar keer en stak de pijl aan. Het lontje begon te sissen en we namen gelijk afstand.
De pijl schoot de lucht in en liet een prachtig boeket zien.
'Prachtig ding!' vond Martin.
'Helemaal mee eens,' zei Sander. In het licht van de pijl waren hun gezichten goed zichtbaar. Er sprak verrukking van. Ik was er zeker van dat dit ook van mijn gezicht af moest druipen. Het was gewoon zo vreselijk relaxt om met vuurwerk in de weer te zijn.
'En morgen gaan we echt hard owneren op dat toernooi,' zei Sander.
'Dat ook natuurlijk. Team Henk FTW!' antwoordde Martin.
De historie achter onze idiote teamnaam komt van het filmpje "Saving Private Henk" een voiceover van de bekende film "Saving Private Ryan". Hoewel de teamnaam heel dom klinkt en precies onze soort humor is kunnen we er stiekem best wat van. Zelf volleybal ik en ook Sander en Martin zijn helemaal niet slecht.
'Het zou echt vet zijn als we zouden winnen,' zei Martin.
'Eerste keer meedoen, gelijk winnen,' zei ik. 'Lijkt me goed.'
'Ja hè? Mij ook wel,' antwoordde Martin.
'Hopen dan maar.'
'Ja inderdaad.'
Ondertussen liepen we door de besneeuwde straat. Genietend van de winterse kou en de geluiden van vuurwerk. 'Hebben we zelf nog vuurwerk bij ons?' vroeg Sander.
Iedereen stak zijn handen in zijn zakken, op zoek naar vuurwerk.
Mijn jaszakken voelden koud maar waren desalniettemin leeg. Mijn handen graaiden in de koude lucht in plaats van het vinden van rotjes. 'Ik heb niets,' zei ik.
'Ik ben ook leeg,' meldde Martin.
Sander voelde nog in zijn zakken en begon te lachen. Langzaam haalde hij zijn hand uit zijn zak. Zijn vingers schenen als in slow motion uit zijn zak te komen. 'Nee, ik heb ook niets,' zei hij vlot en hij liet vliegensvlug zijn hand zien.
'Maar weer naar binnen dan?' vroeg Martin.
'Het moet maar.'
'Niks moet,' zei Sander. Maar we lopen ondertussen ook al...' hij keek even op zijn horloge, 'een dik uur rond. Het is half negen. Ik wil wel even pokeren of zo.'
'Laten we dat maar gaan doen dan,' vond Martin.
'Lijkt me goed,' stemde ik in.
We liepen rustig terug naar mijn huis, volop genietend van de heerlijke decemberdag die we beleefden en ons verheugend op de dagen die nog gingen komen.

Endurance · Fidelity · Intelligence
[-] De volgende 8 gebruikers zeggen bedankt Coen voor dit bericht:
  • Breeze, brl-scv, Chey, Mav, Mjd, mrRed, Robin, Vlinderbommetje
Voeg bedankje toe Antwoord
#20
Heerlijk zeg, dit heb ik echt gemist.
[-]
  •
Voeg bedankje toe Antwoord
#21
Wederom ouderwets genieten dit, dank voor de verhalen!!!
[-]
  •
Voeg bedankje toe Antwoord
#22
Coen, nou ben ik een langzame lezer, maar kom op met het volgende deel!! Tongue
[-]
  •
Voeg bedankje toe Antwoord
#23
U vraagt, ik draai (tot op beperkte hoogte dan Wink)

De ochtend van 29 december begon op ongeveer dezelfde manier als die van de 28ste: koud. Zodra ik uit mijn bed was gekomen om mijn piepende wekker het zwijgen op te leggen schoot ik direct weer onder de dekens om weer beschutting te zoeken in de warmte. Naast mijn bed bewoog ook Martin zich in zijn slaapzak. Hij draaide zich om en keek me aan. 'Moeten we er echt uit?' vroeg hij.
'We kunnen ook blijven liggen,' antwoordde ik. 'Maar we hebben vuurwerk dat op moet. We gaan Daan vandaag ophalen en we hebben het volleybaltoernooi.'
'Teveel om te blijven liggen,' knikte Martin. 'Dan moeten we er maar uit.'
Ik pakte mijn dekens vast. Mijn vingers voelden de kou boven de warme dekens. 'Wie het eerst bij de badkamer is?' vroeg ik.
'Dan zijn we hier tenminste snel weg.'
'Oké, drie, twee..'
'Eén en nul,' zei Martin snel en sprong overeind. Ik zette zo snel als ik kon de achtervolging in maar hij lag te ver voor. Snel ging hij de trap af en opende de badkamerdeur. 'Gewonnen,' zei hij triomfantelijk.
'Oneerlijke voorsprong,' gromde ik terug.
'Slim gedaan bedoel je,' wees Martin me terecht terwijl hij zijn hoofd onder de kraan stak.
Ik haalde mijn schouders op. 'Maar net hoe je het wilt zien.'

Toen we aangekleed en wel de badkamer uitkwamen liepen we naar beneden. Op het moment dat we de deur open deden begon de klok te slaan.
'Timing!' riep Martin. Met dat geluid lokte hij Maran naar zich toe die blij op hem af kwam lopen. Martin bukte zich om de hond aan te halen.
'Goede morgen, heren,' zei mijn moeder.
'Morgen,' antwoordden we allebei.
Martin wierp een blik op de klok. 'Tien uur,' zei hij. 'Hoe laat gaan we naar Daan?'
'Uurtje of elf, half twaalf,' antwoordde ik.
Martin knikte. 'Lijkt me goed. Toernooi begint?'
'Om half drie. Het duurt tot wat later in de avond met een pauze tegen een uur of zes zodat we wat kunnen eten.'
'Of vuurwerk af kunnen steken,' vulde mijn moeder aan.
'Dat waren we nu net niet van plan,' antwoordde Martin. Hij liep naar de kamer met een kom Brinta en ging aan tafel zitten. 'Eerlijk waar.'
Mijn moeder scheen het niet echt te geloven maar reageerde er desondanks niet op. Nadat ik mijn Brinta had gemaakt ging ik naast hem zitten om het in recordtijd naar binnen te werken.

'Wat nu?' vroeg Martin nadat we onze bakken in de vaatwasser hadden gezet.
Ik keek naar buiten waar een auto voorzichtig over het spekgladde woonerf reed. Stapvoets reed, nou ja glibberde, het voertuig door de straat waar door de gemeente niet was gestrooid. 'We kunnen even bij de vijver in het park gaan kijken,' opperde ik. 'Dat ijs zal wel stevig genoeg zijn om op te staan.'
'Laten we dat doen,' knikte Martin.

Samen liepen we naar de gang waar we onze jassen aantrokken. Ik deed mijn sjaal om en trok de veters van mijn schoenen aan. De dingen waren heel degelijk, al drie jaar oud maar nog steeds waterdicht. En dat is heel wat meer dan de schoenen van de meeste andere mensen bij mij uit de klas. Voornamelijk de meisjes hadden in de sneeuwrijke dagen voor de kerstvakantie ontzettend geklaagd over koude, maar vooral ook natte, voeten. Mijn opmerkingen over die natte voeten "kom maar even hier, dan warm ik ze voor je op" of "weet je zeker dat het door de sneeuw komt?" werden door de meisjes niet echt op prijs gesteld. Martin, Sander en ik hadden er later vreselijk om gelachen. Maar ja.
'Coen? Kom je?' vroeg Martin.
'Wat? Oh ja, natuurlijk.' Snel strikte ik mijn veters en liep naar buiten, de sneeuw in.

'Halen we Sander op?' vroeg Martin die wat sneeuw opraapte en er een sneeuwbal van maakte.
'Laten we maar doen,' antwoordde ik hem. Martin knikte, keek even met een schuin hoofd naar het huis aan de overkant, en mikte de sneeuwbal met grote precisie op de muur, net naast het raam. Zijn nauwkeurigheid was echter niet al te groot want de sneeuwbal miste volledig, schampte het raamkozijn en kwam zonder verder nog iets anders te raken op de grond terecht.

Zonder enige waarschuwing plofte een sneeuwbal op zijn muts uit elkaar. 'Zo doe je dat, aapie!' klonk het naast ons. Sander kwam triomfantelijk om de hoek lopen.
Martin keek me aan. 'Jij of ik?' vroeg hij.
'Samen,' grijnsde ik.
Hij knikte, nauwelijks merkbaar. 'Op drie.'
'Nu wel eerlijk tellen?'
Martin knikte, 'Eén, twee..'
'DRIE!'
Met een luid gebrul stormden we tegelijkertijd op Sander af, besprongen hem en duwden hem in de sneeuw.
Sander had dit duidelijk niet verwacht en ondernam dan ook geen enkele poging om ons tegen te houden. Met een zachte plof kwamen we in de sneeuw terecht.
'Ik geef me over!' riep Sander.
Martin had al een hand sneeuw gepakt en liet die sneeuw nu teleurgesteld weer vallen. 'Wat zei je?' vroeg hij.
'Ik geef me over,' herhaalde Sander. 'Ga van me af.'
Ik stond op en klopte de sneeuw van mijn kleren af voordat ik mijn hand uitstak om Sander overeind te helpen. Sander nam mijn hand aan en liet zich overeind trekken. Toen hij weer goed en wel op beide benen stond liet Martin een hand vol sneeuw op zijn groene muts terecht komen. 'Zo,' zei hij. 'Die krijg je nog wel.'
Sander reageerde nauwelijks. 'Dank je wel, Martin, schat,' zei hij.
'En als je zo doet krijg je nog veel meer,' dreigde Martin.
Sander hield wijselijk zijn mond. 'Waarom kwamen de weledele heren me ophalen?' vroeg hij.
'We wilden naar de vijver gaan,' zei ik met een oog op Martin. 'Het ijs op.'
'Ah,' Sander schudde snel met zijn hoofd en de sneeuw die op zijn muts had gezeten viel er van af. 'Dat lijkt me nou een goed plan.'
'Prachtig,' zei Martin.
'Heb jij een tennisbal bij de hand?' vroeg ik Sander.
Die knikte. 'Ja. Ik wilde jullie eigenlijk om dezelfde reden ophalen.'
'Komt dat even goed uit.'
'Great minds think alike,' vulde Martin aan.
Er galmde een harde knal door de straat, de echo weerkaatste op de huizen achter ons. 'Dat kwam uit het park,' riep Martin enthousiast.
'Daar gaan wij net heen. Toevallig,' antwoordde ik kalm.
'Kom op dan.'
Gedrieën liepen we richting de bevroren vijver.

'Als water bevroren is worden alle H-bruggen optimaal gebruikt,' zei ik.
'Nou en?' vroeg Martin.
'Dat staat me nog bij van de scheikundelessen,' zei ik schouderophalend.
'Prachtig,' vond Sander. 'Het ijs op!'
'Zou het stevig genoeg zijn?' vroeg Martin zich hardop af.
'Jawel joh.' Sander wees. 'Er zijn al voetstappen op het ijs te zien.'
'Bovendien,' voegde ik eraan toe, 'vriest het al enkele dagen stevig. Het ijs kan het gewicht van de sneeuw makkelijk torsen. Wij kunnen er ook nog wel bij.'
Ik volgde Sander het ijs op. Het ijs voelde glad aan onder mijn schoenen.
'H-bruggen zijn glad,' merkte Sander op.
'H-bruggen niet, gek. IJs wel.'
'Het is al goed,' snoerde Sander Martin de mond. Hij rende half en liet zich een paar meter uitglijden. 'Blijf uit de buurt van het bruggetje!' waarschuwde ik Martin die juist de andere kant op liep. 'Waarom?' vroeg hij.
Ik wees voorbij de rietkraag. 'Daarom.'
Martin keek en zag het wak dat de eenden de afgelopen dagen met veel moeite open hadden gehouden. 'Daar wil je niet te dicht bij komen.'
'Nee, inderdaad niet,' schudde Martin.

'Coen! Bal!' Sander had de tennisbal op het ijs gelegd en schoot hem mijn richting op. Ik nam de tennisbal aan en schoot hem terug terwijl ik richting Sander liep, me van het wak verwijderend. Martin rende me voorbij en probeerde Sander de bal af te pakken. Het enige dat hem dit opleverde was een val op het ijs. Sander begon al te lachen voordat Martin goed en wel op de koude ondergrond terecht was gekomen waardoor Martin hem vastgreep en meesleurde. Samen kwamen ze met een kleine bons op het ijs terecht. De tennisbal die Sander naar mij had willen schieten gleed enkele centimeters vooruit en kwam daarna als een nutteloos bolletje wol tot stilstand. Sander en Martin krabbelden overeind.
'Gaat het?' riep ik ze toe.
'Ja hoor,' Martin stak zijn duim op en schoot de tennisbal naar me toe.
'Mooi.' Ik nam de bal weer aan en probeerde er een handigheidje mee uit te halen. Neem een tip van me aan, probeer zoiets niet op ijs. Door de gladde ondergrond gleed ik ook weg en was ik de derde van die dag die kennis maakte met de harde ondergrond. Ik wist mijn val op te vangen en schampte het ijs gelukkig maar half. Ik bleef in een wat ongelukkige houding op het ijs staan. Sander en Martin kwamen niet meer bij van het lachen. Mijn ene been was gebogen en ik hield me met dat been en mijn armen overeind. Het andere been was gestrekt. Ik voelde de knie van mijn linker, gebogen been protesteren tegen de houding die hij zo plotseling aan had moeten nemen. Om uit de benarde positie te komen rolde ik me op mijn zij waarna ik opstond.
'Dat was me wat!' riep ik.

'Mamma, mamma, kijk! Grote jongens op het ijs!' Een klein kereltje van een jaar of vier kwam het ijs op waggelen. 'Blijf hier, Erik. Niet doen!' riep zijn moeder hem nog na. Maar natuurlijk stond het manneke al op het ijs. We wisselden onderling een blik uit en hielden het jongetje in de gaten terwijl we doorgingen met ons voetbal spel. Ineens besloot het jongetje bij de eenden te gaan kijken terwijl zijn moeder net naar de rand van de vijver liep. 'Erik!' riep ze.
'Dat gaat mis zo,' voorspelde Martin. Snel liepen we naar het jongetje toe. 'Ho, grote knul,' zei Sander, die het dichts bij het jongetje stond. 'Dat is ver genoeg.'
Hij tilde het jongetje op en bracht het naar de kant waar de moeder stond te wachten. 'Bedankt, jongens,' zei ze.
'Graag gedaan,' antwoordde Sander. Hij draaide zich om en liep het ijs weer op, het tennisballetje voor zich uit schoppend. 'Mag ik meedoen?' vroeg Erik.
'Nee, Erik. Dat kan echt niet,' zei zijn moeder.
'Kom maar, Erik!' riep ik. 'Als je moeder het goed vindt mag je meedoen.'
'Mag het mamma?'
'Heel even dan.'
Blij liep hij het ijs weer op waarna Sander hem het balletje toe rolde. Het schopte er tegenaan en kreeg het een halve meter van zich verwijderd. 'Knap hoor!' riep Martin die naar de bal toeliep en hem terugschoot. Het jongetje probeerde het nog een keer en kwam weer een halve meter ver. Ik voerde op mijn beurt hetzelfde toneelstukje op en rolde de bal naar het terug. Sander, die het verst weg stond kwam naar ons toe gelopen zodat het jongetje in een keer de bal naar hem toe kon krijgen. Ook hij rolde hem weer terug waarna Erik de bal weer naar mij schoot. Maar de bal was uit richting. Met een duik ving ik de bal en rolde hem terug. Zo bleven we bezig tot ik op mijn horloge keek en zag dat het tijd werd om naar huis te gaan en Daan op te halen.

'Jongens, we moeten naar huis. Het is bijna tijd om Daan op te halen.'
'Shit, ja!' schrok Martin die een blik op zijn eigen horloge wierp.
'Gaan jullie weg?' Erik keek teleurgesteld.
'Het moet echt, grote vent,' zei Sander.
Het jongetje liep achter ons aan naar de kant en ging weer naar zijn moeder.
'Doei!' riep hij terwijl hij blij zwaaide. Lachend zwaaiden we terug en liepen we terug naar mijn huis.
'Grappig ventje,' vond Sander.
'Echt prachtig,' antwoordde Martin.
Bij mij thuis reed mijn vader net de auto naar buiten. 'Ah, jongens. Gaat Sander ook mee?'
'Nee bedankt, buurman,' zei Sander. 'Ik heb een afspraak met vuurwerk.'
'Kijk jij maar uit dat de politie je niet pakt.'
'Dat zal wel goed komen,' lachte Sander.
Mijn vader haalde zijn schouders op en stapte in de auto.
Martin en ik gingen beide achterin zitten. Ik drukte op het knopje om mijn raam open te doen en praatte nog snel even met Sander. 'We zijn er zo wel weer. Zorg dat je dan zo ongeveer je spullen voor het toernooi klaar hebt. Jij hebt de shirts, toch?'
'Die heb ik,' knikte Sander. 'Zal ervoor zorgen dat ik ze klaar heb.'
'Goed, enne...'
'Coen doe dat raam dicht. Het vriest buiten en hier nu zo ongeveer ook!' onderbrak mijn vader me.
'Laat maar,' grijnsde ik terwijl ik snel het raam dichtdeed. Sander lachte en zwaaide om zich vervolgens om te draaien en naar binnen te lopen.

'Hebben jullie echt shirts laten maken?' vroeg Martin toen mijn vader de hoek om sloeg en het gas wat dieper intrapte. 'Jazeker. Met opdruk en al.'
'Tof.'
'Team Henk op de voorkant en je naam op de achterkant.'
'Professioneel,' vond Martin.
'Meer voor de grap,' verbeterde ik hem. 'Het stelt niet veel voor.'
'Denken jullie echt dat jullie kunnen winnen?' vroeg mijn vader.
'Wie weet,' zei ik. 'We hebben al eerder een toernooi gewonnen met dit Team Henk.'
'Succes ermee.' Mijn vader zweeg en voerde de snelheid op zodra hij op de snelweg richting Eelde zat.
'Succes hebben we niet nodig. We winnen wel,' zei Martin.
'Ik weet het niet.'
Hij keek me verbaast aan. 'Hoezo niet?'
'Nou, dit toernooi is anders...' Ik aarzelde even en ging verder. 'Het niveau is anders, hoger misschien. Deze mensen vinden het niet alleen leuk maar de meesten kunnen het ook. Bovendien is bovenhands serveren en smashen, mits je het niet buiten proportie doet, toegestaan.'
'Ah,' knikte Martin. 'Dat verkleint onze kansen aanzienlijk.'
'We moeten er gewoon harder aan trekken.'
'Dan doen we dat,' besloot Martin. Hij wierp een blik uit het raam en keek naar Eelde. Ook hier waren de huizen bedekt met sneeuw en versierd met kerstverlichting. Oud en nieuw mag dan geen kerst zijn maar de meeste mensen wachten wel tot na oud en nieuw met het weghalen van hun versieringen en dat voegt tijdens oud en nieuw alleen maar toe aan de sfeer.

Mijn vader remde af toen we voor Daan's huis stonden. Martin en ik waren de auto al uit en liepen via de garagedeur naar binnen. Daardoor liepen we Daan echter mis omdat die net de voordeur had opgedaan. Martin en ik gingen door de garage naar de bijkeuken, openden de deur naar de keuken en kwamen via de keuken in de woonkamer uit. We liepen snel over het pakket en groetten mijn tante in het voorbijgaan. Ik opende de deur naar de gang en kwam zo achter Daan uit. 'Hallo, Daan,' zei ik. 'Alles goed?'
'Het is oud en nieuw,' antwoordde mijn neef. 'Natuurlijk is alles goed.'
'Goed zo.'
'Hé, Daan,' groette Martin mijn neef. 'Blij dat alles OK is.'
We draaiden ons om en Daan pakte snel zijn twee tassen. Een was gevuld met spullen die hij nodig had om bij ons te logeren, de ander met vuurwerk.
'Heb je sportspullen bij je?' vroeg ik.
'Goed dat je het zegt,' schrok Daan. 'Die staan nog boven.'
Hij rende de trap op en kwam al snel beneden met een wat kleinere tas waar zijn sportkleren in zaten.
'Oké! We kunnen,' zie hij.
'Goed.' Ik stak mijn hoofd om de hoek van de kamerdeur. 'Pap? We kunnen.'
'Wat? Oké, goed.' Mijn vader groette mijn oom en tante, evenals Martin, Daan en ik dat deden en draaide zich toen om om samen met ons terug naar Groningen te rijden.

De rit terug duurde een stuk minder lang dan de heenweg en al snel stapten we bij mij voor het huis uit en liepen we naar binnen terwijl mijn vader de auto de garage in reed. Snel opende ik de voordeur om aan de bijtende kou te ontsnappen. Daan en Martin liepen de kamer in en groetten mijn moeder. Daarna gingen we gelijk door naar mijn zolderkamer waar Martin en ik snel een matras naartoe sleepten terwijl Daan zijn vuurwerk uitpakte en zijn slaapzak klaarlegde.

'Coen!' klonk het van achter de deur toen Sander binnen kwam lopen. 'Hier zijn de shirts,' zei hij. 'Hoi Daan,' voegde hij daar tegen mijn neef aan toe.
'Te gek.' Ik nam de shirts van hem aan. 'Heren. Team Henk,' zei ik met een officiële stem. 'Zie hier, ons officiële tenue!' Ik pakte een shirt en hield het voor me. Het was een lichtblauw shirt met voorop in zwarte letters de opdruk "Team Henk" en achterop "Coen". 'Binnenkort te verkrijgen in iedere kledingzaak,' voegde ik er snel aan toe. 'We hebben er voor iedereen eentje.' Ik nam de andere shirts in mijn handen en gooide ze naar de eigenaars.

Martin ving de zijne op. 'Fantastisch!' zei hij. 'En die voor de dames?' vroeg hij.
Ik klopte op een plastic zak. 'Hier,' zei ik. Met de dames doelde Martin op Margreet en Marjolein, de twee meisjes die ook meespelen met Team Henk. Beiden kunnen ze goed volleyballen en hebben ze ook meegespeeld tijdens onze eerdere successen.

'Kom, laten we naar de sporthal gaan,' zei Sander. Zijn voorstel werd beantwoord met luid gejuich. Martin en ik pakten onze sporttassen die we avond van tevoren hadden klaargezet en Daan deed zijn sporttas over zijn schouder. 'Marjolein en Margreet zijn daar zo ook,' zei ik. In sneltreinvaart liepen we, nou ja, renden slash gleden we, door het besneeuwde landschap naar de sporthal. Ondertussen de grootste lol hebbend en ons vergapend aan het vuurwerk dat al werd afgestoken.

In de kantine van de sporthal zaten Margreet en Marjolein wat te drinken. 'Hé, jongens! Hierzo!' riep Margreet. 'Hoi.' Snel overhandigde ik ze de shirts. 'Wij gaan ons omkleden,' zei ik.
'Is goed. Tot zo.'
Samen liepen we naar de kleedkamer. Ik gooide mijn sporttas op de grond en pakte hem uit om me om te kleden voor het toernooi waarvan we zo hoopten te winnen.
We hadden de kleedkamer voor onszelf en praatten dus uitgelaten met elkaar. Ik schoof een anonieme tas opzij en ging zitten. Ik liet mijn hoofd tegen de haakjes rusten die als kapstok dienst moesten doen. Sander en Martin hadden hun tassen al uitgepakt en waren bezig zich om te kleden. Zelf stond ik ook op en trok mijn shirt en T-shirt in een beweging uit om het te vervangen door mijn Team Henk shirt. Voorop stond Team Henk en achterop mijn naam. Ik bleef het professioneel vinden.

Ik rommelde wat in mijn tas en gooide mijn blauwe schoenen op de grond. Na even zoeken vond ik wat ik zocht, mijn blauwe wedstrijdbroekje.
'Je bent echt helemaal in het blauw,' merkte Martin op.
'Niet helemaal,' antwoordde ik. 'Mijn knielappen zijn zwart.'
Ik haalde twee knielappen uit mijn tas en deed ze om. Deze dingen hadden als doel dat ik mijn knieën minder zou bezeren als ik een bal moest opduiken. 'Ik heb voor jullie ook meegenomen, zoals beloofd. Hier.' Ik gooide Sander en Martin een paar toe. 'Ik heb witte,' zei Sander.
'Verschrikkelijk,' snoof Martin die ze om zijn knieën deed. 'Stoer.'
'Dacht ik,' knikte ik. 'Ik heb ze allemaal gedragen dus misschien worden jullie vandaag geïnspireerd.'
'Als dat zou kunnen,' lachte Daan die als enige nog niets om zijn knieën had.

'Bennie!' riep Sander toen de deur van de kleedkamer open ging en mijn anderhalf jaar jongere broertje binnen kwam lopen. Hij gooide zijn tas op de bank en kleedde zich vlot om. Hij nam zijn Team Henk shirt aan en trok het vlot aan. 'Ik zie dat ik de laatste ben,' merkte hij op.
'Is niet erg, je bent er nu,' stelde ik hem gerust.
'Hier, Daan. Vangen!' mijn broertje gooide hem een paar knielappen toe en deed zelf een ander paar om. 'We lijken professioneel,' merkte hij op.
'Dat zijn we ook,' zei Daan. 'We zijn Team Henk.'
'Ik bedoel maar,' zei Sander.
'Kom op, jongens,' zei ik. 'We gaan ervoor.'
'Jowww! Eindelijk.' Martin stond op en liep de deur uit.

Op de drie velden werden nog geen wedstrijden gespeeld maar waren mensen al wel bezig met inspelen met de volleyballen die ruimschoots aanwezig waren. Sander stapte de blauwe vloer op en pakte een bal. 'Coen!' riep hij toen hij de bal naar me toe speelde. Ik nam de bal onderhands op mijn armen en liet hem omhoog stuiten tot ver boven mijn hoofd. Toen de bal weer wat gedaald was speelde ik hem bovenhands terug. De anderen waren er ook bij komen staan en al snel speelden we in een cirkel wat rond zodat iedereen een beetje in kon komen. Ben had even gevolleybald en was het duidelijk nog niet verleerd. Marjolein en Margreet kwamen er ook bij. Ik sloeg de bal naar Marjolein toe en hoewel ik niet hard had geslagen had ze wel moeite met het verwerken van de bal. 'Kom op,' zei ik. 'Dat speelt nou bij Lycurgus...'
Ze antwoordde niet maar sloeg de bal naar me terug toen ze de kans had. Ik verwerkte de bal makkelijk en het spel ging verder.

'Welkom, dames en heren!' klonk het door de luidsprekers. Sander ving de bal af en keek naar de man die had gesproken. Hij stond op het middelste veld voor de jurytafel. 'Hé, we hebben een stadionspeaker,' merkte hij op.
'Wat een oliebol,' zei Daan.
We lachten allemaal en liepen, evenals de andere mensen, naar de tafel toe.
'Welkom allemaal, op dit toernooi. Ik hoop dat jullie mij vandaag wat volleybal zullen laten zien. Maar eerst even de regels.' De man zweeg en keek over de belangstellende hoofden. 'Smashen en bovenhands serveren mag,' ging hij verder. 'Maar doe dit met mate en denk na. Het moet gezellig blijven. De scheidsrechter mag een speler verbieden te smashen of bovenhands te serveren als hij of zij denkt dat dit nodig is. We spelen tot half zes. Daarna is er een pauze tot zeven uur waarin gegeten kan worden. Dit kan, tegen een zeer voordelige prijs, in de kantine van de sporthal maar spelers mogen ook eigen eten nuttigen. De finale zal om acht uur zijn. Goed... zijn er nog vragen?' De mensen schudden hun hoofd en gingen verder met inspelen. 'Goed, de wedstrijden zullen over een half uurtje beginnen!' besloot de man. Hij knikte tegen een vrouw achter hem en er klonk kerstmuziek uit de speakers (All I want for Christmas is you).

'Hé, Coen. Je vriendin!' riep Sander.
Ik speelde een bal achterover naar Martin en keek op. 'Ik heb geen vriendin, aap.'
'Nou ja, bijna dan,' antwoordde Sander berustend. 'De videotheek heeft ook een team ingeschreven.'
'Fijn,' snoof ik. Maar ik keek wel naar het meisje. Ze droeg een groen met zwart sporthemd en speelde lachend in met een donkerharig meisje dat ik niet kende.
Marjolein en Margreet bekeken haar kritisch. 'Ze ziet er leuk uit, Coen,' zei Marjolein.
Sander grinnikte en ik maakte een obsceen gebaar naar hem. 'Bedankt, vriend,' mompelde ik.

'Als we tegen ze willen spelen moeten we in de finale komen,' zei Martin die een blik op het wedstrijdschema wierp. Ik liet het inspelen voor wat het was en liep naar hem toe. 'Acht poules van vier teams. Beste twee gaan door naar de laatste 16,' zei hij. 'De acht poules zijn eigenlijk twee grote poules waarin teams tegen elkaar spelen,' ging hij verder. 'Wij spelen in de eerste "grote poule" en zij in de tweede.'
'Winnen dan dus,' zei ik.
'Wil je zo graag tegen haar spelen?' vroeg Martin.
'Spelen niet, winnen wel.'
Martin lachte en sloeg me op mijn schouder toen hij het veld weer inliep.

Ik sprong over de afscheiding tussen de tribunes en veld heen en ging hem in een drafje achterna. Het publiek begon nu ook binnen te stromen. Ouders, grootouders, ooms en tantes, nichtjes en neefjes, toevallige passanten. Iedereen kwam de hal in op het moment dat de speaker zijn microfoon pakte. 'De eerste wedstrijden,' zei hij. 'Zijn als volgt: Op veld 1, Gerda en Co tegen De waarschijnlijke overwinnaars. Op veld 2, Team Henk tegen Rood en op Veld 3 De Videos tegen The Worms! Wil iedereen naar zijn of haar veld gaan, alstublieft? De wedstrijden beginnen over vijf minuten. Er zullen twee sets tot de 20 gespeeld worden of voor een tijdsbestek van een half uur. Succes allemaal!'

Samen met de rest van mijn team liep ik naar veld twee toe waar onze tegenstanders al stonden te wachten. Zoals hun naam al deed vermoeden waren ze compleet in het rood gekleed. De scheidsrechter kwam naar het net toe. 'Ik wil graag tossen,' zei hij.
'Vooruit, Coen!' Sander schoof mij richting de scheidsrechter. 'En winnen hè!'
Ik koos kop en won de tos. 'Wij beginnen met serveren,' besliste ik snel.
'Wij blijven staan,' antwoordde de man van Rood. Hij was een lange kerel van iets in de 40 en schudde mij vriendelijk de hand. 'Succes.'
'Hetzelfde.' Ik draaide me om en liep terug.
'Oké, we beginnen met serveren.' Ik verzamelde het team. 'Concentreren, en gewoon spelen. Lol maken.'
'Komt goed,' zei Daan.
'Oké, wat de opstelling betreft...' Ik keek de kring rond. 'Marjolein en ik beginnen kruislings ten opzichte van elkaar. We draaien gewoon in bij de serve. Wil er iemand aan de kant beginnen?'
'Dat doe ik wel,' zei Martin.
'Oké. Kom op! We gaan ervoor!'
'Jo!'

We klapten onze handen tegen elkaar en namen onze posities in. De scheidsrechter keek ons lachend aan en gooide de bal naar Marjolein toe die rechtsachter klaarstond. Ik zelf was links voor gaan staan, naast Sander en Ben die allebei strijdlustig leken. Daan stond links achter en Margreet in het midden. Martin was aan de kant op de bank gaan zitten en bestudeerde de tegenstander. Marjolein keek me vragend aan en maakte het gebaar van iemand die bovenhands serveerde. Ik knikte. 'Als je denk dat het je lukt gewoon doen!'
Ze leek zelfverzekerd en knikte.
Jingle Bells hield op met spelen en de speaker nam het woord.
'We beginnen. Succes allemaal!'
De scheidsrechter ging staan, stak zijn hand uit en blies op het fluitje.
Marjolein wachtte, zuchtte en gooide toen de bal op. Ze produceerde een strakke serve, vlak over het net heen.

De tegenstander kon de bal niet verwerken en de bal ketste weg. Ons eerste punt van de wedstrijd, en van de hele dag, was een feit. Marjolein kreeg de bal teruggerold en serveerde nog een keer. Nu kwam de bal wel terug. Onze tegenstander bestond uit allemaal volwassenen van een jaar of 30/40 die stuk voor stuk wel een potje konden volleyballen. Toch kwam er van aanvallen niet zoveel terecht. Wij merkten dit wel en speelden gewoon mee, af en toe een tandje bijschakelend als dat nodig was. We wonnen de eerste set dan ook redelijk makkelijk met 20-12. Dit was met name te danken aan een servesserie van Martin die de laatste tien punten op rij wist te scoren met een onderhandse serve waar hij een raar effect in legde.

Ik begon de tweede set aan de kant en bekeek op mijn gemak het publiek nadat we een voorsprong van 5 punten hadden opgebouwd. Wederom door de serve van Martin. Het team van de videotheek zat bij onze wedstrijd te kijken. Omdat hij op het "hoofdveld" was dat in het midden van de sporthal lag trok onze wedstrijd sowieso het meeste bekijks. 'Coen! Je moet erin!' riep Daan die kwam wisselen.
'Oké.' Ik liep het veld in en nam de bal aan om te serveren.

Het publiek riep wat op het moment dat ik de bal opgooide en hem naar de overkant sloeg. De bal was vanaf de linkerkant van het veld rechtdoor geserveerd en belandde op de gele lijn zonder dat iemand eraan kwam. 'Ace! Ja hoor!' riep ik terwijl ik het veld in liep. De bal rolde weer terug en ik probeerde mijn eerdere geintje te herhalen. Nu kwam er wel een bal terug die ook nog eens bij ons op de grond kwam.

'Shit,' mopperde ik.
'Gewoon door blijven gaan,' vond Marjolein. Natuurlijk had ze gelijk. Ik vind het irritant als ze vaak gelijk heeft maar in dit geval moest ik haar echt gelijk geven. Niet dat was ons echt zorgen hoefden te maken. We konden de tegenstander zonder al teveel moeite aan. Na een paar keer doordraaien hadden we nog maar twee punten nodig. Ik stond samen met Sander en Ben voor bij het net. 'Sander, tijd voor ons truucje.'
Sander knikte.

De tegenstander serveerde en Marjolein bracht de bal netjes naar Sander met een onderhandse paas. Sander, op zijn beurt, gaf een set-up aan mij. De bal was hoog en het net, in vergelijking tot wat ik gewend ben, laag en dus kon ik de bal hard inslaan. 'Nog één puntje, jongens!' riep ik. De tegenstander kreeg de bal na de serve weer over het net naar ons toe. De paas van Margreet was prachtig en op maat maar alleen wel richting mij, in plaats van naar Sander. Ik sprong zodat ik in sprong een set-up kon geven. Maar op het laatste moment haalde ik mijn linkerhand voor de bal weg en duwde ik hem met mijn rechterhand over het net heen. Onze tegenstanders hadden dit handigheidje niet verwacht en de eerste wedstrijd werd dan ook met 2-0 door ons gewonnen.

Tevreden liepen we naar de kantine van de sporthal waar veel gratis oliebollen werden uitgedeeld. Volledig voorzien van oliebollen gingen we met het hele team aan een tafeltje bij het raam zitten. 'Goed gespeeld, jongens,' zei Marjolein.
'Ja, netjes gedaan,' viel ik haar bij.
'Wanneer moeten we weer?' vroeg Sander.
Martin stond op en liep naar het wedstrijdschema dat op de bar lag. 'Over ongeveer een half uurtje,' zei hij.

Buiten zagen we mensen haastig heen en weer lopen. Sommige mensen kwamen naar binnen om te schuilen voor de bijtende kou en de sneeuw terwijl anderen juist weer naar de nabij gelegen supermarkt liepen om nog wat "last minute" boodschappen te doen. Een serie knallen ging door de straat heen. Het waren onmiskenbaar klappen van nitraat.
'Te gek!' riep Sander. 'Heb jij ook wat bij je?' voegde hij daar jegens mij aan toe.
'Nee, sorry. Dat heb ik thuis gelaten.'
'Er is hier vanavond ook een groot vuurwerk.' De beheerder van de sporthal was achter ons komen staan. Hij was een lange, wat gespierde man met een hoofd dat meer weg had van een biljartbal. Desondanks was hij een aardige kerel. De man stond in een witte polo met zijn armen over elkaar achter ons naar buiten te turen.
'Wat?' vroeg ik hem, in de steevaste overtuiging dat ik het niet goed gehoord kon hebben.

'Een kleine vuurwerk show,' herhaalde hij. 'Ter ere van de winnaars en ter afsluiting van het toernooi.'
'Dat was er vorig jaar nog niet,' merkte ik op.
'Het is nieuw,' knikte de beheerder. 'Maar hopelijk gaat het bevallen.'
'Moet wel,' vond Sander. 'Vuurwerk is altijd genieten.'
Buiten klonk geknetter van iemand die iets afschoot dat op een romeinse kaars leek. De effecten waren bijna onzichtbaar vanwege het zonlicht. 'Goed gespeeld zonet,' zei de beheerder. 'Ik heb gekeken, jullie maken een goede kans.'
'Dat hopen we,' antwoordde ik.
'Zij zijn anders ook goed,' zei de beheerder met een knik op het eerste veld.

Door de ramen van de kantine konden de velden worden overzien. Op veld een werd een wedstrijd gespeeld maar een van de twee teams was duidelijk in het voordeel. 'Dat is het team van de videotheek,' zei Martin. Onze aandacht werd afgeleid doordat er buiten opnieuw geknal klonk. De daders moesten echter maken dat ze wegkwamen omdat een politieauto roet in het eten kwam gooien. 'Kloten juten,' mompelde Daan binnensmonds.
'Het is niet aardig dat ze de sfeer verpesten,' zei Sander.

'Jongens!' de stem van Marjolein klonk uit de deuropening. 'We moeten weer,' zei ze.
'Een half uur gaat snel als je vuurwerk hebt,' grijnsde Martin. 'Kom op, jongens. Winnen!' De tegenstander waar we tegen moesten spelen was gewoon diep triest. Het was een kwestie van serveren. Na drie keer serveren kreeg ik van de scheidsrechter een verbod om nog bovenhands te serveren, voor zolang de wedstrijd nog duurde dan. Onderhands ging ik verder, niet dat het veel uitmaakte want scoren deden we toch nog wel. De eerste set wonnen we makkelijk met 20-3 en de tweede set ging, door wat slordiger spelen aan onze kant, met 20-10 naar ons. We waren door naar de laatste 16! Ik moet zeggen dat het een heerlijk gevoel was dat de laatste wedstrijd al niet meer uitmaakte. De derde wedstrijd wonnen we ook, zij hij nipt (20-18 en 25-23).

Dit betekende dat wij als eerste in onze poule doorgingen naar de laatste 16. De speaker nam het woord weer om het verdere verloop van het toernooi uit te leggen. Op de achtergrond was zacht het geknal van buiten te horen. Nu de politieauto weer weg was stookte men rustig verder. Ik moet zeggen dat ik met vlinders in mijn buik stond te luisteren, en ik luisterde niet naar die man kan ik je wel vertellen.

'We spelen vanaf nu met een knock-out systeem,' neuzelde de man verder. 'Iedereen die verliest ligt eruit. De laatste vier zijn tot het einde toe in de race voor een prijs. De strijd om de derde en vierde plaats zal na de pauze, om zeven uur, worden gehouden. Gevolgd door de finale rond een uur of acht.'
'Met ons erin,' fluisterde Martin. Ik knikte.
'Het wedstrijdschema voor de laatste 16 wordt nu opgehangen. Jullie hebben even een half uurtje rust, waarna we verder gaan. In de kantine is gratis chocolademelk te verkrijgen evenals gratis oliebollen! Succes gewenst aan de teams die nog in de race zijn!' De man legde de microfoon neer wat een gepiep door de speakers veroorzaakte. Snel startte een vrouw aan de jurytafel waar een kerstliedje zodat we van het gepiep af waren.

'Wat gaan wij doen?' vroeg Sander.
'Je ziet maar,' antwoordde ik. 'Zorg gewoon dat je op tijd weer bij het veld bent en probeer niet teveel af te koelen. Trek even een trainingsjack aan of zo.'
Zelf liep ik naar de kleedkamer waar ik een trui van mijn volleybal vereniging uit mijn tas haalde en aantrok. 'Da's reclame,' spotte Sander.
'Wel goede reclame,' kaatste ik terug.
'True.'
Martin kwam ook de kleedkamer in lopen en trok een trainingsjas aan. Sander en Daan, die ook net binnen kwam, volgden zijn voorbeeld. Buiten klonk weer een serie knallen.

'Ze gaan lekker tekeer daar,' zei Sander.
'Laten we gaan kijken.' Martin rende al naar de deur van de kleedkamer, gevolgd door Sander en mij. Buiten liepen we Daan bijna omver. Zijn ogen straalden.
'Ze gaan buiten allemaal sierspul afsteken!' riep hij enthousiast. 'Samen met knalwerk. Het is een demonstratie van de videotheek.'
'Beetje laat niet?' merkte Ben op.
'Man,' ik keek mijn broertje aan. 'Wat maakt dat uit? Het is vuurwerk!'
'Daar heb je gelijk in,' knikte hij toen hij ons gelijk achterna kwam om ook van het vuurwerk te genieten.

In de drukke kantine wisten we net het laatste tafeltje voor het raam te bezetten waarna we onszelf nogmaals van oliebollen en chocolademelk voorzagen. De kantine zat propvol omdat de meeste sporters wijselijk hadden besloten binnen te blijven kijken naar de voorstelling van de videotheek. Enkelen waren echter buiten gaan staan, sommigen zelfs in korte broek, en stonden nu te blauwbekken van de kou.

Eindelijk begon de show. Een medewerker van de videotheek stak de ratelbanden aan. Een gigantische vuurwerkshow was het gevolg. De show vulde precies het halve uur dat nodig was om de wedstrijdschema's te maken. Terwijl het publiek en de spelers zich vergaapten aan het vuurwerk buiten, werkte de jury stevig door om de wedstrijdschema's af te krijgen. Een paar enkelingen waren echter nog in de zaal bezig met de volleyballen.

Terwijl er buiten voorbereidingen werden getroffen voor de volgende serie knallen, met het siervuurwerk zou na overleg toch gewacht worden tot vanavond, stond ik op en keerde de warme kantine de rug toe om even in de zaal te gaan kijken. Hoewel ik voelde dat Martin en Daan me nakeken liep ik door zonder te melden waar ik heen ging. Ik ging ervan uit dat het overduidelijk genoeg was, waar zou ik anders heen moeten gaan?

In de zaal waren een paar actievelingen bezig met ballen. Het blonde meisjes van de videotheek was bij de muur van de kantine een bal aan het slaan. Iedere keer stuitte de bal op en sloeg ze hem via de grond tegen de muur. Het was een veelgebruikte oefening die ik zelf ook wel eens heb gedaan. Achter me klonk nog steeds het geknal van buiten, gecombineerd met de kreetjes van die mensen binnen de grote vuurwerkshow volgden.

Mijn voetstappen waren duidelijk hoorbaar op de rode met zeil bedekte grond en weerkaatsten tegen de bakstenen muren. Ik liep naar een van de banken toe en ging er op zitten terwijl ik het meisje gade sloeg. Helemaal zeker wist ik het niet maar ik was er vrij zeker van dat ze me gehoord moest hebben. Het maakte alleen niets uit, ze ging gewoon daar alsof ik er niet was.

Voor een moment zweeg ik zelf, twijfelend wat te doen. Ik vocht tegen de neiging om gewoon weer terug te gaan. Uiteindelijk had ik half besloten de stoute schoenen aan te trekken. Dat gevoel werd gelijk weer ongedaan gemaakt en weer stond ik in tweestrijd met mezelf.
'Moet je niet naar het vuurwerk kijken?'
Het was eruit voor ik er erg in had.
Ik zag de verrassing van de vraag in haar ogen toen ze de bal opving en me aankeek. Haar ogen waren zo helder blauw dat ik er bijna van achterover sloeg.
'Ik heb er de afgelopen dagen al genoeg van gezien,' zei ze. Haar stem klonk zacht en teder. 'En genoeg van verkocht,' ging ze verder. 'Ik ben blij dat ik er even een dagje niets meer mee hoef te doen. Dan ga ik er niet naar kijken.'
Ik haalde mijn schouders op. 'Dat is ook een manier om er tegenaan te kijken.'
Ze haalde haar wenkbrauwen op. 'Je bent het er niet mee eens?'
'Ik ben nogal een freak,' grijnsde ik. 'Sommige mensen menen dat er een steekje aan me los zit, maar ach.'
'Wat je kocht viel nog wel mee hoor.'
Ik voelde me verbaast. 'Dat weet je nog?'
Ze knikte. 'Ja. Jij was degene die mijn koffie zo briljant vond.'
'Dat was hij ook. Ik meende het.'
Ze lachte en keek me onderzoekend aan.
Ik lachte terug en zweeg. Net toen de stilte pijnlijk begon te worden schoten er twee vuurpijlen de lucht in. Doordat het dak van de sporthal half doorzichtig is konden we het zien.
Ik stond op. 'Ik dacht dat ze zouden wachten met het siervuurwerk.'
Ze schudde haar hoofd. 'Bij een paar knaldingen zit ook sier. Daar ontkom je niet aan.'
Ik liep het veld in om het beter te kunnen zien. Het meisje ging voor me aan de kant en ik liep vlak langs haar. Even rook ik een vleugje zoete parfum. Boven ons knalde een stuk vuurwerk uit elkaar en verspreidde een crackling effect boven ons in de lucht.

Ik keek het effect aan en richtte mijn aandacht toen weer op het meisje dat mij stond te observeren. 'Volleybal je?' vroeg ik.
'Bij een vereniging hier in de buurt,' knikte ze. 'Jij?'
'Ook,' antwoordde ik.
Ze glimlachte en hield de bal omhoog. Zelf knikte ik en ging ik klaarstaan op het moment dat ze de bal naar me toespeelde. Vanaf dat moment gingen we allebei op in het overspelen terwijl boven en naast ons het vuurwerk met een donderend geraas werd afgestoken als een voorbode op Oud en Nieuw.

Terwijl wij vrolijk verder speelden besloot degene in de zaal om wat te experimenteren met de geluidsinstallatie. Het geknal van buiten werd al snel vergezeld met de domste liedjes. Sesamstraat en ook enkele andere suffe dingen kwamen voorbij. Verbaast ving ik de bal af en liep ik naar de jurytafel toe waardoor ik naast het meisje kwam te staan. Die leek even verbaast al lag er een geamuseerde trek rond haar mond. Ik begon ook te lachen. Al snel werden de liedjes zo dom dat we onszelf aan elkaar overeind moesten houden om nog te blijven staan. Zelfs terwijl we houvast zochten aan elkaar bleven we nog maar net staan. Vrolijk gingen we verder met overspelen om af en toe de ander overeind te helpen als die door het lachen weer eens op de grond was gaan zitten.

De muziek werd weer wat serieuzer en met een laatste knal werd ook de vuurwerk show buiten besloten waardoor de meeste mensen de zaal weer inkwamen.
'Zo zo. Vuurwerk is leuk maar schijnbaar hebben wij hier ook wat gemist.' Sander glimlachte toen hij ons op de grond zag zitten. Martin liep hem voorbij en sprong soepel over de afscheiding heen. Ik glimlachte wat beschaamd en stond op om het meisje de hand te reiken. Ze nam mijn hand aan en ik hielp haar overeind.

Sander haalde zijn blik van haar af en keek mij aan. 'We moeten zo weer, Coen,' zei hij. 'Staan als eerste op de planning.'
Ik knikte. 'Goed. Laten we gaan dan.'
Sander en Martin knikten allebei en sprongen weer over de afscheiding heen om met de rest van het team naar het wedstrijd veld te lopen. Zelf draaide ik me om en keek mijn inspeelpartner aan. 'Ik moet gaan.'
Ze knikte. 'Succes. Ik heb gekeken. Jullie maken een goede kans.'
'Jullie ook,' antwoordde ik.
'Winnen dan,' zei ze. 'Ik wil graag tegen een team spelen dat wel wat verzet biedt.'
'Komt goed,' grijnsde ik terug. Ik stak mijn hand nog een keer uit. 'Coen.'
'Weet ik, staat op je shirt,' glimlachte ze. 'Carmen.'
'Succes.'
'Jullie ook. We treffen elkaar in de finale.'
Zelf sprong ik ook over de afscheiding heen. Sander stond al op de uitkijk. 'Afgesproken.'
Carmen glimlachte en draaide zich om. Zelf haastte ik me naar het veld om in te spelen.

Endurance · Fidelity · Intelligence
[-] De volgende 5 gebruikers zeggen bedankt Coen voor dit bericht:
  • Breeze, brl-scv, Haruna, Mav, Robin
Voeg bedankje toe Antwoord
#24
En het volgende deel:

We gingen zonder problemen door naar de kwart- en ook naar de halve finale. We wonnen beide keren met 2-0 van onze tegenstanders die betrekkelijk weinig voorstelden. Ook de halve finale wonnen we. Door een verandering in ons team verloren we de eerste set om vervolgen de laatste twee te winnen. Margreet en Martin hadden zich allebei ontpopt tot prima spelverdelers. Zij waren dan ook degenen die dit het meeste deden. Doordat we door moesten wisselen was het af en toe noodzakelijk dat of Marjolein of ik dit even deed. Toch hadden we al met al weinig moeite en plaatsten we ons, onder aanmoediging van het team van de videotheek, voor de finale. Met een gelukkig gevoel kleedden we ons snel om zodat we konden gaan eten. Bij de deur van de sporthal gingen we naar buiten, de kou in.

'We gaan die finale echt zo hard winnen,' zei Ben. Ik glimlachte en zweeg. Het hele team was enthousiast en vol bravoure. Zelf was ik wat voorzichtiger. Marjolein merkte het en kwam naast me lopen. 'Wat is er?' vroeg ze me zacht.
Ik keek naar de anderen die wat verder voor ons liepen. De nog niet behaalde overwinning al vierend. Ik schraapte mijn keel. 'Ze zijn te optimistisch.'
Marjolein glimlachte. Boven ons ging een vuurpijl de lucht in zodat onze gezichten verlicht werden. 'Denk je dat? Ze doen me denken aan jou. Jij was ook zo.'
Ik schudde mijn hoofd. 'Het team van de videotheek is echt goed.'
'Wij hebben het ook gered,' bracht Marjolein daar tegenin.
'Dat klopt.'

We baggerden verder door de centimeters sneeuw die waren gevallen. Het was nu gestopt met sneeuwen en de donkere nacht bracht momenteel weinig anders dan lantaarnlicht en kou. Ik stak mijn handen in mijn zakken in een poging ze wat op te warmen. Mijn adem kwam als damp uit mijn neus en mond. Gelukkig kwam al snel mijn huis in zicht waar we allemaal zouden eten. Ben, die verder vooraan liep dan ik, diepte zijn hand in zijn zak om de huissleutels tevoorschijn te halen. Hij stak ze in het slot en draaide ze om waarmee hij de deur voor ons opende. 'Kom erin,' zei hij.

We dromden allemaal de wat kleine gang in. Zelf opende ik de deur naar de kamer en liep gelijk naar binnen. Ik bereidde me voor op een beslagen bril die echter niet kwam. Ik had 's ochtends lenzen ingedaan en die zaten zo goed dat ik niet merkte dat ik ze in had. Mijn ouders keken op van de herrie in de gang. 'Nee hè,' begon mijn vader al. 'Zijn zij er ook weer.'
'Sorry, buurman.' Sander kwam de kamer binnen lopen en liet zich gelijk lui op de bank vallen. Martin ging naast hem zitten. Margreet en Marjolein begroetten allebei mijn moeder en daarna Maran. Ben was aan de grote tafel gaan zitten en had zijn gameboy gepakt.

'En?' vroeg mijn vader. 'Hoe ging het?'
'In de finale natuurlijk,' zei Sander ad rem.
'Nee? Ga weg.' Mijn vader leek erg verbaast. 'Meen je dat?' vroeg hij.
Ik knikte. 'Toch wel hè?'
'Zo zo.'
'In de finale, jongens?' mijn moeder kwam de kamer binnen lopen. In de keuken stond een grote pan op het gas. 'Dan moeten we maar komen kijken zo meteen.'
'Het begint om acht uur,' zei ik. 'Mam? Wat zit er in die pan?'
'Dat rijmt,' grapte Sander waarmee hij Martin bijna liet stikken in het glas Dubbel Fris dat hij net aan het drinken was.
'Ik heb een pan snert gemaakt,' antwoordde mijn moeder.
'Lekker!' klonk het door de kamer

Zodra het eten klaar was liep iedereen met een bord naar de keuken om zichzelf een overheerlijk bord warme snert op te scheppen. Ik ging snel aan tafel zitten samen met Sander, Martin en Daan. We kregen al snel gezelschap van Margreet en Marjolein waardoor het onderwerp verschoof van vuurwerk naar de finale die we zo meteen zouden gaan spelen. Ik zei relatief weinig maar genoot van de warme snert die ik via mijn mond heerlijk warm naar mijn maag kon voelen lopen. Snel lepelden we alles naar binnen.

'Het is bijna zeven uur,' zei Martin. 'Ik wil de wedstrijd om de derde en vierde plek ook wel zien eigenlijk.'
Ik stond op. 'Ik ga wel mee.'
Na even overleggen werd door iedereen besloten dat we zouden gaan kijken.
Met z'n allen naar de gang lopen in een poging daar onze jassen en schoenen aan te doen liep echter uit op een mislukking. Uiteindelijk lukte het om na veel geklier met z'n allen buiten te komen. De sporttassen hingen om de schouders en samen gingen we op weg naar de sporthal. Dit ging gepaard met veel gelach en gejoel. Iedereen was uitgelaten. Waarschijnlijk een manier om de zenuwen af te reageren.

Ver voordat we de sporthal naderden hoorden we al knallen. De finales hadden allemaal mensen aangetrokken en er waren dan ook meer dan genoeg mensen die buiten bezig waren met het afsteken van vuurwerk. Zowel legaal als illegaal werd rijkelijk afgestoken. De politie had schijnbaar besloten er weinig aan te doen.

Martin opende de deur van de sporthal en hield hem voor ons open. We liepen allemaal naar binnen terwijl hij de deur achter ons dicht liet vallen. Toen we nog maar net de zaal in waren gelopen hoorde ik Daan naar adem happen. 'Mijn god. Moet je al die mensen zien!'
'Veel hè?' antwoordde ik. 'Hier spelen wij straks voor.'
Martin keek me lichtelijk verbijstert aan. 'Dit wist jij?' vroeg hij.
'Ja.' Martin haalde zijn blik van mij af en keek Marjolein aan. 'Vorig jaar was het ook al zo druk,' antwoordde ze.
Martin en Daan gingen samen met Sander en Ben wat verder naar voren om naar de wedstrijd te kijken. Omdat er nu nog maar één veld in gebruik was werd de sporthal nu in de lengte gebruikt zodat de zijkant van het veld naar de tribune gericht was in plaats van een van de achterlijnen. Dit zorgde er ook voor dat de spelers goed te zien waren.

Na even zoeken vond ik ook het team van de videotheek. Carmen leek niet erg geïnteresseerd in de wedstrijd en keek de hal door. Ze zag mij en stak haar hand op. Ik zwaaide terug en keek naar de wedstrijd. Die was van hoog niveau. Er werd vrijwel op iedere bal aangevallen en de mensen waar wij van hadden gewonnen werden afgedroogd. Ik draaide me om zodat ik nog snel een flesje drinken kon halen. We hadden met het team afgesproken dat we om half acht zouden gaan omkleden en ik had nog vijf minuten tot het zo ver was.

Toen ik terug kwam keek ik zoekend rond naar de rest van het team. Carmen zag me kijken. 'Ze zijn al naar de kleedkamer!' riep ze.
'Bedankt,' antwoordde ik.
'Geen probleem. En succes.'
'Jij ook,' antwoordde ik terwijl ik naar de kleedkamer liep. De rest van het team was al half bezig met omkleden en ook al half klaar. Snel deed ik mijn sporttas open. Ik trok een wit shirt aan onder mijn Team Henk shirt om te voorkomen dat het wat te vies zou worden. Mijn Team Henk shirt had ik de hele dag al aan en het was nauwelijks gedroogd dus was ik blij dat ik er iets onder aan had. Tegen de tijd dat ik klaar was met omkleden was de rest van het team dat ook en zaten ze stil in de kleedkamer. We hadden te horen gekregen dat we hier het beste konden blijven tot we werden aangekondigd. Alleen de geluiden uit de zaal en het gejuich werkten niet bepaald geruststellend. De enige vorm van geruststelling kwam van buiten als iemand vuurwerk afstak.

Iedereen zag wat bleekjes en leek zenuwachtig. Zelf voelde ik me ook alsof ik wormen had gegeten in plaats van de overheerlijke snert. Ik stond op en liep de kleedkamer op en neer. De rest keek liever naar de grond op Marjolein na die me gade sloeg. 'Nou?'
De rest van het team keek ook op toen ik sprak.
'Waar is de bravoure gebleven? Waar is die zelfverzekerde uitstraling van zonet?'
Ben keek weer naar de grond. De rest zweeg ook. Ik keek de groep rond, iemand uitdagend wat te zeggen. Het was Martin die uiteindelijk zijn mond open deed. 'Heb je ze net gezien, Coen? Heb je ze net gezien?'
Een knal onderbrak ons gesprek. De kriebel in mijn buik werd even wat erger door de knal maar toen Martin het woord weer nam was het gevoel verdwenen. 'Heb je gezien hoe goed ze waren? Het team waar wij in de halve finales al moeite mee hadden werd afgemaakt. En het team van de videotheek, onze tegenstander, heeft van die lui gewonnen.'
Ik keek de groep nog een keer rond. 'We kunnen niet winnen.' Het was Sander die deze opmerking maakte. Nogmaals keek ik de groep rond. Hun blikken waren duister, de bravoure was eruit verdwenen. Vrijwel iedereen keek weg toen ik oogcontact zocht. Alleen Marjolein, Martin en Ben hielden mijn blik vast tot ik hem afwendde.

'Dus,' zei ik. 'Misschien zijn ze beter dan wij. Misschien hebben ze een grotere kans om te winnen. Misschien is dat alles wel waar. Maar wat dan nog? Denk eraan wat we gedaan hebben,' er begon bravoure in mijn stem door te klinken toen ik verder ging. 'Bedenk wat ons gelukt is. We staan in de finale! Iets dat onwaarschijnlijk leek. Dus so what als we nu verliezen? We hebben vandaag fantastisch gespeeld. Vol overtuiging. En, wie weet, als we die overtuiging weer hebben kunnen we winnen. Zij zijn niet onverslaanbaar. Ze kunnen geklopt worden. En ik heb er alle vertrouwen in. Alle vertrouwen in ons.' Ik keek de kring rond. Iedereen keek me aan en hier en daar glimlachten ze. 'Zo slecht zijn we niet,' ging ik verder. 'Wij kunnen ook aanvallen. Zorg ervoor dat de paas er ligt en we kunnen het net zo goed als zij.'
'Zij zijn favoriet,' merkte Daan op.
'Nou en? Wat als ze dat zijn. Dat legt verder niets bij ons neer. Team Henk heeft vandaag tegen alle verwachtingen in alles gewonnen. We hebben niets te verliezen, helemaal niets. Als we verliezen dan is dat jammer. Maar we moeten voor de winst gaan. Ik vraag jullie niet om te winnen. Ik vraag jullie om je best te doen, om 100% te geven.' Terwijl ik sprak voelde ik hoe ik groeide en hoe het team groeide. Hoe het zelfvertrouwen terugkeerde. 'Doe alleen jullie best. Dat vraag ik. Meer niet. En wie weet. Als het meezit, misschien winnen we dan wel. Maar als we allemaal ons best hebben gedaan, dan is het goed. Ongeacht de uitslag.'

Marjolein knikte. Margreet viel haar bij en ook Daan en Ben zagen het weer zitten. Ik liep naar het midden van de kleedkamer en legde mijn hand op Martin's schouder. 'We kunnen het,' zei hij. De rest van het team kwam er ook bij staan. We vormden een cirkel in de kleedkamer, onze handen lagen in het midden van die cirkel op elkaar. 'We gaan ervoor,' zei ik. 'Concentreer je en gebruik je hoofd tijdens het spel. Als we alles geven kunnen we winnen.'
Het hele team bleef nog even bij elkaar staan, veilig geborgen in elkaars nabijheid.
Toen knikten we allemaal. 'Goed,' zei Sander zacht. 'Kom op!'
De deur ging open, een jurylid kwam naar binnen. 'Het is tijd,' zei ze zacht. 'Willen jullie mij volgen?'
Het team maakte een rij achter me. Martin gevolgd door Sander en Daan. Ben sloot de rij met Margreet en Marjolein tussen hem en Sander in.

Onder muziek van Tiësto (He's a pirate) kwamen we het veld op lopen evenals onze tegenstanders. Beide teams verdeelden zich over het veld en begonnen zich op te warmen. Margreet en Marjolein pakten gelijk een bal, evenals Ben, Daan en Sander, om in te spelen. Ik liep eerst warm samen met Martin. Het publiek maakte een hels kabaal en het was moeilijk om te communiceren. Martin wandelde dichter bij het publiek en keek het publiek in, dat begerig terug staarde. Ik liep naar hem toe en hij begon ook sneller te lopen om me bij te houden. 'Ze zijn indrukwekkend,' zei hij. 'Negeer ze,' raadde ik hem aan. 'Zij staan hierbuiten.'
Hij knikte en pakte ook een bal zodat we konden inspelen. Toen we tijd kregen om in te slaan riep de scheidsrechter de aanvoerders bij zich. Ik meldde me bij hem evenals de aanvoerder van de tegenstander. Dat bleek een meisje te zijn dat ik kende. Carmen kwam vrolijk naar ons toe lopen. Ze schudde vrolijk mijn hand en koos kop voor de toss die door mij gewonnen werd. 'Succes, Coen.'
'Jij ook,' antwoordde ik.
'Succes allebei,' zei de scheidsrechter. 'Jullie hebben nog drie minuten voor ik begin. Bepaal jullie opstellingen, indraaien gebeurt bij de service.'
Ik knikte en liep naar mijn team dat klaar stond.

De jurytafel startte 4AM Forever van Lost Prophets en Martin keek verbaast op. 'Ik heb het aangevraagd,' zei ik zodra ik aan kwam lopen. 'Ik hoopte dat het jullie wat zou ontspannen. In elk geval. We hebben service dus dat is ons voordeel. Margreet, jij begint linksvooraan zodat jij kunt spelverdelen. Ik sta in het midden en Sander rechtsvoor. Ben?' Ik keek mijn broertje aan. 'Mid achter. Als we de service verliezen verwacht ik de pass van jou. Marjolein begint met serveren, rechtsachter en Daan staat links. Martin, jij begint aan de kant zodat we zodra we de service weer terugwinnen van je service kunnen profiteren. Bovendien loopt de eerste keer met spelverdelen alles ook nog goed.'
Het team knikte. Nogmaals vormden we de cirkel van zonet en nogmaals keek ik hem rond. De gezichten stonden vrolijk. Daan leek zelfverzekerd, Marjolein en Margreet glimlachten. Martin keek serieus en geconcentreerd. Sander en Ben lachten ook. 'Kom op, we kunnen dit.' De muziek donderde verder toen we vol zelfvertrouwen het veld in stapten. Eindelijk was het zo ver.

De eerste set kregen we er flink van langs. Hoewel we ons tot het uiterste verzetten was er geen doorkomen aan. Het team was te zwaar onder de indruk van het publiek en de overweldigende hoeveelheid aandacht. Marjolein en ik werkten ons in het zweet. Ik dook een aantal ballen op en zat aan het einde van de eerste set al redelijk onder de schaafwonden. Toch verloren we hem met 25-10. Terwijl we stonden uit te puffen gebruikte ik de rust om het team toe te spreken. 'Kom op. We moeten ervoor gaan. Niet bang zijn om fouten te maken. Dat gebeurt echt niet. Speel gewoon, sla die ballen in. Probeer het gewoon, fouten maken is niet erg.'
Na die wijsheid gingen we het veld weer in.

De tweede set ging een stuk beter dan de eerste. We kwamen eerst achter maar trokken gelijk en wisten door hard werken zelfs voor te komen tot we bij de 20 kwamen. Margreet en ik stonden samen vooraan het net. De tegenstander gaf een set-up en Margreet en ik sprongen samen op om de bal te blokkeren. Helaas sloeg Carmen hem tegen de zijkant van mijn handen aan waardoor hij afketste en buiten het veld kwam. Een punt voor de tegenstander. Ik was woest op mezelf en viel de volgende bal die ik kreeg aan met al mijn kracht. De bal ging snoeihard in en het publiek juichte me toe.
'Kom op!' riep ik naar Martin die er in kwam om te serveren. Martin verzuimde niet. Hij had zichzelf in no time geleerd hoe met druk om te gaan en serveerde de set simpelweg uit. Met 25-22 ging de set naar ons en maakten we ons op voor de derde en laatste set.

'Kom op. Voor de winst!' riep ik. Het team leek te gloeien van enthousiasme nu ze eenmaal gemerkt hadden dat het best kon. We gingen weer staan en Marjolein serveerde de bal weer strak over het net heen. De bal werd goed verwerkt en Carmen kon ook gelijk aanvallen. De bal ketste af op de blokkering en ging ver het veld uit. Omdat het veld nu achter doorliep rende ik achter de bal aan. Marjolein rende achter me mee. In een reflex dook ik naar de bal toe en wist die over me heen omhoog te spelen. Zodra ik op de grond terechtkwam rolde ik om en kwam bijna tegen het publiek aan dat, vanwege ruimtegebrek, helemaal achter het veld was gaan zitten. Zonder naar hen te kijken volgde ik de bal toen ik terugsprintte. Sander had de bal over het net geslagen en had gescoord. Terwijl we het punt vierden draaiden we door.

Rally's golfden op en neer en de punten werden gescoord. Zo kwamen we uiteindelijk uit bij de stand 24-23. Ik moest zelf serveren. Een foute serve betekende 24-24 terwijl een goede serve mogelijk de overwinning betekende. Ik hield de bal voor me en concentreerde me. Het geluid van het publiek vervaagde tot een zacht geroezemoes op de achtergrond. Ik gooide de bal op en serveerde. Het ding knalde tegen de netrand op en viel er net overheen. Aan de overkant werd de bal verwerkt en kon Carmen van achteruit het veld aanvallen. De bal kwam recht op me af en ik wist hem weer bij Margreet te krijgen die Marjolein een set-up gaf. Zij viel ook aan maar ook die aanval kon worden verdedigd. De volgende bal werd hard geslagen en ketste weer af. Margreet probeerde de bal nog te spelen maar miste hem volkomen. Het hele team staarde als versteend naar de vallende bal. Ineens werd ik wakker en sprintte naar de bal toe. Zo snel mogelijk zette ik mijn laatste stappen en dook.

Voor de zoveelste keer kwam mijn lichaam op harde wijze in aanraking met de vloer. Ik zou zweren dat ik vuurwerk zag toen ik doorrolde en mijn hoofd hard op mijn arm terecht kwam. Mijn hand was onder de bal geschoven de bal en schijnbaar had ik hem omhoog weten te krijgen. Zowel Martin als zijn blokkeerders sprongen er naartoe als in slow motion zweefde hij naar de bal toe. Het was doodstil toen de bal de grond raakte. Dat was echter maar voor heel even. Gelijk daarna vlogen buiten vuurpijlen de lucht in en begon het publiek harder te juichen dan ooit. Ik draaide me om en zag Martin besprongen worden door de rest van het team. Het was gelukt. We hadden gewonnen!

Martin schudde de rest van het team van zich af en sprintte naar mij toe. Ik lag nog steeds op de grond en kwam half grijnzend overeind. 'Prachtige redding!' riep hij me toe. Ik krabbelde overeind en werd vrijwel gelijk daarna weer gevloerd doordat het hele team mij besprong. 'Ga van me af, lui!'
Maar ik had net zo goed tegen het publiek kunnen zeggen dat ze zich stil moesten houden. Er was geen ontkomen aan. Uiteindelijk gingen ze van me af en schudde we de handen van onze tegenstanders. Carmen hield me staande. 'Goed gedaan,' zei ze.
'Dank je,' was het enige dat ik uit wist te brengen. Ze glimlachte vrolijk en liep naar haar ouders toe die aan de kant stonden te wachten. Zelf liep ik naar mijn eigen ouders toe. 'Prachtig gedaan, jongens! Gefeliciteerd hoor!' zei mijn vader. Martin werd op de schouders van Ben, Sander en Daan gehesen en kreeg een rondje door de zaal. Ik rende er naartoe om te voorkomen dat hij viel. Lachend sprong Martin weer naar beneden en liep ook naar mijn ouders toe. Carmen stond nog steeds met haar ouders te praten, schijnbaar hadden ze onenigheid.

'Ik wil nog graag bij het vuurwerk kijken,' hoorde ik haar zeggen. Maar haar ouders wilden er niets van weten. 'Geen sprake van dat je alleen naar huis komt, zo laat,' vond haar vader.
'Als dat een probleem is breng ik haar wel,' zei ik.
Haar ouders keken me aan. Carmen zelf ook. 'Zou je dat willen doen?' vroeg haar moeder.
'Natuurlijk.'
'Maar de meisjes in jullie team dan?'
'Ik heb hele aardige vrienden,' wuifde ik dat bezwaar weg.
'Bedankt dan,' zei haar vader. 'Goed gespeeld, jongeman. Je was werkelijk uitstekend.'
'Dank u,' antwoordde ik. 'Ik moet me gaan omkleden, het vuurwerk begint zo,' zei ik. Snel draaide ik me om zodat ik naar de kleedkamer kon gaan.

Enigszins verbaasd kwamen we naar buiten. Er was een verhoging voor ons neergezet waar we verplicht op moesten gaan staan. Het vuurwerkfestijn barstte los. Prachtig siervuurwerk in allerlei kleuren ging de lucht in. Gouden sterren sprankelden terwijl in letters Team Henk in de lucht kwam te staan. Het was een verschrikkelijk lawaai maar het vuurwerk was heel erg mooi om te zien. De kleuren waren prachtig en het geknetter van het vuurwerk niet om aan te horen zo hard als het was. Zelf hadden mensen ook vuurwerk meegenomen dat ze afstaken. Martin stootte me aan. 'Dit is gewoon het oud en nieuw voor oud en nieuw!' schreeuwde hij.
'En we houden er van!' brulde Daan mee.

Na een half uur lang vol prachtig vuurwerk werd de show afgesloten me twee daverende knallen die ik in mijn maag kon voelen. We sprongen van de verhoging af, blij weer op de grond te staan. Ik zocht Martin even op. 'Ik heb beloofd om Carmen naar huis te brengen. Ik zie je zo wel.'
'Is goed.' Hij maakte er verder geen opmerkingen over.
Snel liep ik naar Carmen toe. 'Kom je?'
Ze knikte. 'Ik ben lopend.'
'Ik ook. Zeg maar waar we heen moeten.'
'Kom maar mee,' lachte ze. Samen liepen we de donkere nacht ik. De sneeuw begon alweer te vallen en in de rustigere buurten waren er alweer mensen die vuurwerk afstaken. De lucht kleurde in vele kleuren door sierpotten en vuurpijlen die nu al werden afgestoken. Na een kleine vijf minuten kwamen we bij Carmen haar huis. 'Hier is het,' zei ze. 'Bedankt voor het thuisbrengen.'
'Graag gedaan,' antwoordde ik.
'Geef me je telefoon eens.'
Ik gaf haar mijn telefoon en snel programmeerde ze er een nummer in. 'Bel me eens,' zei ze met een glimlach.
'Doe ik.'
Ze kuste me zacht op mijn wang en ging naar binnen.
Ik stond nog even verbaast te kijken maar draaide me toen om.

Langzaam zocht ik mijn weg terug door de sneeuw die steeds maar uit de hemel bleef vallen. Ik stak mijn handen in mijn zakken en liep met een blij gevoel in mijn maag door. Als ik de vlinders die ik nu voelde aan kon steken dan had ik heel oud en nieuw meer dan genoeg vuurwerk gehad. Boven me ging een vuurpijl de lucht in en kleurde de lucht fel groen. Het crackling effect was prachtig. Ik bleef staan en keek glimlachend naar het vuurwerk boven me in de lucht. Een strooiwagen reed me langzaam voorbij over het gladde, spiegelende wegdek. Het oranje licht weerkaatste op de gebouwen en creëerde een spookachtige omgeving. Weer werden vuurpijlen afgestoken, dit keer in combinatie met iets dat klonk als een heksenkring waar iemand een paar nitraten of supervlinders in verwerkt had. De avond was prachtig en ijskoud. Terwijl ik mijn weg terug naar huis zocht wist ik zeker dat dit de beste oud en nieuw zou worden die ik tot nu toe had meegemaakt.

Draaiend en woelend lag ik in mijn bed. Na een aantal minuten gaf ik, voor de zoveelste keer deze avond, al mijn pogingen om in slaap te vallen op. Ik had af en toe in een half sluimerende toestand geleefd maar echt geslapen had ik nauwelijks. Op de tast wist ik mijn bril te vinden. Ik zette het ding op mijn neus zodat ik goed kon zien hoe laat het was. Mijn digitale wekker vertelde me dat het half drie was. 02:30 stond in groene cijfers op het display. Ik keek naar de grond van mijn kamer waar twee matrassen lagen met Martin en Daan erop. Zij sliepen wel. Natuurlijk. De nacht van 30 op 31 December. Eigenlijk was dé dag dus al aangebroken. Mijn bril belandde weer op mijn nachtkast die naast mijn bed stond en ik draaide me om en keek naar het plafond. Het laatste half uur was het stil geworden buiten. De laatste noemenswaardige knal was meer dan een half uur geleden. Het begon ook al laat te worden voor de meesten. Ik draaide me nogmaals om en sluimerde verder. Gedachten kregen vrij spel en weerklonken in mijn hoofd. Ze werden onsamenhangend en vreemd.

Dingen over achtervolgd worden door de politie en naar HALT moeten spookten door mijn hoofd. Dat was ook wel logisch overigens. Martin had zich de vorige dag heel knap uit een benarde situatie gekletst. Hij was, samen met Ben, aangehouden door de politie omdat die meende dat ze iets illegaals hadden afgestoken. Gelukkig voor hen net het laatste. Een zoektocht door hun jaszakken had dan ook niets opgeleverd. Toch bleven de politieagenten dreigen met HALT en boetes. Martin was echter zo koel als een kikker en had de mannen verzekerd dat hij geen illegaal vuurwerk bij zich had. Hoewel hij wel legaal vuurwerk bij zich had was hij kalm gebleven. Het was immers, zo had hij de politiemensen verteld, toegestaan om legaal vuurwerk bij je te dragen, zo lang je het niet afstak. Hij had eveneens geweigerd om zijn ID te tonen omdat hij, zoals de politiemannen moesten beamen, geen strafbaar feit had gepleegd en dus ook geen reden had om zijn ID te moeten tonen. Uiteindelijk hadden ze hem met rust gelaten en waren wij weer tevoorschijn gekomen. Toevallig waren we ontkomen omdat we net even naar binnen waren en hadden we hem gecomplimenteerd met zijn optreden.

Eindelijk voelde ik dat ik slaperig werd. Ondanks een bekend gevoel in mijn onderbuik werd ik sloom en slaperig onder de warme dekens. Toen ik mijn ogen weer open deed en mijn klok bekeek was het half zes. Ik had op wonderbaarlijke wijze drie uur geslapen maar desondanks het nog steeds dood tij. Ik zuchtte en draaide me weer om. Buiten werd het even wat lichter doordat er een vuurpijl werd afgestoken. Vanwege mijn verslechterde zicht was het niet zo goed te zien. Heel vaag kon ik de kleuren zien. Maar verder ontnamen mijn gordijnen me van elk zicht. Omdat ik erg weinig anders te doen had pakte ik mijn MP3 speler en liet ik mijn gedachten de vrije loop. Ik dacht aan Carmen. Gisteren had ik haar niet gezien maar hadden we wel veel lopen SMS'en. Morgen, nouja, vanochtend, zou ze gewoon moeten werken en zou ik bovendien ook bezig zijn met het afsteken van vuurwerk en dergelijke.

Omdat ik maar bleef draaien en woelen besloot ik me nog maar een keer om te draaien om uit te vinden of ik dan beter zou liggen. Hierdoor kwam ik me t mijn gezicht de kamer in te liggen. Daan en Martin sliepen. Natuurlijk, zij wel, mopperde ik weer in mijn gedachten. Of sliepen ze toch niet? Een glans van wat licht afkomstig van het verste matras vertelde me dat Daan mogelijkerwijs ook wakker was. 'Daan?' fluisterde ik.
'Ja?' kreeg ik als antwoord terug.
Eindelijk. Mijn hart sprong op. Een medeslachtoffer. 'Ook niet in slaap?'
'Heb de hele nacht maar half geslapen,' antwoordde mijn neef. 'Nu geef ik het zo ongeveer op.'
'Zeg, ukkels. Waar zijn we mee bezig op dit uur?' vroeg Martin die zich omdraaide en ook zijn ogen opende. 'Moeten we niet slapen?'
'Is dat jou dan gelukt?' vroeg ik. Nu iedereen wakker was konden we wat harder praten al moesten we onze stemmen wel dempen vanwege mijn ouders en broertje die een vroege verstoring van hun rust ongetwijfeld niet zouden waarderen.
'Niet echt.' Martin zuchtte en woelde in zijn slaapzak wat een beetje krakend klonk. Ook Daan draaide zich om zodat ze met het gezicht naar mij toe lagen.
'Hoe laat is het eigenlijk?' vroeg Martin.
'Het loopt tegen zessen,' antwoordde ik.
'Dat is nog veel te vroeg voor mensen, in mijn ogen,' vond Martin.
'We zijn toch op,' merkte Daan op. 'Wat staat er nu op het programma?'
'Een echte knaller,' merkte ik droog op. Vrijwel tegelijkertijd stak iemand buiten wat vuurwerk af.
'Hoe doet die jongen dat, hè?' zei Martin.
'Een combinatie van puur talent en vreselijk veel mazzel.'
'Puur geluk bedoel je,' zei Daan.

'En toch was het daar net geluk,' vond Daan toen we van de trap af stommelden. Het was negen uur en we waren allen in slaapkleren naar beneden gegaan om te eten. Ondertussen was het geknal buiten al flink toegenomen. De wijk deed zijn imago van vuurwerkgekte alle eer aan. Zelf voelde ik ook de neiging naar buiten te rennen en eens flink met vuurwerk in het rond te strooien. Toch hield ik me in. We hadden de vorige avond besloten gewoon te wachten tot tien uur en daarna pas te beginnen met afsteken. 'Het gaat lekker tekeer.'
Ik ging aan de tafel zitten en keek Martin aan. 'Natuurlijk. Men is hier knettergek.'
'Dat wist ik al,' knikte hij. 'Maar vuurwerkgekte is dik oké.'
'Dat wisten wij dan weer,' antwoordde Daan. Martin reageerde verder niet en benutte zijn tijd door snel een ontbijt naar binnen te werken. Zelf nam ik een slok van mijn mok thee en keek naar buiten. Siervuurwerk was er nog weinig, het was dan ook eigenlijk te licht om het af te steken. Maar toch, de mensen waren hier niet voor niets verzot op vuurwerk. Licht of donker hoefde niets uit te maken. Er werd hier ook overdag zo nu en dan een pot de lucht in geschoten en dat voegde natuurlijk enorm toe aan de toch al aanwezige sfeer. Na gegeten te hebben vlogen we alle drie de trap en kleedden we ons snel aan. Ik schoot in een wat oudere broek en T-shirt waarna ik een trui over mijn hoofd trok. Een snel bezoekje aan de douche en daarna naar beneden. Mijn ouders waren nu ook op en waren beneden koffie aan het drinken. 'Jullie ook, jongens?' vroeg mijn vader. We keken elkaar aan en overlegden even. 'Kan nog wel,' vond Martin.
'Daar ben ik het ook wel mee eens,' zei ik.
'Doen we dat.'

Ik volgde mijn vader naar de keuken en nam twee koppen koffie aan die hij net had gemaakt. Weer in de kamer overhandigde ik Martin en Daan de koppen en nam ik van mijn vader de derde kop aan en ging ik weer aan tafel zitten. De klok vertelde ons dat het één minuut voor tien was.

'Nog één minuut.'
Martin had ook naar de klok gekeken en maakt de opmerking.
'Snel koffie opdrinken en naar buiten dan,' antwoordde ik. Iedereen knikte en dronk zo snel mogelijk zijn kop leeg. We zetten ze in de keuken en ik liep naar de inloopkast om ons vuurwerk te pakken. De tas van Daan stond er ook. Met beide tassen in de hand liep ik naar de tafel, waar ik ze neerzette. Daan blikte in zijn eigen tas en haalde er wat pakjes rotjes uit. Martin kwam de gang uit lopen en gooide mijn oude blauwe winterjas naar me toe. Ik ving hem op en trok hem aan waarna ik de zakken vulde met vuurwerk uit onze plastic tas.

Zodra we de deur openden kwam de kruitlucht ons al tegemoet. Martin kon niet wachten en stak gelijk een rotje aan dat hij weggooide. Daan zat al op de grond en was bezig met het maken van een heksenkring. Hij keen nauwelijks op toen Martin's rotje knalde.
Zelf haalde ik een stuk nitraat uit mijn zak. Het was even zoeken tussen alle papieren verpakkingen die ik voelde maar uiteindelijk diepte ik er eentje op, stak en aan en gooide hem weg. 'Nitraat!'
Daan keek op, evenals Martin. Het stuk nitraat produceerde een geweldige knal die in de nog stille straat weerkaatste.
'Wat houd ik van die geur,' zei Martin.
'Anders ik wel,' zei ik.
'Heksenkring is klaar.' Daan stond op en stak een drietal lontjes aan waarna hij afstand nam. Vol enthousiasme keken we hoe de heksenkring afging en een klein machinegeweer nabootste.

In de buurt knalde men er ook vrolijk op los. Een moment van stilte kon dan ook niet opgemerkt worden, het geknal ging maar door. 'Het begint echt lekker,' zei Martin. 'Sander ophalen?'
'Die werkt,' antwoordde ik.
'Da's lullig,' zei Daan.
'Zeker waar,' beaamde ik. 'Kom, laten we een stukje gaan lopen.'
Na een tijdje rondbanjeren en vuurwerk afsteken kwamen we bij een bruggetje aan. Voor de lol stak Martin een babypijltje aan en schoot hem in het water. Grijze bellen en geborrel waren het resultaat.
'Da's leuk,' vond Daan.
'Het gaat,' grinnikte Martin.
Na ons een tijdje te vermaken met de babypijltjes gingen we weer naar huis. Het was inmiddels al een twee uur. De dag ging snel.

'Coen?' Martin riep me van een afstandje. Hij stond boven op een brandtrap en wierp vanaf daar rotjes op de openbare weg die een heel geknal veroorzaakten. 'Hoe laat is het?'
Ik wierp een blik op mijn horloge. De wijzers wezen kwart over drie aan. Ik briefte de tijd door en gooide zelf een stuk nitraat weg. Daan keek toe hoe het lontje opbrandde en het stuk nitraat een verschrikkelijke knal produceerde.
'Het blijft mooi spul,' vond hij.
'Is het ook,' knikte ik terug.
'Lui!' Martin gleed van de leuning af en sprong soepel op de besneeuwde ondergrond, 'Ik ben leeg.'
'Ik al een tijdje,' merkte Daan op.
Alle blikken waren nu op mij gericht en ik doorzocht vluchtig mijn zakken. Tussen al het papier en verpakkingen was hier en daar nog wat knalwerk te vinden maar erg veel was het niet meer. 'Ik ook vrijwel,' zei ik. 'Laten we even naar huis gaan. Ik heb ook honger.'
Martin en Daan knikten waarna we een weggetje insloegen dat ons weer terug naar huis zou voeren.

De wind woei door de bomen en het werd snel guurder nu de zon al een paar uur over haar hoogste punt heen was. De gevoelstemperatuur lag zeker onder de min vijf graden en het had er alle schijn van dat het vanavond nog kouder zou worden. 'Komt er nog familie van je?' wilde Martin weten.
Ik knikte. 'Ooms en tantes en mijn oma komen oud en nieuw bij ons vieren.'
'Cool,' glimlachte Martin. 'Komen je nichtjes ook mee?'
'Zeker.'
'Top.' Martin liep kalmpjes verder over het besneeuwde weggetje dat voor ons lag. Op de autoweg slipte een rode Golf voorbij. 'Die gaat te hard,' voorspelde Daan.
'Hij moet inderdaad afremmen, de bocht is daar wat te scherp,' zei ik. Voorzichtig trapte de bestuurder van de Golf op de rem en nam hij de bocht.
'Wij lopen nog sneller,' zei Martin verbaast.
Ik knikte en Daan antwoordde: 'Ja, maar als wij vallen dan valt de schade mee. Als hij botst heeft hij een groot probleem.'
Ik begon te lachen. Zowel Martin als Daan keken me aan. 'Wat?'
'Er zit een dubbele betekenis in “valt”,' zei ik droog.
Martin en Daan begonnen te lachen. Zelf glimlachte ik, wie lacht er per slot van rekening nou om zijn eigen grap? Het was nog niet laat genoeg om daar mee te beginnen. 'Hé,' zei Martin. 'Het sneeuwt.'
Allemaal keken we naar de lucht die heel lichtgrijs was. Langzaam vielen dikke witte sneeuwvlokken naar beneden om zich bij hun broertjes en zusjes op de grond te voegen. 'Dit wordt een flinke bui,' zei ik. 'Laten we snel doorlopen om wat te gaan eten.'

Met grote passen liepen we door terwijl om ons heen de wereld steeds witter werd. Toen ik de voordeur opende waaiden er een paar vlokken mee naar binnen waar ze op de mat snel veranderden in minuscule plasjes water. Langzaam trok ik mijn handschoenen uit en trok de rits van mijn jas naar beneden. Nadat ik hem had opgehangen leegde ik mijn zakken en gooide de vuurwerkverpakkingen weg in de grijze container die we buiten hadden staan. Ondertussen was het harder gaan sneeuwen, het begon nu op een echt winterlandschap te lijken. Het hele plaatje kon zo op een kerstkaart. Ik keek er een tijdje naar tot ik het koud begon te krijgen, daarom draaide ik me om en liep naar binnen.

In de woonkamer liep Maran blij op me af, ik haalde de zwarte hond aan en voelde zijn zachte en warme huid. Zijn lichaamswarmte voelde prettig aan, vooral omdat mijn handen koud waren. Toen ik de keuken in liep om mezelf van brood te voorzien ving ik de heerlijke geur van groentesoep op. In de keuken stond een grote pan met soep op het gas. Vanavond zouden we mijn familie over de vloer krijgen en wat kun je ze beter te eten geven dan een grote pan groentesoep? Ik snoof de geur op en begon haast te watertanden. Helaas moest ik mijn eigen honger stillen met brood. Nadat ik snel drie boterhammen had besmeerd ging ik naar de kamer waar Sander, Martin en Daan ook zaten te eten. Lui hingen ze in de stoelen en op de bank. 'Daar was ik wel aan toe,' zuchtte Martin, die een hap van zijn brood nam.
'Anders ik wel,' antwoordde Sander. 'Ik had echt honger.'
Ik staarde hem even aan. 'Wat doe jij hier?'
Sander keek naar zijn bord. 'Eten.'
'Jij was aan het werk.'
'Ja, maar nu dus niet meer.'
'Waarom ben jij niet meer aan het werk?' vroeg ik hem, terwijl ik steeds meer de indruk kreeg dat dit een belachelijk gesprek was.
'Omdat de AH me tot 12 uur had ingeroosterd,' antwoordde Sander.
'Hmmm. Dan heb ik nog een vraag. Waarom eet jij hier?'
'Waarom niet?'
Martin begon te lachen. Sander keek even naar hem en keek daarna weer naar mij. Hij glimlachte.
'Ik was eerst,' zei ik.
'Je ouders lieten me binnen en zeiden dat jullie zo wel zouden komen. Martin en Daan gingen eten dus ik dacht: Kom, ik eet even mee.'
Ik schudde mijn hoofd. 'Dus...'
'Je wilde het weten,' zei Sander bijna opgewekt.
Ik liet me op de bank neervallen, naast Daan. 'Zal ook allemaal wel,' zei ik. 'Hoe was het op je werk?'
'Goed hoor. Druk. Veel geknal ook. De ruiten worden al dichtgetimmerd en dat is maar goed ook.'
Martin knikte. 'Anders gaan die dingen vanavond echt in.'
Ik had verder geen interesse voor het gesprek en at in stilte mijn brood op. Sander en Martin kletsen verder over de mogelijkheden om ruiten te beschermen tegen vuurwerk. 'Onbreekbaar glas misschien,' opperde Martin. 'Dat zou voor de bushokjes hier geen overbodige luxe zijn.'
Sander knikte. Ieder jaar werden de glazen bushokjes hier immers vernield evenals dat op vele andere plekken in het land gebeurde.

Ik slikte mijn laatste hap brood door. 'Lui, wat gaan we doen?'
'Ik weet het niet,' zei Martin.
'Potje TimeSplitters?' stelde Sander voor.
'Laten we maar doen.' Ik kwam overeind en keek de anderen aan. Langzaam kwamen ze overeind en volgden ze me de twee trappen op, naar mijn kamer. Halverwege werden we opgehouden door mijn ouders. 'Alles goed?' vroegen ze. 'Al vingers kwijt?'
'Nee hoor, buurman. Alles zit er nog aan,' zei Sander. Hij stak zijn handen op en bewoog zijn tien vingers heen en weer. 'Zie je?'
'Ja hoor. Mooi zo,' antwoordde mijn vader.
Snel renden we de tweede trap op waarna we mijn kamer binnen gingen. Op de grond lagen de twee matrassen waar Daan en Martin op hadden geslapen. De slaapzakken lagen er wat slobberig overheen.
't****g, Coen. Wat is het hier koud.' Sander liep snel de kamer door en deed mijn raam dicht. Ik knikte naar hem. 'Ik zal de verwarming aanzetten.'
Terwijl ik naar de verwarming liep om hem aan te zetten drukte ik gelijk op de knop waarmee ik mijn GameCube aan zette. Daarna draaide ik mijn verwarming open en ging ik op de matrassen liggen met een controller. Naast me hadden de anderen hetzelfde gedaan. 'Team Deatmatch tijdslimiet van een uur?' vroeg ik.
'Doen we,' zei Daan.
Sander knikte en Martin viel hem bij. Zelf keek ik weer naar het scherm, stelde alles in, koos een karakter en startte het spel.

“Red Team is going for the last kill!” deelde de verteller van TimeSplitters mee in zijn zware, donkere stem. 'Die is voor mij!' Ik wierp een blik op Sander's schermpje. Hij rende supersnel op een tegenstander af waarbij zijn richtkruis rood werd.
“Red Team Wins!”
'Hé,' riep Sander. Hij had net op het punt gestaan zijn trekker in te drukken en het spel te beëindigen.
Martin grijnsde. 'Sorry, man.'
Sander begon ook te lachen. 'Maakt niet uit.'
Daan keek door mijn kamer heen. 'Hé jongens.'
'Ja?' vroeg Sander hem.
'Het is donker hier.'
Nu keek iedereen rond. Het enige licht dat nog zichtbaar was kwam van mijn kerstlampjes af. De lampjes hingen boven mijn bed en verspreidden verschillende kleuren licht. In mijn raam was vaag een rood, blauw, groen en oranje spiegelbeeld zichtbaar. Terwijl ik naar het raam keek waaide wat fijn poedersneeuw op. Het volgende moment werd ik besprongen door een kleine jongen die me zo stevig omhelsde dat ik even geen adem kreeg. 'Hallo, Matthijs,' ze ik, nadat ik op adem was gekomen.
'Hoi,' grijnsde mijn kleine neefje. 'Gaan we nog racen?'
Hij doelde op Mario Cart, ik heb het spel voor mijn GameCube en moet zeggen dat het af en toe best grappig is.
'Later vanavond vast nog wel,' zei ik. 'Maar we gaan zo eerst eten.'
'Eten?' vroeg Sander. Martin, die naast hem zat, wees hem op mijn wekker. Het ding gaf aan dat het al tegen zessen liep. 'Ah ja,' beaamde Sander. 'Eerst eten. Ik eet wel thuis, trouwens.'
'Da's goed.' Ik krabbelde overeind en ging staan met mijn volle een meter 97. 'Kom, laten we naar beneden gaan.' Ik trok de stekker van mijn lampjes uit het stopcontact zodat mijn kamer helemaal duister werd.
'Sfeervol zo,' merkte Daan op.
'Oh ja, Daan schat,' grapte Sander terwijl hij over zijn buik streelde.
'Moet naar beneden,' zei Daan vlot. 'Veel plezier.'
Samen stommelden we van de trap af.

Mijn vader keek op toen we beneden kwamen. 'Kan het ook wat zachter?' vroeg hij. 'We hebben ook nog buren.'
Ik stak mijn handen omhoog in een ontwapenend gebaar. 'Sorry.'
'Hoi Coen.'
'Hé hoi.' Ik omhelsde mijn 14 jarige nichtje dat op me af kwam lopen. 'Hoe is het?'
'Goed,' antwoordde ze. 'Met jou?'
'Mag niet klagen.'
'Mooi.'
Ik draaide me om naar mijn andere nichtje. 'En hoe is het met jou?'
'Goed hoor,' antwoordde ze. Ze zat alweer op de bank te klooien met Ben. Dat zou wel goed komen, daar twijfelde ik niet aan. Na ook mijn oom en tante begroet te hebben gingen we aan tafel.

Al snel kwamen we tot de ontdekking dat de tafel te klein was en dus verdeelden we ons door het huis heen. Samen met mijn kom soep zat ik in een stoel voor het raam, evenals Martin. Daan zat samen met Ben en mijn nichtjes op de bank wat naar de TV te kijken. Samen met Martin praatte ik half wat over de uren die gingen komen terwijl we met een half oog uitkeken naar vuurwerk. 'Ik wilde zo gewoon even wat sier proberen,' zei Martin.
Ik nam een hap van mijn soep en knikte. 'Lijkt me goed. Een pot en twee pijlen?'
Martin slikte. 'Iets in die geest.'
'Lijkt me goed.'
Maran liep verdwaald rond tussen de etende mensen. Normaal lag hij in zijn mand maar mijn ouders hadden dat nu maar gelaten. 'Maran!' riep ik hem. 'Kom maar hier, jongen.' Gehoorzaam kwam het dier naar me toe en keek me aan. 'Af.' Met een brom zakte hij door zijn poten, legde zijn kop op mijn sloffen en sloot zijn ogen. Zijn gewicht voelde warm aan op mijn voet en het duurde niet lang voordat mijn voet een privé verwarming had.
'Paar pijlen, wat single shotjes. Oh man, dit wordt echt chill,' zei Martin.
'Denk ik ook.'
Buiten stak iemand een pot af.
'Ziet er goed uit.' Martin blikte door het raam naar buiten. Hoog in de koude en donkere lucht was het boeket goed te zien. Goud, zilver en rood mengden zich en vormden een kleurrijk versiersel.
'Prachtig.' Vanuit een wat onmogelijke hoe keek ik naar buiten. Vanwege mijn lengte moest ik half naar beneden kijken om wat te kunnen zien. Toch deed ik het en wat ik zag was ook meer dan prachtig.

Endurance · Fidelity · Intelligence
[-] De volgende 4 gebruikers zeggen bedankt Coen voor dit bericht:
  • Breeze, Mav, Mjd, Robin
Voeg bedankje toe Antwoord
#25
Heren mag ik jullie bedanken voor het terugbrengen van die goeie "ouwe" tijd!! Heerlijk om dit weer te lezen. 

Coen ging jou 2de verhaal er over dat ze in belgie een toernooi hadden?
[-]
  •
Voeg bedankje toe Antwoord
#26
Ja dat klopt inderdaad. Dat verhaal volgt hierna.

Nu eerst het laatste deel van verhaal I:

De bel ging en mijn vader stond op om open te doen. Even later kwam hij weer binnen. 'Coen,' zei hij. 'Er is een meisje voor je aan de deur. Ik heb haar met het oog op het weer maar even binnen gevraagd.'
Achter hem kwam Carmen de kamer binnen lopen. In haar lange blonde haar zaten nog wat sneeuwvlokken die schitterden als kristallen. 'Hé,' zei ze.
'Hoi!' verbaast stond ik op. 'Ga zitten, wil je iets eten of drinken?'
Ze liep naar me toe en kuste me zacht op mijn wang. 'Nee, dank je. Ik heb net gegeten.'
Ik knikte en ging op de grond tegen haar benen aanzitten. 'Dit is Carmen,' zei ik tegen de rest van mijn familie. 'Carmen, mijn familie. Of een deel ervan.'
Carmen glimlachte. 'Hoi,' zei ze.
Mijn oom en tante begroetten haar allebei en stelden zichzelf voor. Mijn nichtjes deden dat eveneens. Matthijs kwam naar me toe kruipen. Ik zat tegen Carmen haar stoel aan. Maran lag lui tussen mijn benen met zijn kop op mijn rechter bovenbeen. Het dier opende lui zijn ogen toem Matthijs naar me toe kwam. 'Coen?' fluisterde hij weifelend.
'Wat is er?' vroeg ik hem net zo zacht terug.
'Is zij...' hij giechelde een beetje, 'je vriendinnetje.'
Ik begon zachtjes te lachen. 'Ja,' antwoordde ik.
Carmen keek naar ons en glimlachte.
'Vanwaar dit bezoek trouwens?' vroeg ik haar.
'Zomaar,' antwoordde ze. 'Ik wilde even langskomen en een deel van mijn oud en nieuw avond met jou doorbrengen. Of wilde je dat niet.'
Ik keek haar recht aan. Haar blauwe ogen twinkelden als lichtjes. 'Natuurlijk wel.'
'Mooi.'
Buiten klonk een hele serie knallen. 'Vet,' zei Daan. 'Wij moeten zo ook echt even gaan.'
Vanuit zijn positie bij het raam keek Martin naar me. 'Gaan we zo?' vroeg hij. 'Alleen even het sierspul. Of laat je vriendin je niet gaan?'
'Als hij maar dichtbij blijft,' zei Carmen tegen hem.
'Laten we dat zo maar even doen dan.' Ik stond op en liep naar de gang om mijn jas te pakken. Martin en Daan stonden op om me te volgen.
'Wat gaan jullie afsteken?' vroeg mijn vader toen we met jassen aan en een plastic tasje vuurwerk in de hand  naar de achtertuin wilde lopen.
'Een pot en twee pijlen,' antwoordde ik. 'We zijn zo klaar. Misschien ook leuk voor de rest om even naar te kijken.'
'Oké.' Mijn vader sloot de achterdeur voor ons zodra we in de achtertuin stonden. Vergeleken met de lawaaierige en warme woonkamer was het buiten heel koud en stil. In de verte klonken wat doffe knallen van vuurwerk en af en toe kon je crackling effecten horen. Mijn adem kwam als wolkjes naar buiten. Achter de ramen keek mijn familie naar ons. Het was echt oud en nieuw. Iedereen die nu buiten stond kon het voelen. 'Kom op.' Martin was de eerste die zich los schudde van het magische gevoel en in beweging kwam. Met krakende passen liep hij over de sneeuw. Langzaam zette hij een vuurpijl in een met zand verzwaarde fles en stak hem aan.
'Dit wordt een mooie,' zei hij terwijl hij vlot een paar stappen naar achteren deed.
'Dat denk ik ook wel,' antwoordde ik. Zelf knielde ik bij de pijl en stak het lontje aan met mijn aansteker. Langzaam zagen we het lontje opbranden en met een ruisend geluid schoot de pijl de lucht in. Het boeket bestond uit rood en zilver waarbij de zilveren bolletjes open knalden en kleinere effecten de donkere hemel injoegen.
Sander klapte in zijn handen. 'Nice! Nu de pot?'
'Lijkt me wel.' Daan liep naar voren en zette een pot op de grond, voor het raam. Door datzelfde raam keek ik kort naar binnen. Mijn familie zat voor de ramen en keek naar buiten. Carmen zat met Matthijs op schoot neer buiten te kijken. Ze ving mijn blik op, glimlachte en knipoogde naar me en keek naar de lucht. Daan had de pot inmiddels aangestoken. Met scherpe, harde knallen werden de siereffecten de lucht in geschoten. De effecten waren goud, zilver en een koperachtig bruin. Daarna schoten we de andere pijl de lucht in. Het effect leek wat op dat van de andere pijl maar dan met rood en groen in plaats van rood en zilver.

'Die pijlen zijn echt meesterlijk,' zei Martin. 'Is een goeie koop geweest.'
Ik sloeg hem op zijn schouder. 'Klopt,' zei ik. 'Was een goed idee van je.'
'Weet ik toch.' Glimlachend ging Martin ons voor naar de achterdeur, waarna hij als eerste naar binnen stapte. 'Heeft men genoten van de show?' vroeg hij zodra hij binnen was.
Een instemmend geluid kwam hem tegemoet.
'Mooi zo,' glimlachte hij. Vlot trok Martin zijn jas uit en nam die van mij aan. 'Ga jij maar naar de Miss.'
'Bedankt.'
Martin grijnsde weer. 'Geen probleem.'
Toen hij weer terug kwam werd hij gevolgd door mijn moeder, die een bord oliebollen bij zich had. Het was inmiddels al acht uur. Een paar keer waren we vlot naar buiten geglipt om wat vuurwerk af te steken. De rest van mijn familie was er nu ook en zat verspreid door de woonkamer. De jeugd, waar wij ook bij hoorden, zat of lag boven op mijn kamer en praatte voluit. Carmen deed samen met mijn nichtjes een spelletje op mijn GameCube. Zelf praatte ik met Martin en Daan. Ben en Sander waren aan het klieren met Matthijs. Iedereen vermaakte zich best. Toen het half negen was keek Carmen me aan. 'Ik ga weer naar huis,' zei ze. 'Nog even met mijn ouders en mijn familie de rest van de avond vieren.'
Ik knikte en stond op. 'Ik loop even mee.'
'Hoeft niet.'
'Mij is geleerd van wel.' Zacht dwong ik haar naar beneden. Martin keek ons na.
'Ik zie je zo,' zei hij.
'Zeker.'

Buiten was het erg koud. De temperatuur moest nu zeker onder de min tien liggen. Carmen rilde, ondanks haar jas. Ik sloeg een arm om haar heen en voelde al snel haar arm om mijn middel. Erg veel warmte leverde dit niet op maar het was natuurlijk vooral het idee dat telde.
'Je familie is tof, Coen,' zei ze zacht.
'Ze denken ongetwijfeld hetzelfde over jou.'
Carmen lachte zachtjes. Voor ons kwamen de lichten van haar huis in zicht. Ze diepte een sleutel op uit haar zak en ging naar binnen. 'Loop je nog even mee?' vroeg ze. 'Mijn ouders willen je graag zien.'
'Natuurlijk,' ik stapte over de drempel heen, de warmte in.

'Coen, kijk uit!' riep Martin naar me. Ik keek om en zag al snel wat hij bedoelde, een stuk vuurwerk was per ongeluk wat te dicht bij me terecht gekomen. In een snelle pas liep ik weg en bleef daarna staan om naar de knal te kijken. Die was veel harder dan ik had verwacht. Sneeuw vloog op. Gelukkig had ik ver genoeg van het vuurwerk af gestaan en had ik nergens last van. Ik voelde een hand op mijn schouder en keek om. Martin grijnsde naar me. 'Nitraat,' zei hij. 'Daarom riep ik. Voor een normaal rotje was het niet nodig geweest. Dat zijn kinderspeeltjes in vergelijking met nitraat.'
Ik knikte en stak zelf een rotje aan, gooide het weg en wachtte op de knal. 'Ik heb niets, maakt verder niet uit.'
'Gelukkig.' Martin lachte en liep verder naar Sander, die bezig was een heksenkring te maken. In het licht van zijn aansteker kon ik op mijn horloge kijken, dat wees vijf over negen aan. 'Dekking!' riep Sander.
'Heb je er nitraat in gestopt?' vroeg ik hem.
'Hoe raad je het zo,' riep hij spottend. 'Wegwezen!'
In een sukkeldrafje nam ik afstand van de kring die net voordat ik me goed en wel had omgedraaid was begonnen met knallen. Het machinegeweer eindigde met de flits en harde knal van het enige stuk illegale vuurwerk dat erin had gezeten.
'Mooi, heel mooi,' zei Daan. Zelf had hij een verzwaarde fles opgehaald en een van zijn eigen vuurpijlen erin gezet. 'Komptie dan hè.'
'Ik haat dat liedje,' mompelde ik meer tegen mezelf dan tegen anderen.
'Verstandig,' zei Martin wijs.
Ik keek hem aan. Hij grijnsde kort en keek toen weer naar de pijl. Sander krijste toen het ding de lucht in ging. Al met al had het meer weg van een oorlogskreet. 'Fantastische koop, Daantje!' riep hij mijn neef toe. De effecten van de pijl waren voornamelijk van zilver en goud.
Nadat we in een razend tempo door hadden gestookt begon in, behalve mijn lege zakken, kou te voelen. Dat was ook niet zo gek. Om me heen kijkend zag ik dat de anderen ook weinig vuurwerk overhadden. De rest van de buurt had hier schijnbaar geen last van want overal om me heen werd geknald. Het geheel was het best te beschrijven als de achtergrondgeluiden die je hoort in Call of Duty. In de verte werd allemaal vuurwerk afgestoken en een vuurpijl tekende met een raar soort regelmatigheid de lucht.
Martin kwam bij me staan. Hij stampvoette op zijn plek. 'Ik heb het koud.'
'Ik ook. We moeten zo maar even naar binnen gaan om op te warmen.'
Martin knikte. 'Sander! Daan! Gaan jullie mee naar binnen om op te warmen?'
Sander liep naar ons toe. 'Ik heb nog wat vuurwerk,' zei hij terwijl Daan bij ons kwam staan. 'Daarna wil ik bovendien nog even met mijn ouders oud en nieuw vieren.'
Ik knikte. 'Snap ik. Is goed. Dan zien we je sowieso om middernacht.'
Sander grijnsde. 'Daarvoor waarschijnlijk ook nog wel. Hoe dan ook, ik stook nog even door en ga daarna naar mijn eigen huis toe.'
'Ik ga nu mee,' zei Daan.

Na Sander gegroet te hebben liepen we vlot de straat door, naar mijn huis dat zich aan het begin van dezelfde straat bevond. Mijn bril besloeg zodra we de warme gang binnenkwamen. Ik nam het ding gelijk af, poetste het en zette het weer op mijn neus. Dit keer besloeg hij iets minder en kon ik voldoende zien om mijn jas uit te trekken. Ik hing het ding op aan de kapstok waarna ik naar de kamer  liep. Martin en Daan liepen vlak achter me.
'Dag heren,' groette mijn vader ons. 'Hoe is het met de vuurwerklol?'
'Knallend,' antwoordde Martin droog.
'Zo origineel die jongen,' reageerde mijn vader, waarna hij verder liep naar de keuken.
'Oliebol, jongens?' vroeg mijn moeder.
'Graag.' samen met Martin en mij ging Daan aan de eettafel zitten.
'Heerlijk oud en nieuw weer,' zei hij.
'Klopt.' Ik schoof wat glazen aan de kant zodat mijn moeder een bord met oliebollen neer kon zetten.
Martin, Daan en ik voorzagen ons allemaal van twee oliebollen die we op een bord legden en er poedersuiker over strooiden. De oliebollen smaakten heerlijk.
'Lekkah,' zei Martin.
'Wat? Je mond zit nogal vol,' antwoordde ik droog.
'Iwk sij,' Martin slikte. 'Dat je lippenstift op je nek hebt zitten.'
Daan verslikte zich bijna in de poedersuiker. Zelf staarde ik Martin alleen maar droog aan. 'Leuk geprobeerd.'
'Ik meen het,' zei hij kalm.
'Ik ook. Er zit daar niets.'
Martin ontspande. 'Oké, klopt.'

Achter mij ging de deur open en kwamen mijn nichtjes naar beneden, Ben volgde ze. 'Hé.'
'Goedenavond,' zei ik tegen ze.
'Hoi, Coen. Weet je dat je lippenstift op je wang hebt zitten?' Esther wees een plekje op haar wang aan. Zelf haalde ik mijn hand over mij gezicht en bekeek hem. Middenin had ik inderdaad iets  uitgesmeerd. 'Verdomd.'
Martin begon hard te lachen. 'Dat had ik nog niet eens gezien,' zei hij.
'Ik ook niet,' gaf ik toe.
'Ik dacht dat alle meisjes tegenwoordig lipgloss op hadden?' vroeg ik Esther.
Die haalde haar schouders op.
Ik schudde mijn hoofd en concentreerde me op mijn tweede oliebol. Buiten klonk een harde knal. Sander was duidelijk nog niet klaar met zijn vuurwerk.
'Coen, kijk daar eens.' Martin wees door het raam naar buiten. Achter ons huis was iemand een pot aan het afsteken.
'Vet.' Mijn kleine neefje was bij ons komen zitten. Hij nam een slok uit zijn beker met cola en keek naar buiten. Met enige regelmatigheid werden gele en rode effecten de lucht ingestuurd. Zelf nam ik nog een hap van mijn oliebol. Echt oud en nieuw, zeker weten. Nadat we de oliebollen hadden opgegeten kwam mijn moeder aan met schalen lekkernijen zoals worst, kaas en wat schalen chips.
'Biertje dan maar?' vroeg ik Daan en Martin.
'Graag,' knikte Daan.
'Lekker, man,' antwoordde Martin. Hij volgde me naar de keuken waar hij twee flessen bier en een glas aannam. Zelf nam ik op een rare manier het derde flesje bier en twee glazen mee. Het laatste glas hing in een wat rare hoek aan mijn hand. Snel liep ik naar de kamer zodat het glas niet zou vallen. Nadat ik alles op de tafel had gezet liep ik naar de kleinere tafel om een flessenopener te regelen. De klok sloeg tien keer. Buiten werd het onrustiger. Er werd meer vuurwerk afgeschoten. Vuurpijlen waren nu eigenlijk geen zeldzaamheid meer en knallen klonken voortdurend.
'Nog twee uur,' zei Martin.
Daan knikte.
Zelf schonk ik mijn glas bier vol en hief het naar hen. 'Op het nieuwe jaar.'
Martin schonk zijn glas ook vol. 'Op wie?'
Kort dacht ik na. Het is onze gewoonte met alles dat we drinken te toosten op iets of iemand, meestal een knap meisje. 'Emma?'
Martin schudde zijn hoofd. 'Op Carmen, dacht ik zo.'
'Wat jij wilt.'
Hij grijnsde en we klinkten onze glazen waarna we dit herhaalden met Daan erbij. 'Op het nieuwe jaar.' Tegelijkertijd namen we een slok.
'Dat smaakt goed.'
Ik keek Daan aan en knikte. Naast me hield Esther ons een dienblad met hapjes voor. Nadat Daan en Martin zich hadden voorzien nam ik een stukje worst. 'Dank je.'
'Alsjeblieft,' antwoordde ze.
'Dat dienblad kun je wel hier laten.'
'Kan...' ze liep weer weg.
'Balen, Coen,' merkte Martin op.
Ik haalde mijn schouders op. 'Shit happens.'
Daan draaide zich om en keek naar de TV waar de oudejaarsconferance op was. Een korte tijd volgden we de show die werd opgevoerd. Buiten de grappige toon lag er ook een wat serieuzere boodschap in. 'Niet gek,' merkte ik op.
Martin knikte. 'Hij heeft gewoon een punt. Ik ook trouwens, als ik zeg dat we weer wat vuurwerk af moeten gaan steken.'
'Daar heb je een punt.'
'Zei ik toch. Kom op.' Martin stond op, samen met Daan. Ik volgde ze naar de gang waar we gezelschap kregen van Matthijs en Ben. 'Wij gaan ook even mee,' zei de laatste. Hij had zichzelf al voorzien van vuurwerk, evenals wij.

Buiten was het pikkedonker. De sneeuw was witter dan ooit en de lucht was kraakhelder. Ik zag de adem van de mensen om me heen opstijgen toen ik naar de sterren keek. Een vuurpijl verlichtte het geheel nog meer. In de straat tegenover de onze klonk een serie knallen. Martin keek kort die kant op. 'Heksenkring.'
Naast hem knielde Daan neer en begon zijn eigen heksenkring te maken. Ben schoot een babypijltje de lucht in. Het fluit effect klonk schril. Matthijs vond het allemaal prachtig. Zijn ogen waren pretlichtjes en namen alles gretig op. 'Coen, gaan we een grote pijl doen?' vroeg hij.
'Dat kunnen we wel even doen,' antwoordde ik waarna ik naar de voordeur beende. Twee pijlen stonden al klaar voor eventueel toekomstig gebruik. Ik pakte er een met een blauwe kop en liep naar de straat waar Martin al een fles had klaargezet. 'Toe maar,' zei hij. De pijl werd in de fles gestoken en aangestoken. Met een geraas schoot het ding omhoog waarna het in de lucht met een oorverdovende knal kapot knalde. 't****g!' schreeuwde Martin uit terwijl wij naar de knetterende effecten keken. 'Wat een knal!'
'Dit had ik ook niet verwacht,' antwoordde ik. 'Maar fantastisch is het wel!'
'Nog anderhalf uur.' Daan staarde kort naar zijn telefoon en liet hem weer in zijn zak glijden. 'En er moet nog heel wat vuurwerk doorheen.'
'Haal even een zak naar buiten dan,' raadde Martin hem aan. 'Anders kom je er nooit doorheen.' Hij draaide zich om. 'Hé, Coen. Waar heb je die Thunderkings neergezet?'
Ik draaide me om. Boven zijn hoofd ging een vuurpijl af. In de gloed leek zijn gezicht verschrikkelijk rood. Niet alleen van de kou maar ook van het rode effect van de pijl. 'Onder ons afdakje,' antwoordde ik. 'Ze liggen op de brievenbus.'
Martin stak zijn duim op en liep weg om er een paar te halen. Zelf strooide ik rotjes in het rond, het had niet iets kunstzinnigs maar het was puur om ze op te maken. 'Coen!' Ben riep me.
'Ja?' riep ik terug.
'Matthijs wil graag nog een vuurpijl zien.'
'We steken zo een paar Thunderkings af. Dat is vast ook goed.'
'Denk het.' Mijn broertje kwam terug lopen, mijn neefje liep vlak naast hem. Op onze oprit had Martin drie Thunderkings naast elkaar gezet.
'Ik doe het wel één voor één hoor,' zei hij toen hij me zag kijken. 'Maak je geen zorgen.'

Matthijs keek vol spanning toe hoe Martin het lontje aanstak. De vonkjes werden gereflecteerd in zijn ogen. Met een harde knal schoot een rode bal de lucht in, waarna hij met nog een knal uit elkaar spatte. Mijn neefje joelde.
'Dat doen we nog een keer.' Martin liep op de tweede Thunderking af en stak hem aan. Deze keer knalde er een groene bal uit. De tweede knal echode tussen de daken en het duurde een tijdje voordat hij niet meer hoorbaar was.
'Nu twee tegelijk?' vroeg ik Martin. 'Aangezien we geen derde kleur hebben.'
'Doen we.' Martin gooide me een rode Thunderkind toe. 'Bij drie. Eén.'
Ik pakte mijn aansteker en keek ernaar. In het licht van de lantarenpaal kon ik het zwarte ding goed zien. De goudkleurige bovenkant weerkaatste het licht.
'Twee.'
Ik klikte een paar keer. Bij de vierde klik schoot er een vlammetje uit de aansteker.
'Drie.'
Tegelijkertijd brachten Martin en ik onze aanstekers naar de Thunderkings toe en staken we ze aan. Snel namen we afstand. Met minder dan een halve seconde verschil knalden twee ballen, een groen en een rood, de lucht in. Martin sloeg me op mijn schouder. 'Timing, man!'
'Netjes,' knikte ik.
Ik blikte weer op mijn horloge. Half elf. 'Hemel.'
Martin keek. 'Ik zie niets.'
'Dat bedoelde ik niet. Het is half.'
'Shit.'
Daan knikte slechts. 'We zijn een tijd bezig geweest met vuurwerk afsteken,' zei hij. 'Dan gaat het snel.'
'Klopt,' zei Martin. 'Laten we boven nog even TimeSplitters gaan doen.'
Ben knikte enthousiast en ook Daan ging akkoord.
'Doen we,' zei ik. 'Kom op.'

Kwart over elf.
'Check die pot!' Martin zat alweer voor het raam. Ik drukte op 'Start' en vloog ook naar de ruit. In het donker schoot onze achterbuurman weer een pot af. 't****g! Prachtig!' Ben kwam ook naast ons zitten, Daan stond achter ons. Hij keek samen met ons tot de effecten totaal waren opgehouden. 'Nog vijftien kills te gaan,' zei hij toen.
'Kom op dan.' Martin zat alweer. Zelf keek ik nog eenmaal uit het raam en startte het spel weer. Een tegenstander stond vlak voor me, met een schot ging hij neer. '”Headshot!”' klonk het.
'Nice.'
Het duurde niet lang of we gingen al voor de laatste kill. Dit keer was Daan de gelukkige. '”Red Team wins!”'
Snel deed ik de GameCube uit. 'Naar beneden. Daar hebben ze oliebollen.'
'Lijkt me een puik plan.' Martin stond op en ging ons voor. Het was inmiddels twee over halftwaalf.

Beneden in de woonkamer was het een gezellige drukte. Mijn hele familie, vijftien in totaal, zat beneden. We waren zelfs met zestien als ik Martin ook meerekende. In totaal zestien mensen, echte gezelligheid zoals eigenlijk alleen de decembermaand die kent. De familie zat verspreid door de kamer. Een deel keek naar de TV, aan de grote eettafel deden mijn nichtjes een bordspel en weer een ander deel, voornamelijk een deel bestaande uit mijn tantes, praatte. Samen met zijn jongere broertje, mijn oom, zat mijn vader achter de PC. De meteopagina en buienradar waren zichtbaar op het scherm. Met een oliebol in mijn hand liep ik naar ze toe. 'Houden we het droog vanavond?'
Mijn vader keek om. 'Ja,' zei hij. 'Neerslag zou nu sneeuw zijn maar ook dat gaat niet vallen.'
'Geen neerslag is goed. Zo lang er geen regen is, vind ik het best.' Ik draaide de PC de rug toe en liep naar de tafel toe. Mijn oliebol was inmiddels op. Ik ging zitten en volgde het spel dat mijn nichtjes speelden, Uno, een raar soort pesten. Toen ze klaar waren was het al kwart voor twaalf.

Martin had ons allemaal voorzien van nog een biertje en zat lui in een stoel. Samen met Ben en mij praatte hij. 'Vuurpijlen afsteken, potten, ander sierspul en daarna stoken. Da's de planning wat mij betreft.'
'Lijkt me goed,' zei Ben. 'Ik ga alleen wel met mijn vrienden stoken dus ik neem een deel van wat we hebben mee.'
'Dat vind ik best, maar niet teveel,' zei ik. 'Je verstookt wel mijn geld.'
'Alsof je het in je eentje op zou krijgen,' kaatste mijn broertje terug.
'Hij heeft een punt,' gaf Martin toe.
'Klopt.' Ik hief mijn handen op. 'Oké, jongen. Neem jij maar vuurwerk mee hoor.'
Mijn broertje grijnsde. 'Dank je, Martin.'
'Geen probleem. Geef me die zak chips en we staan quitte.'
Ben reikte naar de tafel en gooide een zak naturelchips naar Martin toe. 'Bedankt.' Hij nam een handje en stak hem naar mij uit. 'Ook?'
Nadat ik een slok bier had genomen grabbelde ik kort in de zak en haalde er een handje chips uit. 'Dank je.' Ik keek op de klok en schrok. Zeven voor twaalf, waar bleef de tijd? 'Bijna,' mompelde ik. 'Bijna is de tijd weer daar.'
'Hè?' Martin keek me aan. 'Wat zei je?'
'Niets.' Ik zuchtte. 'Het is bijna twaalf uur, meer niet.'
Martin keek quasi ongeïnteresseerd op de klok. 'Chill.'
'Een koele doch gerichte omschrijving.' Daan kwam bij ons zitten. 'Het is min twaalf,' zei hij. 'Gek toeval hè?'
'Alles wijst in ons voordeel,' zei Ben. 'Twaalf hangt in de lucht.'
'En ook op de TV. Nouja, bijna,' zei ik. De hele familie was nu rond de TV gaan zitten waar de befaamde klok al te zien was. Mijn telefoon gaf een schril geluid, mijn toon voor een SMSje. Ik pakte het ding uit mijn zak en keek.

Alvast een gelukkig nieuw jaar. Zie je zo nog wel Wink

xXx Carmen

'De vrouw?' vroeg Martin.
'Ja.' Ik stopte de telefoon weg.
'Moet je niet antwoorden?'
Ik schudde mijn hoofd. 'T-mobile kennende ligt het netwerk nu al plat. Het verbaast me dat ik haar SMS überhaupt nog kreeg.'
Martin zei niets maar keek naar de TV. Nog een dikke minuut tot middernacht. De tijd wanneer barkeepers erover denken de stoelen op de tafel te zetten en de deur te sluiten, als stelletjes hun kussengevecht voor die avond gestaakt hebben en als kleine kinderen onrustig slapen. Waar kwam die tekst ook alweer vandaan? Een boek van Stephen King, de titel kon ik me zo snel niet herinneren. Niet dat het er ook maar iets toe deed. Veertig seconden nog. De wijzer tikte getrouw de seconden weg. 'Hé, Coen.'
'Ja?' Ik keek Martin aan. De rest van de familie zweeg en keek geobsedeerd naar de klok.
'Dit nieuwe jaar gaat echt vet worden. Geen weddenschappen dit keer.'
Ik grijnsde. 'Nog niet.'
Vijfentwintig seconden nu. In de kamer kon je de spanning voelen. Iedereen zat al zo'n beetje op het puntje van zijn of haar stoel. Klaar om op te springen en elkaar een gelukkig nieuwjaar te wensen.
Achttien. De secondewijzer kroop nog steeds vooruit. Op de TV waren nu beelden van het eind van het jaar te zien. Waar had ik ook alweer gehoord dat de mens op de tijdsschaal van de wereld pas om één voor twaalf zijn hoofd om de hoek had gestoken? Het einde naderde, het jaar liep echt ten einde. Jemig, wat was het weer snel gegaan. 2008 kwam er nu echt aan. Twaalf seconden, het magische getal tien naderde. Nog elf. De wijzer was nu de tien voorbij. Nog even, Coen ouwe makker, nog even en je mag. Kalm aan nu, niet van je stoel vallen en gewoon samen met iedereen opspringen. Buiten werd het vuurwerk geweld heviger. Pijlen gingen de lucht in, ratelbanden werden afgestoken. Veel mensen begonnen nu al. Vijf. Vier. Bijna daar. Twee. Daan kreeg een SMSje. Afwezig legde hij even zijn hand op zijn zak maar pakte zijn mobiel niet. Eén, en nul. 'Gelukkig nieuwjaar!' Iedereen sprong op. Ik liep eerst naar Martin toe, mijn hand uitgestoken. Hij schudde hem en omhelsde me daarna, een vriendschappelijke omhelzing waar zowel respect als vriendschap in lag. 'Gelukkig nieuwjaar,' zei ik.
'Gelukkig nieuwjaar,' antwoordde hij. 'Dat het een mooi jaar mag worden.'
'Dat wordt het.' We glimlachten, klopten elkaar op de schouders en gingen verder naar de anderen.
Ik omhelsde en knuffelde mijn ouders en wenste ze gelukkig nieuwjaar. Kuste mijn oma en ooms en tantes. Omhelsde mijn nichtjes en tilde Matthijs op. Buiten brak de hel los. Vuurpijlen vlogen de lucht in en het klonk buiten als een slagveld. Mijn hele familie was elkaar nog aan het omhelzen en handen aan het schudden.

'Pijlen!' Boven alle commotie uit stak Martin twee pakketten de lucht in.
'Jo!' Ik viel hem bij, nam mijn jas aan en rende samen met hem naar de achtertuin. In een snel tempo gingen de pijlen de lucht in. De effecten spatten boven in de lucht uiteen, samen met die van tientallen zo niet honderden andere pijlen. Miljoenen als je het hele land in beschouwing zou nemen. Geel, blauw. Het hele kleurenspectrum kwam voorbij. Ik keek naar Martin. Zijn ogen glinsterden, dit was het moment van het jaar. Of eigenlijk van het nieuwe jaar, het jaar. Ach, zoek het ook maar uit. Het is gewoon hét moment waar het voor alle vuurwerkfreaks om gaat. Het “moment suprême”. Dit was het dan. Het moment waar het ons de afgelopen 72 uur, zo niet de afgelopen weken en maanden om gegaan was. Twaalf uur. Middernacht. Onze tijd. Tijd voor vuurwerk.

Onze laatste pijl ging de lucht in. Rood, groen, zilver en goud spatte uit elkaar met prachtige knallen en kleureffecten. 'Kom!' schreeuwde Martin. 'Naar voren. Stoken!' Samen met Daan en Ben renden we door het huis heen. 'Wij zijn vuurwerk afsteken!' schreeuwde ik nog naar mijn ouders.
'Veel plezier,' glimlachte mijn moeder. 'Wij gaan wel naar bed hoor. Het wordt ons anders echt te laat.'
'Is goed. Zie jullie morgen.' Snel vulde ik mijn zakken en nam de rest van het vuurwerk mee.

De sneeuw kraakte onder onze voeten. Op de straat liepen onze buren rond, na ze een gelukkig nieuwjaar gewenst te hebben strooiden we rotjes en voetzoekers in het rond alsof het niets was. Sander kwam met grote passen naar ons toe lopen. 'Gelukkig nieuwjaar, Coen!' riep hij met een grijns. Ik schudde zijn hand. 'Jij ook.'
'Coen!' Martin riep me en wees. Door de straat kwam een eenzame persoon aanlopen. In het licht van de latarens en het vuurwerk werd haar gezicht verlicht. Blond haar waaide lichtjes in het rond, een glimlach speelde om haar gezicht. Zelf voelde ik ook een lach opspelen toen ik naar haar toe liep. Carmen stak haar armen naar me uit en omhelsde me. Haar blauwe ogen schitterden als kristallen. 'Gelukkig nieuwjaar,' zei ze.
'Hetzelfde. Een heel gelukkig nieuwjaar.'
Ze boog zich wat dichter naar me toe. 'Met jou lukt dat wel.'

Sander vloot toen we elkaar kusten maar veel trokken we ons daar niet van aan. Na wat als een fantastisch jaar voelde maar daadwerkelijk niet meer dan een minuut of wat was lieten we elkaar los. Carmen liep weer terug. 'Ik kwam je alleen even gelukkig nieuwjaar wensen. Ik zie je morgen.'
Ik glimlachte en knikte, pakte haar hand toen ze bijna te ver weg was om nog te pakken. Het meisje keek me vragend aan. Nogmaals liep ik naar haar toe en kuste haar kort, waarna ik glimlachte en me omdraaide.

Achter me wachtten Martin, Sander, Daan en Ben op me. Hun gezichten vriendelijk en onpeilbaar. Ogen die schitterden, handen gestoken in dunne handschoenen zodat aanstekers nog te bedienen waren. Zakken vuurwerk stonden naast hen. Het was tijd om ermee te doen waarvoor we het gekocht hadden: Het nieuwe jaar inluiden. Het was tien voor een, de lucht was helder en vol met effecten. Het licht van de natuur werd even vervangen door het licht der mensen. Het licht van vuurwerk; ons licht.
Ik nam een stuk nitraat aan en gooide het weg. Na de knal keken Martin en ik elkaar weer aan. Tegelijkertijd spraken we, beiden zeiden we hetzelfde: 'Daar gaan we!'

Endurance · Fidelity · Intelligence
[-] De volgende 5 gebruikers zeggen bedankt Coen voor dit bericht:
  • Breeze, brl-scv, Haruna, Mjd, Robin
Voeg bedankje toe Antwoord
#27
Citaat: Ja dat klopt inderdaad. Dat verhaal volgt hierna.
 

Heerlijk eerste verhaal nog steeds Coen, maar ik ben klaar voor het volgende Biggrin
[-]
  •
Voeg bedankje toe Antwoord
#28
Dan hierbij de eerste twee delen van dat verhaal! Thumbsup 

    Maandag 12 december 2011 het liep al tegen zessen. Langzaam liep een lange jongen door de Herestraat heen. Een student, zoals Groningen er veel kent. Lang, met blond haar, gekleed in een lange, donkerblauwe spijkerbroek en een grijs zwart gestreepte trui, ondanks de kou van de decembermaand. De bril die vorig jaar nog op zijn gezicht tekende was weg, de grijsblauwe ogen zichtbaar achterlatend. Zijn blonde haren woeien wat op de door de wind. Langzaam draaide hij zijn hoofd en keek hij naar boven. Zijn ogen reflecteerden het licht van de lampen die het straatbeeld sierden en als vele lampionnen een geel licht verspreidden.
    De lucht was donker, de sterren staan helder en al met al was net warm genoeg om je adem niet te zien. Coen stak zijn handen in zijn zakken en liep verder. Koud had hij het niet, wel voelde de lucht schril aan. Zijn hand tintelde licht toen hij hem uit zijn zak haalde om op zijn horloge te kijken, bijna kwart voor zes. Tijd om naar huis te gaan. Hij blikte nogmaals door de Herestraat. Het was er rustig nu het tegen etenstijd liep. Er liep een tiental mensen. De winkels waren versierd met allerlei kerstmannen of soortgelijke spullen. Buiten de kerstmannen was overal licht aanwezig.     Feest van vrede, feest van licht, een oudje liedje dat hij op de kerstviering van de basisschool ooit eens gezongen had. Een feest van licht was kerst zeker, maar van vrede? Misschien vroeger, misschien ooit, maar nu zeker niet. Zijn glimlach was triest. Niet dat hier ook maar enige reden voor was, Coen had genoeg om blij mee te zijn. Verzeild in zijn eigen gedachten kon hij dit wel eens vergeten.
    Kom op, dit is niet nodig. Kerst komt eraan, herinnerde hij zichzelf. Een feest van licht. Lichtjes die volop aanwezig waren. Ze waren in bogen gespannen en sierden het straatbeeld. En niet alleen hier. In vrijwel iedere straat hingen lichtjes om mensen in de kerstsfeer te brengen, zeker nu Sinterklaas het land uit was.     Langzaam slenterde Coen verder. De Herestraat uit, de Vismarkt op. Ook hier weer licht in overvloed.
    Voor hem liepen een jongen en een meisje gearmd. Het zag er verterend uit. Kort keek hij naar het paartje toen hij ze voorbij liep. De jongen was hooguit 16, het meisje misschien een jaar jonger. Ze had bruin haar en een gezicht waar vaag wat sproeten op waren te zien. Ze had alleen maar aandacht voor haar vriend.
    Na de Vismarkt te zijn gepasseerd liep Coen richting de bibliotheek waar zijn fiets stond. De trap af, zijn voetstappen klonken hol en weerkaatsten tegen de stenen.
    Beneden in de fietsenkelder was het killer dan buiten. De lichten die aan de muur hingen verspreidden een vaal, wit licht. Veel minder gezellig dan de lampen van buiten. De klik van het fietsslot klonk hard in de lege kelder. Langzaam, met de fiets aan zijn linkerkant, liep Coen naar de uitgang toe. Hij voelde in zijn broekzak, op zoek naar het groene kaartje dat hij die ochtend had gekregen. Zijn mp3-speler voorbij, een portemonnee die hij niet moest hebben. Eindelijk vond hij het ding. Snel overhandigde hij het aan de zuur kijkende man. Hij had een klein bierbuikje en droeg een zwart montuur waarin glazen zaten die zijn ogen vergrootten. Al met al had hij met zijn vaalbruine haar iets weg van een uil. 'Dank je,' zei de man terwijl hij het kaartje aannam.
'Alstu. Hoi!' Coen knikte vriendelijk en liep verder naar buiten. De man groette terug en keek afwezig om zich heen. Afgezien van de jongen van zoëven is de kelder leeg. Alleen fietsen.     Hoofdschuddend pakte de man zijn mok koffie en nam hij een slok. Niets aan zo. Daarna keek hij weer naar de TV die aanstaat op Astro TV. Mensen zouden nu toch zelf naar de sterren kunnen kijken? Het was er donker genoeg voor. Er was weer en beller en de man ging wat verzitten. Aan de blonde jongen dacht hij al niet meer.

    Op de fiets was het nog kouder. De trui die Coen droeg hield hem niet langer warm. De afgelopen maanden was het meer dan voldoende geweest maar nu werd het toch te koud. Eindelijk. Elk teken dat de winter eraan kwam werd door Coen verwelkomd. Het was de winter waar het om ging. En als het niet om de winter ging dan wel om de feesten die in de winterperiode vielen. Kerst en oud en nieuw. Feesten die met familie en vrienden gevierd werden en waarbij in het laatste geval vuurwerk kwam kijken. Hij zuchtte langzaam. Het stoplicht waar hij voor stond te wachten sprong op groen. Vlot fietste hij verder. Zijn voorlamp scheen onregelmatig op het roze fietspad. De klanken van zijn mp3 speler klonken in zijn oren.
    De bebouwing werd al wat minder dicht en de wegen werden drukker. Het Noorderplantsoen kwam in de buurt. Coen stopte kort om te voorkomen dat een auto hem van zijn sokken zou rijden en reed weer verder. Het werd nu echt al donker. Vlot fietste hij verder. De Korrewegbrug over en verder, richting zijn huis.
    Het fietspad leidde hem al snel richting de wijk waar hij woonde. Boven de huizen steeg nu een gelig licht van lantarenpalen op. Het was nu vijf over zes en de duisternis was volledig gevallen en bedekte alles.
    Boven de huizen klonk een harde knal die door de wijk echode. Coen remde langzaam af en stond stil. Hij had het inmiddels al niet meer koud. Geboeid keek hij toe hoe het zilveren effect van de pijl zich aftekende in de donkere decemberlucht. Een wolk dreef voorbij en wierp een rare schaduw op de effecten van de pijl. Het effect kwam de mysterieuze atmosfeer ten goede. Om hem heen was het nu doodstil. Coen blikte kort om zich heen. Het schoolgebouw waar hij voor stond was leeg en donker. Binnen kon hij de stoelen, die maandag weer ruw op de grond terecht zouden komen, op de tafels staan. 
    Het effect van de pijl was nu bijna weg, de echo van de knal klonk nog na. Langzaam kwam Coen weer in beweging. Het was echt december en het werd tijd om zijn vuurwerk weer te bestellen. Dat kon sinds een tijdje alweer op de site van de lokale videotheek. 'Het komt eraan,' mompelde Coen zacht. 'Echt wel.'
    Na een stukje gestept te hebben sprong hij weer op zijn fiets. Het was nu nog maar een paar minuten tot hij thuis was. Inmiddels had hij het warm. De trui die hij droeg liet de wind door en daarom was hij niet bezweet, maar nu voldeed het ding prima in zijn taak om hem warm te houden. Na vlot een verkeersdrempel genomen te hebben remde Coen langzaam af en reed de brandgang binnen. De enkele verlichting die er was zorgde voor een scherp contrast tussen licht en schaduw. Alles wat uit de schaduwen kwam aanzetten leek uit een zwart gat te komen.
    Het tuinhek piepte toen hij het openduwde en het hout voelde kil aan. Achter hem viel de klink met een metaalachtige klap tegen een metalen punt aan. Eigenlijk moest de klink in de constructie rusten. Vlot draaide Coen zich om en deed het hek goed dicht, waarna hij er een slot voor schoof. Een eventuele inbreker had zo over het hek heen kunnen klimmen maar op deze manier werd in elk geval voorkomen dat het hek bij harde wind open zou waaien.
    Coen haalde de sleutelbos van zijn riem af en maakte de schuurdeur open. Zijn fiets zette hij binnen waarna hij de deur weer afsloot en naar zijn huis toe liep, de achterdeur werd al voor hem van het slot gehaald. De blik die hij naar binnen wierp leverde het beeld op van een vrolijke verlichte kamer. In de hoek, vlak bij de achterdeur stond een kerstboom die al versierd was. De lichtjes weerkaatsten in het glas van het raam en lieten ook de spiegelbeelden van enkele kerstballen zien. Voor het glas van de achterdeur zat een zwarte Labrador. Zijn staart ging vlot heen en weer. Het beest sprong op toen Coen de deur opendeed en binnen kwam. Blij draaide het dier rondjes toen hij werd aangehaald.
    'Hé, Coen,' zei zijn vader. 'Hoe was het op de universiteit?'
'Goed,' antwoordde zijn zoon. 'Leuk ook. Ben daarna nog even de stad in geweest.'
'Dat raadden we al,' knikte hij. 'Het eten is zo klaar dus je bent nog op tijd.'
Coen lachte en deed zijn trui uit. Zijn tas zette hij op de trap naar boven. 'Gelukkig.'
    De huid van zijn handen werd nu rood en gevoelig door de plotselinge warmte van de kamer. Een hanger pakken om zijn trui aan de kapstok te halen voelde niet prettig. Zijn vingers deden pijn door de aanraking terwijl het nog niet eens zo koud was. Coen hing zijn jas op en liep terug naar de kamer. Ben kwam net naar beneden. 'Hoi,' zei hij. 'Hoe is het?'
'Goed. Met jou?'
'Ook alles goed.' Ben ging voor de TV zitten. Uit de keuken kwamen geuren van eten aandrijven. Het was nog niet die van rollade, dat zou nog komen. Alles op zijn tijd.

    Acht uur 's avonds. Met een verveeld gezicht sloeg Martin zijn boek dicht. 'Dat tentamen is toch pas in januari,' mompelde hij. Op zijn kamer was het stil. De PC stond wel aan maar maakte een licht brommend geluid waar Martin ondertussen al aan gewend was. Met een vlot gebaar gooide Martin het zware boek op zijn bed. De papieren die er al op lagen kraakten onder het gewicht. 'Klotending.' Martin draaide zich om op zijn bureaustoel. De blik naar buiten verschafte hem weinig nieuws. Het enige dat hij zag was duisternis en het vage licht dat door de ramen van de buren kwam. Hij had vanaf zijn plek zicht op hun bovenverdieping. 'Donker.'
    Martin stond op en liep naar zijn raam toe, dat open stond. Een vlaag koude lucht streek langs zijn gezicht toen hij naar buiten keek. De lucht was donker en erg koud. 'Vuurwerkweer,' dacht Martin hardop. Met een zucht ging hij achter zijn PC zitten. Hij bewoog kort met zijn muis, de screensaver verdween en zijn gewone scherm kwam weer in beeld. Met een snelle klik opende hij zijn muziekcollectie en zette een nummer van Lost Prophets op.
    Kalm droomde hij even weg, weg van zijn leerwerk en de universiteit. Alleen de muziek deed er nog maar toe. De muziek en zijn eigen wezen. Alleen in de zalige stilte van de ziel. Een stilte die nauwelijks doorbroken kon worden nu ook het geluid van de muziek aan het vervagen was. Even alleen, even helemaal niets. Martin zakte wat onderuit in zijn stoel, de stof voelde prettig en zacht aan.
    December, kerst, oud en nieuw, vuurwerk. Beelden van vuurpijlen flitsten voorbij en zijn gedachten werden minder samenhangend. Het beeld van Coen kwam voorbij, scherp als een foto. Zijn beste vriend, lachend, met zijn armen om een meisje heen. Geleidelijk verdween het beeld om vervangen te worden door de zeven spelers die het Oliebollentoernooi hadden gewonnen. Hun Team Henk dat lachend op de foto stond met een zilveren beker in het midden. Spoken van vorig jaar en het afgelopen jaar. De beelden verdwenen en vloeiden over in andere, recentere beelden.
    Hoofdschuddend, uit een trance ontwakend, ging Martin weer rechtop zitten. Zijn lichaam voelde sloom aan, alsof hij geslapen had. Toch wist hij zeker dat er van slaap geen moment sprake was geweest. Kalm schudde hij zijn hoofd en richtte zijn blik op het computerscherm. Het album dat hij had opgezet was bijna klaar met spelen. Buiten was het donkerder dan ooit. De wind begon aan te trekken, Martin kon hem horen ruisen. De bomen die voor het huis stonden wiegden heen en weer als in een absurd wiegelied. De temperatuur was verder gedaald, volgens zijn thermometer was het nu vier graden. Al met al toch nog te warm voor sneeuw.
    Martin draaide zijn hoofd weg van het raam, deed zijn PC uit en stommelde naar beneden, waar hij de klok vaag had horen slaan. Eén keer was er geslagen, wat inhield dat het half negen moest zijn. Zo stil als hij kon sloop Martin naar beneden. Eén trap af, op naar de volgende. Zachtjes, om zijn broertje niet wakker te maken, liep hij door. Beneden in de gang ging een lichtje aan zodra hij van de trap af was. Het kleine ding zat onder de trap in het stopcontact, dicht bij de grond. Het zag er wat kinderachtig uit maar verspreidde een zacht en warm geel licht waardoor een deel van de gang verlicht werd. Martin sloeg nauwelijks acht op het licht en liep door naar de woonkamer.
    Toen hij daar binnen kwam zaten zijn ouders TV te kijken. Zijn jongere zusje zat in een stoel, opgerold een boek te lezen. Ze keek kort op toen hij binnen kwam. Het licht van een van de lampen werd kort weerkaatst in haar ogen. Martin draaide zich om en liep naar de keuken waar hij een glas pakte en het volschonk met drinken. Tegen het aanrecht leunend dronk hij het op. Hij bleef maar naar buiten kijken.
    De donkere, koude lucht trok, zoals zij dat elke decembermaand deed. Het verlangen om buiten te zijn, te genieten van de kou en volop te realiseren dat het eind van het jaar weer naderde was ook nu weer aanwezig. Zou hij zijn hardloopschoenen aantrekken en een stukje lopen? Martin overwoog het kort. Waarom ook niet? Hij moest toch nog lopen deze week en het was nog niet al te laat. Hij verliet de keuken en stak zijn hoofd om de hoek van de woonkamer. 'Ik ga nog even hardlopen,' zei hij.
    Zijn ouders keken op en het was zijn vader die antwoordde: 'Is goed. Kijk je wel uit?'
Martin knikte. 'Ik blijf niet te lang weg,' zei hij. 'Ga gewoon even de frisse lucht opsnuiven. Tot zo.'
'Tot zo,' antwoordde zijn moeder.
    Hij verdween om de hoek en liep weer naar boven. Nogmaals floepte het lichtje aan, nu zag hij het wel. Kort bleef hij staan, midden op de trap; kijkend naar het licht dat de hele gang een mysterieus en vreemd uiterlijk gaf. Het gebrek aan licht op de meeste plekken maar de volle aanwezigheid op andere gaf een gevoel van geborgenheid en vertrouwen. Het licht was er wel, als je maar keek. En hij keek. Hij draaide zich weer om en vervolgde zijn weg naar boven.
    De lucht op zijn kamer was wat koud maar Martin was te druk bezig met omkleden om het echt te merken. Vlot schoot hij in een joggingbroek. Hij trok een hemd en een shirt uit zijn kast en deed er een shirt met lange mouwen over aan. Het leer van zijn schoenen voelde zacht en soepel om zijn witte sokken. De veters werden strak aangetrokken en dichtgeknoopt.
    Zijn rechterhand beschreef een kring van cirkels en knoopte de mp3 speler om zijn linkerpols heen, hiermee voorkwam Martin dat het ding tijdens het lopen zou vallen en kon hij toch muziek luisteren. Ook nu waren het weer de Lost Prophets.
    Zijn voetstappen klonken zacht op de trap. De hardloopschoenen stelden Martin in staat om bijna geruisloos te lopen. De stenen van de gang klonken luider. Martin liep naar de voordeur. Voorzichtig ging de deur open, Martin stapte naar buiten en sloot de deur achter zich. Het duurde even voor hij uit het zicht verdween. Achter hem floepte het lampje uit, de gang duister achterlatend.

    Buiten was het nog kouder dan Martin aanvankelijk gedacht had. Om het wat warmer te krijgen begon hij in een snel tempo hard te lopen. De muziek had hij zachtjes opstaan zodat hij zijn omgeving nog steeds kon horen. Doordat de muziek zo zacht stond concentreerde hij zich behalve op de muziek ook op het geluid van zijn voeten.
    Kort viel het hem op hoe stil het eigenlijk was. De meeste mensen zaten binnen, warm bij de kachel, en zelfs van auto's was geen spoor. Alleen op de wereld. Martin grinnikte kort en liep door.
     Het geluid van zijn voeten werd monotoon. Snel achter elkaar kwamen ze terecht op de stenen waarna hij ze weer optilde en verder liep. Hij was nu op de helft. Eén kilometer afgelegd, eentje te gaan. Hij wist dat het geen lang rondje was, maar dat was ook niet de bedoeling. Samen met zijn lichaam ontspanden ook zijn hersenen. De frisse lucht werkte opwekkend en gaf hem de indruk dat zijn gedachten en ziel werden schoongespoeld, alle oneffenheden die er geweest waren verdwenen nu. Het lukte hem nu weer om zijn gedachten volledig voor hem aan het werk te zetten. De zorgen over het tentamen waren verdwenen. Per slot van rekening was het nog maar december. Nog een aantal dagen en hij zou rust krijgen, even weg van de universiteit en de stress van het leren. Weg van alles dat drukte en hetgeen dat beslag legde op zijn privéleven. Niet dat hij hier zoveel problemen mee had, maar buiten werken was ook rust een welkome afwisseling.
    Zonder het door te hebben gehad was Martin al voorbij zijn eigen huis gelopen. Hij keek nu uit over de voetbalvelden van Zuidhorn. Momenteel was er een training aan de gang. In het scherpe licht van de zuilen zag hij jongens heen en weer lopen. Kort bleef hij staan, gebiologeerd door het beeld van de trainende teams en de combinatie van lichte rechthoeken ten opzichte van de donkere omgeving. Licht en donker, een boeiend contrast zeker zo in de decembermaand.
    Het duurde even voordat Martin's benen weer luisterden en hij richting huis liep. Zijn tempo lag nu wat lager waardoor hij het wat kouder kreeg. De koudere lucht cirkelde om zijn warme borst heen en legde al beslag op zijn armen. De hand die zijn mp3 speler vast had was nog een beetje warm maar de andere was al rood, prikte en voelde koud aan. Het had geen zin om zijn hand warm te blazen, hij zou toch binnen de kortste keren weer koud worden. Dus versnelde Martin zijn pas, de enige andere optie.
    Nu voelde hij zijn benen toch wel. De twee kilometer hadden hem niet moe gemaakt, zijn conditie was goed genoeg. Het was de snelheid waarmee hij had gelopen die zijn benen deed rebelleren. Nu kwam toch zijn huis al in zicht. Bij het oplopen van de oprit ging een blauwe lamp aan die hem zicht bood op de garagedeur.
    Via die deur ging hij naar binnen, in de garage was de temperatuur nog laag maar in de gang voelde hij gelijk de heerlijke warmte van het thuis-zijn. In het vage licht van de gang trok Martin zijn schoenen uit en liep hij de woonkamer in.
    Zijn vader zat aan de eettafel te werken aan zijn laptop. Kort keek hij op. 'Hoe ging het?'
'Goed,' antwoordde Martin. Hij schoof een stoel opzij en ging ook aan de tafel zitten. Een halve minuut later stond hij alweer op, op weg naar de kraan met een glas in zijn hand. Twee glazen water later liep hij weer naar de gang.
    In het vage licht zag hij op de vensterbank een folder liggen. Terwijl hij met de ene hand het zweet van zijn voorhoofd wiste pakte hij met de andere de folder. Het papier voelde glad en koel aan. Net nieuw dus. Gezien de plek waar het lag was hij door iemand, waarschijnlijk zijn moeder, wel bij de post gezien maar als nutteloos vod aan de kant gelegd.
    In het vage licht zag Martin de felle kleuren van verpakkingen. Met het ding in de hand liep hij de trap op. Nadat hij op zijn kamer het licht aangedaan had bekeek hij de folder nogmaals. Er bestond geen twijfel over, zijn eerste vuurwerkfolder van het jaar was binnen. 'Dat is wel erg vroeg,' mompelde hij.
    Martin stond op en trok zijn shirt uit. Toen hij het op de grond gooide zag hij door de hoek van de lichtval een tekst op de vuurwerkfolder staan. Hij pakte hem op, las de tekst en begon te lachen.
    Het was tijd voor een douche. Nog een keer keek hij naar de vuurwerkfolder in zijn hand, weer speelde een glimlach over zijn gezicht. Met zijn vrije hand pakte hij zijn shirts op en keek hij nog eenmaal rond. Er lagen verder geen hardloopspullen meer op de grond, zijn moeder zou alles in een keer kunnen wassen. Nogmaals grinnikte Martin toen hij naar de folder keek. Hij draaide zich om en deed het licht op zijn kamer uit, daarna sloot hij de deur.
    Terwijl zijn voetstappen op de trap wegstierven, dwarrelde de folder langzaam naar beneden. Traag zweefde het papier naar de grond, als een schip op wilde golven ging het stuk papier heen en weer. Langzaam en gracieus tot het eindelijk de grond raakte. Door de tocht onder de deur dwarrelde het nog eenmaal op waarna het midden in zijn kamer terecht kwam. Het licht van de dichtstbijzijnde lantarenpaal viel op het papier en liet de siereffecten en advertenties in felle kleuren goed uitkomen.
    Schuin over de advertenties stonden zinnen geschreven. “Hoe echt deze folder ook mag lijken, helaas helaas, hij stamt nog van voor Sinterklaas. Ik weet dat die alweer het land uit is maar toch wilde ik je dit cadeau nog overhandigen, anders is het toch wel een gemis. Dichten kan ik niet maar dat interesseert me geen ene biet. Ook dit jaar wordt weer te gek man!

Groeten van Coen.”

Endurance · Fidelity · Intelligence
[-] De volgende 5 gebruikers zeggen bedankt Coen voor dit bericht:
  • Breeze, brl-scv, Frvinnie, Mjd, Robin
Voeg bedankje toe Antwoord
#29
Sjonge jonge.. na het lezen van de verhalen besef ik me hoe erg ik dit eigenlijk gemist heb. Dat zelfs dit bijdraagd aan het gevoel wat ik hoor te hebben.. iets wat ontbrak nadat AVP offline ging.
Al ken ik de verhalen van alle voorgaande jaren, het hoort gewoon thuis op AVP en bij het aftellen naar de dag.

Heren.. mijn dank voor het posten!! Ik zit weer te genieten
[-]
  •
Voeg bedankje toe Antwoord
#30
Eindelijk is dan ook hier mijn verhaal van een paar jaar geleden! Ik zie dat de leestekens apart worden weergegeven, zal kijken of ik dat voor de volgende delen aan kan passen. 
Hier is het eerste deel: 

Het verhaal begint op 30 november 2010.  
Matthias zit achter zijn pc wat te kijken op de forums van AVP. ͞Nog 1 dagje en dan is het 
december.͟ denkt hij en post nog even wat in het ͚Wintertopic͛. Daarna zet hij zijn pc uit en loopt 
naar beneden. ͞Mam, ik ga even oliebollen halen enzo.͟ zegt hij, terwijl hij zijn jas aantrekt. ͞Is 
prima, kan je dan ook gelijk even nog wat frisdrank meenemen voor mij?͟ vraagt zijn moeder. ͞
Tuurlijk!͟ zegt Matthias en loopt naar buiten door de net gevallen sneeuw. Hij stapt de auto in en zet 
een lekkere kerst cd op. De wegen zijn nog niet echt goed gestrooid maar het is niet erg glad. 
Eenmaal aangekomen bij het winkelcentrum heeft hij geluk dat er nog net 1 parkeerplaats vrij is. ͞Zo 
het is best druk op zo͛n dinsdagochtend!͟ denkt hij, terwijl hij de auto uitstapt. Hij loopt het 
winkelcentrum naar binnen en gaat naar de supermarkt.  
 
In de supermarkt lijkt het niet druk totdat hij bij de kassa komt en een enorme rij ziet staan. Een 
kassa staan allemaal mensen met volle karren, terwijl Matthias maar 3 flessen frisdrank heeft. ͞Die rij 
neem ik.͟ denkt hij en gaat achter een mevrouw staan met een volle kar. ͞Hopelijk laten al deze 
mensen mij nu voor omdat ik maar zo weinig dingen heb.͟ denkt hij. ͞Ga je maar even voor hoor, je 
hebt toch niet zoveel.͟ Zegt de vrouw voor hem. ͞Dankuwel!͟ zegt Matthias en loopt een stukje naar  
voren. Zoals verwacht mag hij ook van de man daarachter en de andere 2 mensen met volle karren 
voor en is hij heel snel aan de beurt. ͞Goeiemorgen!͟ zegt het vriendelijke meisje achter de kassa. ͞
Goeiemorgen!͟ zegt Matthias vriendelijk terug. ͞Dat wordt dan 3,45 euro.͟ zegt het meisje. Matthias 
betaalt en wil al bijna weglopen, totdat het meisje vraagt: ͞Ken ik jou ergens van? Je komt me zo 
bekend voor.͟ ͞Ik weet het niet.͟ zegt Matthias verbaasd. ͞Oh nou dan zal ik me wel vergissen, 
haha.͟ zegt ze lachend. ͞Ja zou kunnen, haha.͟ Zegt Matthias en ze groeten elkaar. ͞Vreemd, ik ken 
dat meisje nergens van.͟ denkt Matthias en loopt richting de oliebollenkraam. Er staat niemand in de 
rij dus kan hij gelijk bestellen. ͞Goeiemorgen, zeg het maar!͟ zegt de man van de oliebollenkraam. ͞
Goeiemorgen, ik wil graag 5 oliebollen alstublieft.͟ zegt Matthias. De man stopt 5 oliebollen in een 
zak en geeft ze aan Matthias. Matthias betaald, groet de man en loopt weer richting zijn auto.  
 
Als hij net wil instappen komt er een klein jongetje aangelopen en vraagt: ͞Meneer, heeft u vuurwerk 
gekocht bij de kraam?͟ ͞Nee helaas verkopen ze dat nog niet, haha. Ik heb oliebollen gekocht.͟ zegt 
Matthias vriendelijk. ͞Oké, vuurwerk is mooi hè?͟ zegt het jongetje enthousiast. ͞Ja dat is het zeker.͟ 
zegt Matthias. ͞Stefan! Stefan! Kom je mee boodschappen doen?͟ zegt de moeder van het jongetje 
die is aan komen lopen. ͞Doei meneer!͟ zegt het jongetje vrolijk. ͞Doei Stefan!͟ zegt Matthias en hij 
stapt zijn auto in. Hij rijdt weer naar huis en voordat hij naar binnen gaat gooit hij nog even een dikke 
sneeuwbal tegen het raam. Zijn moeder heeft het gezien en doet gelijk de deur open. ͞Ik dacht al dat 
jij het was.͟ zegt zijn moeder lachend. ͞Ja is een keer wat anders dan een bel hè?͟ zegt Matthias en 
hij loopt naar binnen. Hij stopt gelijk een oliebol in de magnetron en eet hem lekker op. ͞Heerlijk, zo 
krijg ik steeds meer zin in de kerstvakantie en oud & nieuw!͟ denkt Matthias en hij loopt weer naar 
boven richting zijn pc en gaat wat chillen op AVP. 
 
Als het avond is besluit Matthias om zijn kerstverlichting op te gaan hangen in zijn kamer. Hij pakt als 
eerste zijn kerstboompje en zet hem neer op het bureau. ͞Volgens mij mist er een kerstbal.͟ denkt 
hij als hij naar een leeg haakje kijkt. In de zak van het kerstboompje ligt inderdaad nog een kerstbal. ͞
Mooi, dan hang ik die er in.͟ denkt hij en pakt de volgende tas. Plotseling komt zijn broertje Jon 
binnen gelopen. ͞Kijk ik heb ook een kerstboompje gekocht!͟ zegt Jon enthousiast. ͞Goed bezig! Zo 
komt de sfeer er lekker in!͟ zegt Matthias als hij de lichtslang ophangt. Jon loopt weer naar zijn 
kamer en zet zijn kerstboompje neer. Matthias is ondertussen bijna klaar met het ophangen van de 
lichtslang. Als hij klaar is zet hij nog 2 kerstlampjes neer en zet alles eens aan. ͞Zo, dat ziet er weer 
heel gezellig uit!͟ denkt hij. Even later krijgt hij een smsje van zijn goeie vriend Michiel. ͞Ik heb mijn 
eerste vuurwerkfolder binnen!͟ staat er in het smsje van Michiel. Matthias smst gelijk terug of hij 
even langs kan komen. 
Hij krijgt meteen een berichtje terug dat hij om 8 uur wel even langs kan komen. Het is nu half 8, dus 
over 20 minuten kan Matthias vertrekken. ͞Ben erg benieuwd wat er in het foldertje staat!͟ denkt 
Matthias. De 20 minuten vliegen voorbij en hij vertrekt op de fiets richting Michiel. Eenmaal 
aangekomen belt hij aan en Michiel doet de deur open. ͞Hey Michieltje!͟ zegt Matthias. ͞Hey 
Matthias! Kom binnen.͟ zegt Michiel en hij doet de deur weer dicht. Na even wat gedronken te 
hebben lopen ze naar de kamer van Michiel en pakken gelijk de vuurwerkfolder erbij. ͞Eindelijk weer 
een folder!͟ zegt Matthias enthousiast. ͞Ik heb er al even vlug doorheen gekeken en het ziet er 
allemaal weer mooi uit.͟ zegt Michiel als hij de folder openslaat. De jongens bewonderen de folder 
van voor naar achteren en hebben de grootste ideeën over wat ze willen gaan kopen. ͞Deze pijlen 
zijn vet! En deze pot neem ik ook!͟ zegt Michiel. ͞Ja die pot is wel vet ja, die ga ik ook halen!͟ zegt 
Matthias en hij bladert weer verder.   
 
2 uur later gaat Matthias weer naar huis. ͞Als jij ook een foldertje hebt, hoor ik het wel hè?͟ zegt 
Michiel. ͞Uiteraard! Jow!͟ zegt Matthias als hij op zijn fiets stapt. ͞Jow!͟ zegt Michiel nog. Onderweg 
komt Matthias de raarste dingen tegen. Er staat een hond te poepen tegen een lantaarnpaal, iemand 
glijdt weg met zijn fiets in de sneeuw en staat binnen 2 seconden weer rechtop en hij ziet nog een 
vrouw lopen in een t-shirt. ͞Die zal het koud hebben!͟ denkt Matthias. Het is rond het vriespunt die 
avond en het sneeuwt licht. Als Matthias thuis komt kijkt hij nog even op AVP en daarna neemt hij 
nog een lekkere oliebol. Zoals elk jaar op 30 november gaat Matthias nog even de film kijken van 
vorig jaar december. Hij pakt een lekkere zak chips en een glas cola en gaat er eens even goed voor 
zitten. Hij start het filmpje en neemt een slok cola. Hij geniet van de film en komt weer helemaal in 
de sfeer. ͞Wat is december toch een mooie maand!͟ denkt hij. Het knalt lekker in zijn kamer en dat 
ontgaat ook Jon niet. ͞Dude, ik wil ook kijken!͟ zegt Jon als hij binnenkomt. Jon komt erbij zitten en 
samen kijken ze verder.  
 
Als de film is afgelopen gaat Jon weer naar zijn kamer. Matthias poetst zijn tanden nog even en gaat 
naar zijn bed. Hij kijkt op zijn telefoon en ziet dat het 1 voor 12 is. ͞Over 1 minuut is het december!͟ 
denkt hij en hij ziet de klok op 12 uur springen. ͞December, here we come!͟ zegt hij hardop. Voordat 
hij gaat slapen denkt hij nog eens terug aan vandaag. Aan de sneeuw die eindelijk weer gevallen is, 
het meisje achter de kassa die hem dacht te kennen, het jongetje dat vroeg of hij al vuurwerk had en 
natuurlijk dat hij de eerste vuurwerkfolder in zijn handen heeft gehad. Hij denkt nog eens terug aan 
dat meisje. ͞Hoe zou ze heten?͟ denkt hij. Hij beseft dat hij haar misschien wel leuk vindt, maar aan 
de andere kant kent hij haar helemaal niet. Buiten hoort hij opeens een enorme knal! Snel kijkt hij 
naar buiten of er nog wat te zien is, maar zoals zo vaak is het alweer voorbij. Matthias besluit maar te 
gaan slapen. 
 
De volgende dag moet Matthias helaas weer naar school. Gelukkig hoeft hij maar 4 uurtjes en dat 
vind hij niet zo heel erg. Matthias loopt naar beneden en pakt zijn spullen. Net als hij klaar is gaat de 
bel. ͞Dat zal Lennart zijn.͟ denkt hij en loopt naar de voordeur. ͞Hey Matt!͟ zegt Lennart. ͞Hey 
Lennart!͟ zegt Matthias en pakt zijn tas. ͞Ik pak m͛n fiets even en dan ben ik er zo.͟ zegt hij en doet 
de rits van zijn jas dicht. ͞Is prima!͟ zegt Lennart.  Even later fietsen de jongens naar het station waar 
Sven en Michiel al te wachten staan. ͞Hey jongens!͟"roept Sven van een afstandje. Lennart en 
Matthias zetten hun fietsen in de stalling en lopen naar Michiel en Sven toe. ͞Heeft de trein nog 
vertraging?͟ vraagt Lennart. ͞Volgens mij niet, heb net nog even op mijn telefoon gekeken.͟ zegt 
Michiel. Even later komt de trein er aangereden en stappen de jongens in. Sven en Lennart zijn ook 
helemaal blij dat het weer december is. ͞Ik heb al 2 vuurwerkfoldertjes!͟ zegt Sven enthousiast. ͞Ja? 
Ik heb nog helemaal niks!͟ zegt Matthias verbaasd. Lennart heeft ook nog niks binnen gekregen en 
de jongens spreken af om vanmiddag bij Sven langs te gaan om de folders te bekijken.
[-] De volgende 4 gebruikers zeggen bedankt oliebolcracker voor dit bericht:
  • Breeze, Coen, Frvinnie, Robin
Voeg bedankje toe Antwoord
  
  •  Vorige
  • 1
  • 2(current)
  • 3
  • 4
  • 5
  • ...
  • 10
  • Volgende 


Lijst met mogelijk verwante topics
Topic Auteur Reacties Weergaven Laatste bericht
Big Grin het grote ''3 woorden verhaal'' Palm Tree 2,157 78,622 05-11-2019 / 20:24
Laatste bericht: Fausto
Thumbs Up Mooie vrouwen topic afcajax 229 11,320 19-10-2019 / 21:48
Laatste bericht: Fausto
  Het nachtbrakers topic 2019! Open op 27, 28, 29 en 30 December Mjd 0 196 14-08-2019 / 18:38
Laatste bericht: Mjd
  Het grote kerst en oudjaar sfeer topic 2019/2020! Mjd 66 2,242 28-12-2018 / 04:21
Laatste bericht: Pyrokegel
  Het oliebollen topic! Mjd 26 2,753 15-12-2018 / 02:16
Laatste bericht: Pyrokegel
Exclamation Het voetbal topic! Mjd 16 911 13-12-2018 / 16:37
Laatste bericht: Pyrokegel
  Het grote show jouw auto/motor topic Rufes 21 3,259 18-12-2016 / 20:13
Laatste bericht: Rufes
  Mooie mannen topic Snakebite 13 1,841 13-12-2016 / 13:50
Laatste bericht: Snakebite

Ga naar locatie:


Gebruikers die dit topic lezen:
1 gast(en)

Het grote vuurwerkverhalen topic!51